Kool in Kiev, de vuilste voeten die ik ooit zag en een strafkamp (of toch niet?) in Zagorsk - nieuwe dia’s van professor Hammond

----------------

De derde serie gedigitaliseerde dia's van de Amerikaanse professor Thomas Hammond. En opnieuw zitten er beelden tussen waarvan locatie en datum (nog) niet zijn achterhaald. Je mag hopen dat de University of Virginia, waar de kleine drieduizend dia's liggen die Hammond maakte in de Sovjetunie, daar nog eens serieus werk van gaat maken. Of misschien zijn ze daar al mee bezig - dat zou verklaren waarom de collectie online niet te raadplegen is. De foto's die ik selecteerde (zie ook deel 1 en deel 2) heb ik bijeengesprokkeld op meerdere Russische sites. Aardig om daar de pogingen te zien om de beelden van locatie en datum te voorzien. Dat was bij de eerste twee foto's hier niet zo moeilijk. Die waren voorzien van het jaartal 1964 en het mag duidelijk zijn dat Hammond zich hier niet in Leningrad bevond.

------------

Jaroslavl (?), 1964 (?)

Waarna we overschakelen naar voorjaar dan wel zomer. Hieronder wordt gevoetbald op een binnenplaats van de universiteit op de Leninheuvels. Je houdt je hart vast voor die lampen ... En het jaartal? Hammond verbleef in Moskou in 1956, 1958, 1964, 1972 en 1975...


Hammond was ook in Centraal-Azië (1964: Boechara, Tasjkent, Samarkand), maar die foto's laat ik buiten beschouwing - op een paar uitzonderingen na, zoals deze van een voetbalwedstrijd. Ik weet niet welke teams hier tegen elkaar spelen en ook het stadion is mij onbekend. Met enig speurwerk is dat natuurlijk zo te achterhalen en (oudere) inwoners van de stad in kwestie herkennen het stadion ongetwijfeld meteen.   

-------------

Over de locatie van bovenstaande foto heerst onenigheid, maar Kiev krijgt de meeste stemmen. Over de markt hieronder is iedereen het eens: Kiev.

99.jpg

-------------

Waar en wanneer de drie foto's hierboven zijn genomen, weet ik niet. En dat geldt ook voor het tafereel hieronder. Een bijzonder beeld, of althans: ik kan me niet herinneren dat ik in de USSR ooit op straat kaartende vrouwen heb gezien. Een paar vuile voeten trouwens, bij die knul hierboven rechts, om u tegen te zeggen.

-------------

Bij de foto hierboven speelde mijn Russophobe inborst lelijk op. Een strafkamp!, dacht ik meteen. Uit de commentaren van Russen die vertrouwd zijn met de omgeving, begreep ik dat we hier te maken hebben met een broodfabriek in Zagorsk.
Dat is ook de locatie van deze dia:  

Om tot slot weer even terug te keren naar het Rode Plein in de winter.

Bij de foto hierboven dacht ik: die ken ik! Die staat op de omslag van De Russen van Hedrick Smith, het boek dat je in de vroege jaren van mijn studentenloopbaan - we hebben het ongeveer over 1976 - gelezen moest hebben. Maar ik had het mis.  

------------

Wordt vervolgd.
Deel 1, deel 2.

De gespiegelde tattoo op de hand van de bruidegom - en 26 Moskouse types uit de jaren 60

-----------------

Jaartal en locatie van deze foto  zijn mij niet bekend. Hij maakt deel uit van de fascinerende collectie dia’s van Thomas Hammond, de Amerikaanse professor die in de jaren vijftig, zestig en zeventig heel wat afreisde door de Sovjetunie en onderweg fotografeerde dat het een aard had. De dia’s zijn in het bezit van de University of Virginia, die ze gedigitaliseerd heeft. Daarbij is men niet altijd even secuur te werk gegaan – mogelijk een van de redenen waarom de collectie momenteel niet meer in zijn geheel online te bezichtigen is.

Bij een dia heb je altijd de kans dat je hem van de verkeerde kant bekijkt (en digitaliseert) en dat is bij dit bruidspaar gebeurd. Dat heb ik niet zelf ontdekt, die eer komt toe aan een andere blogger. Kijk even naar het stuur van de auto, dat zit aan de verkeerde kant. Hieronder klopt het wel, en dan is meteen ook de tatoeage op de hand van de bruidegom te lezen: ЛЮБИ МЕНЯ КАК Я ТЕБЯ (HOU VAN MIJ ZOALS IK VAN JOU). Ik vind dat niet zo’n vriendelijke boodschap, maar goed, gezien de criminele inslag die veel Russische tatoeages op handen en vingers hebben, denk ik dat de ouders van de bruid, toen zij de woorden hadden ontcijferd, opgelucht adem hebben gehaald. Of zou het juist de bruid zijn geweest – het zal wel niet, maar ik vind het een aardige gedachte ­– die het zinnetje bij wijze van permanente waarschuwing op de hand van haar aanstaande had laten zetten?


In deze tweede aflevering over de dia-collectie van Hammond laat ik verder vooral Moskouse types zien, of althans, types die hij in de straten van Moskou fotografeerde. Net als in het eerste deel valt ook hier op dat de professor regelmatig haastig te werk ging. Niet alles is scherp en ook wil er nog weleens een paar voeten buiten beeld vallen. Wilde hij onopgemerkt blijven? Was hij bang om de politie op zich af te krijgen? Dat overkwam hem in Riga, waar hij door een alerte burger erbij werd gelapt. Het verbaal dat dat opleverde werd door Hammond keurig gefotografeerd, waarover meer in een volgende aflevering. De volgende foto's (alle aanklikbaar) zijn uit 1964. 

Gezien de hoed en de camera in de hand van de dame, houd ik het erop dat dit echtpaar links Amerikaans is.


-----------------

 

Wordt vervolgd. 

Deel 1

De chaotische, fascinerende dia-collectie van professor Hammond - de USSR in de jaren 50, 60 en 70

-------------

Oeljanovsk (1975)

De University of Viriginia beschikt over een doos met een kleine 3.000 dia’s, gemaakt in de jaren vijftig, zestig en zeventig in de USSR. Ze werden nagelaten door Thomas Hammond (1920-1993), professor geschiedenis en Russische studies. Hammond was een formele man, die altijd keurig gekleed ging en dat ook van zijn studenten verwachtte. In zijn werkkamer was alles wat minder strikt. Een oud-student schrijft:  “The office was stuffed with papers and books, and had that slightly stale, musty smell of not having been aerated in a few months. There were piles of stuff everywhere. No air conditioner.” Het moet haast wel of ook die doos met dia’s heeft in die werkkamer gestaan. Het was in die doos in elk geval net zo rommelig als in die kamer. 

De dia’s bleken ongeordend en slechts zeer summier voorzien van gegevens. Jaartallen ontbraken in veel gevallen en ook wat de locaties betreft was het vaak gissen. De University of Virgina heeft de dia’s gedigitaliseerd. Als ik het goed begrijp, is de complete verzameling enige tijd online beschikbaar geweest, maar de linkjes die op verschillende Russische sites staan, doen het geen van alle meer. Dientengevolge is het sprokkelen geblazen, voor wie Hammonds foto’s wil bekijken. Ze staan verspreid over het net en her en der zijn enthousiaste Russen druk bezig geweest om jaartallen en locaties toe te voegen. Uiteindelijk heb ik er een stuk of honderd geselecteerd. Daar weer een selectie van krijgt u in drie of vier afleveringen op dit blog voorgeschoteld – of misschien zet ik ze er wel allemaal op.

Zagorsk (1964?) 

Een paar opmerkingen nog. Professor Hammond had een goed oog voor wat de moeite van het fotograferen waard was, maar hij was vervolgens in de meeste gevallen weer erg slordig (of gehaast: hij zal vaak onopgemerkt hebben willen blijven). Veel foto’s zijn onscherp of veel te donker. Ook de kwaliteit van de filmrolletjes lijkt nogal te verschillen. Dat is erg jammer, want met iets meer technische zorg en vooral ook aandacht voor compositie had hij menig dia naar een veel hoger plan kunnen tillen. Hoe dan ook, de collectie blijft fascinerend. Over Hammond als persoon en professor kunt u hier en hier meer lezen. En tenslotte, ik heb één grote schifting gemaakt: zijn foto’s uit Centraal-Azië blijven hier buiten beschouwing. Een groot aantal daarvan – misschien zijn ze het wel allemaal – vindt u hier.  

 Belangrijk ook: wat de juistheid van jaartallen en locaties betreft, geef ik geen garanties.    

Jaroslavl (1964). School nummer 70. Op het achterste rode spandoek staat: "Bescherm de vogels het hele jaar."

Dezelfde optocht. Ik weet niet wat dit voor mutsen zijn.

Jaroslavl, oversteek van de Wolga

Een washokje in de rivier de Troebezj, bij Pereslavl-Zalesski. (1964)

Links een medewerkster van de Spoorwegen. Een conductrice? Is haar kledij daarvoor niet te smoezelig?

Een slalomwedstrijd op de Leninheuvels in Moskou (1964). Deze foto steekt er qua scherpte en compositie bovenuit. 

Deelneemsters aan de skiwedstrijd, met op hun borst de stormvogel, het symbool van de sportvereniging Boerevestnik, voor studenten en docenten.

De binnenplaats van het universiteitsgebouw op de Leninheuvels.

Thomas Hammond voor het universiteitsgebouw op de Leninheuvels (op dezelfde dag als de skiwedstrijd?) en op zijn kamer daar.  

1956-1958. Locatie? 

Jaartal? Locatie?

Kiev. Hammond was daar in 1958 en 1972.

Fotografisch gezien zeker geen hoogtepunt, maar wat een fascinerend beeld. Hier, in Kiev, wordt een jongeman met naam en toenaam te kijk gezet. V.L. Pjatigorski blijkt een iets te groot enthousiasme aan te dag te leggen voor Westerse muziek en kledij. Om misverstanden te voorkomen staat zijn geboortejaar erbij (1940) en ook de naam en het adres van zijn werkgever: Gavrjoetsjas (een samentrekking, neem ik aan, van gravure en horloge) aan de Tsjkalovstraat 45. Iemand in Kiev, die kennelijk net zo geïntrigeerd was door deze karikatuur als ik, vond een foto van het bedrijfje. Het gedichtje meldt dat deze "gevoelige jongeling" alleen van import wil weten en voor het label "Made in USA" zijn vader en moeder nog zou verkopen. Hij werkte hier op de hoek:    

2093838_1000.jpg


Wordt vervolgd.

Ronaldo en de gebroeders Messi op een binnenplaats. Met een hoofdrol voor de Russische commentator en een bijrol voor Arjen Robben.

---------------------

cherdancev4.jpg

Ja, die bijrol van Robben, dat is eigenlijk het enige wat er mis is aan onderstaand filmpje. Hij komt even in beeld, in een blauw Chelsea-shirtje, maar zijn naam wordt niet genoemd. Ach, een kniesoor die daarop let, verder mag dit verslag van een wel heel bijzondere wedstrijd op een binnenplaats ergens in Jekaterinburg er zijn. Een verzameling sterren van heb ik jou daar, met onverwachte solidariteit tussen Spaanse en Catalaanse aartsrivalen en een optreden van een nog jonge Beckenbauer. Die er niks van bakt, wat ik verder niet erg vindt, want nou ja, 1974 en zo. Het verslag is minstens zo goed als de wedstrijd zelf, het wordt – terecht - verzorgd door een echte commentator: Georgi Tsjerdantsev. De complete vertaling staat onder het filmpje. 
 

Goedenavond, beste voetballiefhebbers. We zijn aanwezig bij een opmerkelijke wedstrijd.  Wereldsterren uit het voetbal, de beste voetballers die u zich maar kunt indenken, zijn hier bijeen op dit veldje.

0.12 -  Messi, Cristiano Ronaldo, Kaka, Boelykin en ook een geheimzinnige speler van het Russisch elftal. Wie zou dat kunnen zijn? Eerlijk gezegd, hij is nog niet te zien. Misschien is het Zjyrkov, misschien Arsjavin, we zullen zien.

0.24 – De bal ligt in het midden. De wedstrijd is begonnen. Geweldige techniek laten de broers Messi zien.

0.33 – Gevaar bij het doel van het Rechterelftal. Oppassen! Was die bal nou over de lijn of niet? Kijken wat de scheidsrechter zegt. Ja dat is een doelpunt. De keeper pakt de bal uit het doel, dus de score is geopend.

0.45 – Nog een gevaarlijk moment voor het doel van het Rechterteam. Boelykin! Zulke kansen moet je benutten. Boelykin in een spagaat, bijna werkte hij de bal in het doel. Kennelijk is hij daarbij geblesseerd geraakt.

0.57 – Strompelend komt Boelykin weer het veld op. En ik geloof dat hij wraak wil nemen op zijn belager, maar de speler van Real Madrid had hier helemaal niks mee te maken. Die doet ook niet aan voetbal, maar aan karate.

1.05 – Een vriendje komt het veld op. Onduidelijk voor wie die speelt, misschien is hij neutraal. Misschien speelt hij voor het Rechterteam. Hij rukt knap op langs de zijkant, wil passen! Hij pakt de bal af en rent … het veld uit.

1.21 – De bal moet ingegooid worden bij de zijlijn. Nee, er wordt niet gestopt, de scheidsrechter laat doorspelen.

1.25 – Hoeveel het staat is volledig onduidelijk. De wedstrijd gaat door. Beckenbauer, pak de bal! Beckenbauer, schaam je! Een enorme blunder van de keeper.

1.36 – Real Madrid en Barcelona omhelzen elkaar. Dat zie je alleen maar bij onze bijzondere wedstrijd.

1.44 – En meteen het antwoord van het Rechterteam. Die moet zitten! Messi! Schot in de kruising, 1-1!

1.49 – Geweldig actie van de kleinste Messi ter wereld. Hij scoort en de stand is 1-1. De doelman rent uit z’n doel, schiet de bal naar de andere helft van het veld. Wat gebeurt er, de bal gaat het veld uit … Remmen!

2.04 – Messi, Messi, beetje voorzichtig met veteraan Beckenbauer. Je moet eerbied hebben voor oude mensen.

2.10 – En nog een aanval. Boelykin verovert de bal…

2.14 -  … en Petja moet thuis komen. Kijk nou wat er gebeurt. De eigenaar van de leren bal, Petja Bufonneke, pakt die bal en rent op volle snelheid naar huis. Wat een droefenis! Hoe kan je nou voetballen zonder bal – onmogelijk. Helaas, de wedstrijd is afgelopen. Het Rechterteam heeft met 2-1 gewonnen. We hebben gekeken naar een geweldige wedstrijd. Dit was Georgi Tsjerdantsev, ik ga een bord pelmeni eten.

Tot slot nog een quizzvraagje: wat betekent de voetbaluitdrukking игра в стенку? Binnenkort het antwoord. (Wie googelt mag nooit meer meedoen.)

Raspoetin op de Oosterschelde, of: de Russische literatuur onder Gorbatsjov - van duizelingwekkende hoop naar desillusie.

-----------------

Een boekwinkel in Moskou, 1982.

Het was voor de Russische literaire wereld een bijna bizarre periode, de tweede helft van de jaren tachtig van de vorige eeuw. Terwijl de ene na de andere barrière werd geslecht – doodgezwegen schrijvers werden (al dan niet postuum) weer gedrukt, verboden teksten en thema’s mochten plots weer, de oplagen van de literaire tijdschriften rezen de pan uit – functioneerden de Sovjet-structuren nog gewoon alsof er niks aan de hand was: de schrijversbond met zijn secretariaat en congressen, het Centraal Comité van de partij met z’n cultuurafdeling, de censuur … En de enige uitgeverijen die er waren, waren gewoon nog van de staat.

Ik las me in die tijd een slag in de rondte om alles bij te houden – wat uiteraard niet lukte. Ik spelde  op mijn kamer in Utrecht, onder de rook van de Dom, de Literatoernaja Gazeta en Ogonjok, die keurig per post werden bezorgd. En op het Oost-Europa Instituut aan de Amsterdamse Nieuwe Hoogstraat kopieerde ik pagina na pagina uit Novi Mir, Droezjba Narodov, Zvezda en die andere literaire tijdschriften, die ook daar keurig werden bezorgd.

Ik moet in die jaren het een en ander hebben gelezen van Natalja Ivanova, die naast haar redacteurswerk voor onder meer Droezjba Narodov, stukken schreef voor Ogonjok. Van haar verscheen nu het boek Такова литературная жизнь (Zo is het literaire leven), waarin ze de ontwikkelingen van de Russische literatuur in de jaren 1985-1999 op een rijtje zet. Ze doet dat, al is het een terugblik, van binnenuit. Niet alleen was ze zelf werkzaam in de literaire wereld, ze was ook de schoondochter van Anatoli Rybakov, die met Kinderen van de Arbat een van de grote hits van de perestrojka schreef. Ivanova beschrijft de dagelijkse gang van zaken op de redactie van een literair tijdschrift. Op zich al interessant, maar het boeiendst is toch dat deel van haar boek waarin ze jaar voor jaar de literaire ontwikkelingen op een rijtje zet; tijdens de hoopgevende Gorbatsjov-jaren en de ontnuchterende jaren die volgden onder Boris Jeltsin. Bij elkaar levert dat een uitstekend handvat op voor wie geïnteresseerd is in de literatuurgeschiedenis van Rusland in het laatste kwart van de vorige eeuw.   

In 1982 studeerde ik af en ik mocht mij officieel slavist noemen. Wie had toen kunnen denken dat ik mijzelf een paar jaar later zou terugvinden met vooraanstaande Russische schrijvers (onder hen Valentin Raspoetin en Boris Mozjajev - literaire mastodonten) op een boot bij de Stormvloedkering in de Oosterschelde. “Het Westen opende zich voor de Russische schrijvers”, aldus Ivanova. “Schrijvers braken naar buiten richting slavisten, de slavisten zagen hun ‘helden’ in levende lijve.” Het uitstapje naar Zeeland was onderdeel van een conferentie, georganiseerd door professor Marius Broekmeyer en is een van mijn leukste ‘literaire’ herinneringen. Ja, de deuren in Rusland gingen open, naar het Westen en vooral naar het eigen Sovjet-verleden. Een literaire waterval was op gang gekomen, die – en er was ook niemand die dát toen had kunnen denken – binnen een paar jaar zozeer aan kracht verloor dat er nog maar weinig druppels opspatten. De Russische literatuur dreef weg naar de rand van de samenleving.  

Ik werkte me in die jaren door boeken heen van Ajtmatov (Het beulsblok), Doedintsev (Witte jassen), Rybakov, Pristavkin (Een gouden wolkje ging logeren) en nog zo wat schrijvers, waarvan de namen me niet meer te binnen willen schieten. Dat laatste ligt – gelooft u mij – niet aan mijn geheugen. Het waren bepaald niet altijd literaire kwaliteiten die boeken uit die tijd een plek op de voorgrond opleverden. De hongerige lezers wachtten op onthullingen, op de waarheid over het Sovjet-verleden, of wilde eigentijdse problemen aangekaart zien – en zij werden op hun wenken bediend. Ajtmatov schreef in Het beulsblok over drugskoeriers en drugslijnen binnen de USSR. Nou, dat was wat! Ik schreef erover in de Volkskrant en liet daarbij onvermeld dat het boek verder nogal taaie kost was. Wie in Rusland de kwaliteiten van een dergelijk boek in twijfel trok, kreeg daar de wind van voren. Ivanova: “Een zuiver esthetische benadering werd beschouwd als een conservatief streven om de vooruitgang tegen te houden.” Van de nieuwe boeken die ik indertijd las, staat alleen Pristavkins Een gouden wolkje ging logeren mij nog bij als een ook in literair opzicht geslaagde behandeling van een beladen thema (de deportatie door Stalin van de Tsjetsjenen in 1944). 

Novi mir, nummer 8 - 1988, met onder meer Aleksandr Solzjenitsyns Goelag Archipel

De levende schrijvers stonden in de schaduw van voorgangers die weer gedrukt mochten worden. Goemiljov, Mandelsjtam, Achmatova, Boelgakov, Pasternak – vooral zulke namen waren het die de oplagen van de literaire tijdschriften opstuwden tot duizelingwekkende hoogten. In de bibliotheken kon je maanden wachten voor je een begeerd nummer in handen kreeg. Deze “feestmaaltijd van het lezen” (Ivanova) duurde drie, vier jaar, daarna droogde de bron op en de oplages duikelden weer even hard omlaag. De ontnuchtering was groot en de vragen die gesteld werden (opgeroepen door de zo verlangde vrijheid van het woord) waren pijnlijk. Rond 1991 werd duidelijk dat de strijd met de censuur plaats had gemaakt voor een economisch gevecht: schrijvers en tijdschriften moesten simpelweg financieel zien te overleven. En wat was nog de rol van de literatuur, in een land waar een dichter altijd meer was geweest dan een dichter? Ivanova: “Zou literatuur nog slechts een artistieke schepping zijn of zou zij haar grootse, geestelijke (lesgevende, voorlichtende, profetische) traditie voortzetten?”      

Vooralsnog luidde het antwoord negatief. De literaire wereld was verdeeld geraakt in kampen. Liberale, Westersgezinde schrijvers stonden lijnrecht tegenover nationalisten en patriotten, wier kolonnes lang niet alleen bestonden uit leden van de oude Sovjet-elite. En terwijl men elkaar verketterde, verloor de lezer zijn belangstelling. Niet alleen raakte de bron van voorheen verboden schrijvers en teksten opgedroogd, de reikwijdte van de literatuur nam ook af: sociologie liet men aan de sociologen, politiek aan de politici en voor informatie over zichzelf (en voor vermaak) wendde de maatschappij zich tot de ‘gewone’ media. Er was, in de woorden van dichter Jevtoesjenko, "een censuur van onverschilligheid" gekomen. Voor de schrijvers – en ook een literair redacteur als Ivanova - die een bijna heilig geloof hadden gehad in de leidende kracht van de Russische literatuur, kwam deze marginalisering hard aan. “ (…) bij het huidige besef van verloren illusies, is het pijnlijk triest om terug te denken aan hoe we werden meegesleept door vergeefse hoop.”  

---------------

We zijn jaren verder. De literaire tijdschriften bestaan nog steeds en vervullen hun rol in de Russische literatuur – al is die rol in alle opzichten kleiner dan in de jaren tachtig. Publicatie in zo’n tijdschrift geldt nog steeds als kwaliteitsstempel. En nog steeds verschijnen er literaire werken (nu bij ‘gewone’ uitgeverijen) die bij literatuurliefhebbers voor opwinding zorgen – ik schrijf er af en toe over op dit blog. Wat zou het leuk zijn als er over een jaar of tien weer een boek verschijnt als dat van Ivanova, maar dan over de Russische literatuur in het eerste kwart van de 21ste eeuw; een terugblik ook op nog eens 25 jaar van mijn eigen lezersleven.

Enkele vermaarde literaire tijdschriften die wisten te overleven

"Een Russisch Pompeï." Een wandeling langs en door de foto's van Prokoedin-Gorski.

------------

Ik moet even iets rechtzetten, met erg veel spijt. Een paar dagen geleden meldde ik op Twitter (u kunt mij nog volgen) en Facebook een beetje opgewonden dat er nog iemand in leven was die ooit door de legendarische fotograaf Prokoedin-Gorski op de foto was gezet … Helaas, dat klopt niet.

Documentaire-maker Leonid Parfjonov zette onlangs zijn film Kleur van het land *) op YouTube. Meteen schoof ik alles terzijde en ging ongeduldig op zoek naar nieuwe mooie plaatjes uit die enorme voorraad die Prokoedin-Gorski ons heeft nagelaten. Hé, wacht even, wat zag ik daar!? Die twee oude mannen, die had ik eerder gezien, dat waren twee kleinzonen van Prokoedin-Gorski in Parijs. Maar liet een van hen nu een foto zien waar hij zelf op stond? Ja, dat was hij, als klein jochie in de buurt van de Franse hoofdstad, gefotografeerd toen de familie al lang en breed uit Rusland was vertrokken. Ik keek naar de datum waarop de film op YouTube was gezet (11 juni 2018) en concludeerde enigszins verhit: dan leeft die zoon vast nog!

Dat krijg je, wanneer je in je haast niet eerst even opzoekt wanneer die film is gemaakt (in 2013) en je ook nog de inleiding bij de film overslaat. Parfjonov vertelt daar in alle rust over de twee kleinzonen van Prokoedin-Gorski, en dat de oudste, de als jochie gefotografeerde Dmitri, in juni 2014 is overleden. Maar de film heeft hij wel gezien! En hij vond hem geweldig. Wat we dus hebben is iemand die op de foto is gezet door Prokoedin Gorski en daar op camera nog over heeft kunnen vertellen. Vind ik ook mooi.

Parfjonov noemt de collectie negatieven van Prokoedin-Gorski een "Russisch Pompei" dat aan het begin van deze eeuw is opgegraven. Bekijk de prachtige en pijnlijke film en u zult concluderen dat die vergelijking zo gek nog niet is. Hieronder noem ik enkele hoogtepunten. 

21.55. De brandweer van het plaatsje Vytegra.
24.00. Een kleine olietanker van de firma Nobel
29.00. De bemanning van de Sjeksna, een van de vervoermiddelen die Prokoedin-Gorski gebruikte.
29.40. Parfjonov loopt even langs bij een groepje dat aan het hooien is. Inderdaad, Pompeï…

30.29. En dan de drie meisjes met de bessen, een van de bekendste werken van Prodkoedin-Gorski.  

32.10. Kleinzoon Dmitri en ‘zijn’ foto. Met in zwartwit het aapje, nog in Sint-Petersburg.

34.20. En daar zijn de negatieven, in de Library of Congress in Washington. Het zijn er zo’n negentienhonderd, een derde van het werk van Prokoedin-Gorski. De rest bleef achter in Rusland en daar is nooit een spoor van teruggevonden.

43.33. Georgische theepluksters met hun Chinese baas.
47.50. Zelfportret van Prokoedin-Gorski. Let op, linksboven staat op een rots geschreven: Elise. Meer dan honderd jaar later zijn de letters nog vaag aanwezig. Parfjonov schrijft de naam opnieuw op de rots, met krijt.

59.02. Ach, de Lutherse kerk in Sint-Petersburg… (Van deze foto is het negatief niet bewaard gebleven.)
1.01.10. Dat geldt ook voor het negatief van het portret van Lev Tolstoj, vermoedelijk de meest gereproduceerde foto uit de collectie van Prokoedin-Gorski.
1.01.50. De laan in het park waar die foto is gemaakt.

1.12.00. Kleurenfoto’s van de Wereldtentoonstelling van 1937 in Parijs, werk van de twee zonen van Prokoedin-Gorski.
1.17.44. Het contract uit 1948 van de verkoop (à 3.500 dollar) van de negatieven aan de Library of Congress.

1.23.50 … Какая боль … (Bij Belozersk.)

----------

Ik schreef al eerder over Prokoedin-Gorski: hier, hier en hier. (Ik moet nog even nalopen of ik overal zijn naam wel op dezelfde manier heb geschreven.)

*) De Russische titel luidt Цвет нации. Het eerste woord betekent zowel kleur als finefleur/het puikje, het tweede betekent natie. Een voor de hand liggende vertaling lijkt dan: De bloem der natie, maar daarmee verdwijnt meteen het onderwerp van de film uit beeld: de kleuren van de foto’s.     

En plots komt Paustovski voorbij, in de tram, in kleur, in het Moskou van 1956.

----------------

Ik had de documentaire weleens voorbij zien komen: Over Moskou en de Moskovieten (О Москве и Москвичах), uit 1956. Nogal oubollig, vanuit het heden gezien, grotendeels geënsceneerd, maar wel een prachtig tijdsbeeld en leuk om doorheen te spoelen. Alleen al die oude auto’s over die nog zo lege wegen! Het optimisme, elf jaar na de oorlog, drie jaar na Stalins dood! Alles zou nu alleen maar beter worden.

De hele documentaire heb ik nooit bekeken, maar ik stuitte op ruwe opnamen, en die heb ik wel vrij aandachtig bestudeerd. Wat wil je – ik kwam in het eerste fragment meteen al Konstantin Paustovski tegen, in kleur! Die beelden had ik nergens eerder gezien. De in Nederland geliefde schrijver (is er van een andere Sovjetschrijver meer in het Nederlands vertaald dan van hem?) maakt een ritje in de tram, praat wat met de conductrice en kijkt eens een beetje naar wat er op straat aan hem voorbij trekt. Je denkt dan meteen: zou hij dat gaan gebruiken voor een volgend boek?

Alle fragmenten hier zijn zonder geluid. De uiteindelijke versie, met geluid, vindt u onderaan. De film toont het leven van allerlei Moskovieten, van straatveger tot balletdanser, van bouwvakker tot intellectueel. Was de filmploeg met je op stap geweest, dan vormde dat nog geen garantie dat je ook in de film belandde. Zo zijn de opnamen met Paustovski uiteindelijk niet gebruikt. De reden daarvoor weet ik niet. Paste het gewoon niet in het script? Was er een ideologische achtergrond? Paustovski was geen kritiekloze meeloper (zie een recente column van Michel Krielaars in NRC Handelsblad) – speelde dat een rol? Hoe dan ook, Paustovski komt hieronder in beeld vanaf 1.43, eerst nog even in een auto, en daarna weer vanaf 2.28. (De grijze persoon die de eerste anderhalve minuut in beeld komt, is de schrijver Fjodor Gladkov.)              

----------------

De ruwe beelden voor de documentaire zijn in handzame brokjes beschikbaar, met beschrijving in het Russisch. Hieronder een selectie.
 

Het fascinerendste beeld van alles zijn misschien wel de mensen die aan het begin van bovenstaande opnames in de rij staan om hun naam laten noteren voor een nieuwe auto. Hoelang moesten ze daarna nog wachten? Ook dit heeft de eindversie van de documentaire niet gehaald. Dat er personenauto’s beschikbaar kwamen, paste wel in het beeld van vooruitgang, maar misschien wierp die lange rij toch iets te zeer een schaduw over het optimisme waarvan de film is doordrenkt. En aan het einde, die scholieren op het Rode Plein na hun eindexamen! Ik had graag willen zeggen dat onderstaand schilderij van Maj Dantsig dezelfde dag weergeeft, maar het dateert van twee jaar later. Nou, misschien maakte hij die avond in 1956 wel de eerste schetsen. Zolang het tegendeel niet bewezen is, ga ik daar mooi vanuit.  

-------------

Viervoudig olympisch turnkampioen Valentin Moeratov met echtgenote Sofja, tweevoudig olympisch kampioene. De clown die vanaf 1.12 in beeld komt is natuurlijk niet, zoals ik in de beschrijving las, mijn oud-collega Oleg Popov, maar Karandasj. Vanaf 3.20 onderneemt die enkele dieronvriendelijke pogingen om een zwijn te dresseren.
 

Franse piloten bij een ceremonie ter nagedachtenis aan het Squadron Normandië-Niemen, dat tijdens de oorlog in Rusland was gestationeerd. Vanaf 2.10 de Amerikaanse ingenieur George Morgan, die twintig jaar eerder betrokken was bij de bouw van de Moskouse metro. (Fraaie straatbeelden!) De man die op 6.44 op de Leninheuvels uit zijn tentje kruipt, is de Franse journalist André Orlon (Андре Орлон).   
 

Beter kon de vooruitgang niet geïllustreerd worden: bewoners van een oud houten huis verhuizen naar een modern flatje om de hoek. Nog eenmaal gaan ze samen met elkaar op de foto. Die foto, dat zou een mooi begin zijn geweest van een andere documentaire: hoe verging het hun de jaren erna?  

---------------------

De wijk Tsjerkizovo. Stadsuitbreiding.

---------------

En voor wie het leuk vindt om allerlei oude auto's (ik heb daar geen verstand van) over Moskouse kinderkopjes te zien rijden (vanaf 4.00): 

-----------

Hier de uiteindelijke versie. De inleiding (tot aan 4.50) kunt u rustig overslaan: