sport

De stadionramp in Chabarovsk: trieste kopie van de tragedie bij Spartak Moskou - Haarlem

————————

De oosttribune in 1981. Rechts bij de orde cirkel bevond zich de noodlottige trap.

Ze vonden kort na elkaar plaats, in 1982, en de overeenkomsten zijn beklemmend: de ramp in het Leninstadion van Moskou en die in het Leninstadion van Chabarovsk een maand later. Bij de eerste, in Moskou, kwamen 66 supporters om het leven kwamen. De ramp werd goeddeels stilgehouden.  Was er ruchtbaarheid aan gegeven, dan was de tweede, in Chabarovsk, met 18 slachtoffers, misschien wel  nooit gebeurd.  

Bij de voetbalwedstrijd tussen Spartak Moskou en Haarlem vielen de doden in het gedrang dat kort voor het einde van de wedstrijd ontstond op een trap van de tribune. Er waren uitgangen afgesloten, te veel mensen hoopten samen en toen supporters uitgleden op de verijsde treden, was er geen houden meer aan. Het afgrijselijke scenario herhaalde zich op 20 november, zeven tijdzones naar het oosten, in Chabarovsk, in het stadion daar met dezelfde naam als dat in Moskou.

Op de avond van die koude dag – het vroor 20 graden ­– werd in de openlucht voor volgepakte tribunes een bandy-wedstrijd gespeeld tussen het lokale SKA en Zorki uit Moskou. Bandy (ijshockey met een bal) heeft sindsdien veel aan populariteit ingeboet, maar trok in de vroege jaren tachtig regelmatig volle stadions. Op het duel tussen SKA en Zorki, de nummers nummers 2 en 3 van het seizoen ervoor, waren 18.000 man afgekomen. Vermoedelijk waren dat er in de tweede helft meer – in de rust was het simpel om zonder kaartje binnen te komen. 

Het Leninstadion. De trap, zichtbaar bij de bovenste rechterpunt van de tribune, bij de rechterlichtmast, is na de ramp aangepast.

Een jaar eerder was het Leninstadion, gelegen aan de rivier de Amoer, gerenoveerd voor het WK bandy. De trap aan de rechterzijde van de oosttribune was daarbij aan de onderkant versmald, waardoor een soort trechter was gevormd. Enkele uitgangen waren afgesloten en tegen het einde van de wedstrijd dromden te veel supporters samen aan de bovenkant van de spekgladde trap. En toen ging het mis. Net als een maand eerder in het Moskouse Leninstadion gleden mensen uit en was er geen houden meer aan. Aan de chaos kan hebben bijgedragen dat menig supporter een slok op had. Drank in de vrieskou was bij bandy een gebruikelijk verschijnsel en zeker op de ‘proletarische‘ oosttribune, bekend om zijn roerige sfeer, zal aardig wat ingenomen zijn. Ooggetuigen zeggen dat agenten loerden op dronken toeschouwers en dat er onder aan de trap wagens klaarstonden om die af te voeren naar het ontnuchteringshuis. Bij de aanblik daarvan zouden supporters zijn omgekeerd, waardoor het gedrang zou zijn verergerd.

De ramp in Moskou, een maand eerder, werd door de voetballers van Spartak en Haarlem in het immense stadion niet opgemerkt. In Chabarovsk zagen de spelers wel wat er gebeurd was. Aleksandr Persjin van SKA vertelde jaren later aan het blad Sovetski Sport: ”Na de wedstrijd zaten we nog een tijdje in de kleedkamer. De stemming was opperbest na de moeilijke overwinning. Maar toen we de deur open hadden gedaan, waren we verbijsterd. De gang lag vol mensen. Sommigen kreunden, anderen gaven geen teken van leven. Beide teamartsen schoten het ambulancepersoneel te hulp en probeerden de slachtoffers te helpen.”

Drie dagen later verscheen er een summier berichtje in de lokale krant Ster van de Stille Oceaan: “20 november heeft zich na een hockeywedstrijd in het V.I. Leninstadion van Chabarovsk bij het vertrek van de toeschouwers ten gevolge van een verstoring van de bewegingsrichting een ongeluk voorgedaan. Er zijn slachtoffers. Er is een onderzoek gaande naar de omstandigheden van het voorval.” Op een vergelijkbare manier was er een maand eerder in Moskou bericht over de ramp in het Leninstadion daar. Dat de autoriteiten in en rond het stadion van Chabarovsk op de hoogte waren van wat zich in de Russische hoofdstad had afgespeeld, is niet waarschijnlijk. De precieze toedracht zal men zeker niet hebben gekend. Was dat wel het geval geweest, bijvoorbeeld door uitgebreidere berichtgeving, dan had men misschien nog eens naar de uitgangen en die trap bij de eigen oosttribune gekeken.

Na de Moskouse ramp werden enkele verantwoordelijken gestraft. Het juridisch onderzoek in Chabarovsk werd afgesloten zonder dat er verantwoordelijken werden aangewezen. Toen er openlijk over de ramp kon worden gesproken, werd bij de oosttribune een plaquette aangebracht met de namen van de achttien slachtoffers. Vorig jaar was ik in Chabarovsk en liep ik rond het stadion, waar tegenwoordig alleen nog wordt gevoetbald. Ik zag er mooie standbeelden uit de jaren vijftig. De plaquette heb ik niet gezien, ik heb er niet naar gezocht, want ik wist niet van de tragedie af.

Het Leninstadion in 2017. Het bord rechts vermeldt de gedragsregels voor het publiek.

Twee korte filmpjes over de tragedie van 1982:

Het is volbracht. In Samara nam ik plaats op de vip-tribune van het Dinamo stadion. (En ging ik ook die kerk binnen.)

---------------

De Pokrovski kathedraal voor de renovering.

Het is volbracht. Ik nam plaats op de vip-tribune van het nog net niet volledig vervallen Dinamo stadion van Samara. Daarmee deed ik een belofte gestand uit twee eerdere stukjes (zie hier en hier) en was de belangrijkste opdracht voor mijn reis naar Nizjni Novgorod, Kazan en Samara uitgevoerd. 

Het enige wat een beetje knaagt: het ging alles bij elkaar wel érg makkelijk. Ik had me met enige voorpret voorbereid op een dicht hek en een moeizame discussie met een verveelde bewaker, die ik dan uiteindelijk zou winnen, maar niets van dat alles: de deur van het gebouw aan de Lev Tolstojstraat stond open en de vrouw die binnen de boel bestierde, wees me meteen de weg naar het veld: die trap af en dan naar rechts.

De lokale elite op de vip-tribune ...

... en uw verslaggever.

En daar stond ik dan, in het Dinamo stadion, gebouwd met Duitse krijgsgevangen, waar bij de openingswedstrijd op 3 september 1948 zo'n 20.000 toeschouwers zagen hoe de lokale trots Krylja Sovetov (Vleugels van de Sovjets) Dinamo Kiev met 1-0 versloeg. Er waren wat jonge atleten aan het trainen, een eind verderop stond een eenzame figuur - ik vermoed een bokser - touwtje te springen. 

Toen ik vorig jaar besloot dat ik plaats zou gaan nemen op de vip-tribune, waren er plannen voor een renovatie van het stadion. Of die er nog steeds zijn, weet ik niet, maar wat ik zag, deed me vermoeden dat hier geen redden meer aan is. ‘Vergane glorie’, zelfs daar doe je het historische bouwsel (ooit het belangrijkste stadion van de stad) te veel eer mee aan. Mijn hemel, die blauw-witte vip-tribune waar ik op oude foto’s verliefd op was geworden … Van een afstandje lijkt het misschien van steen allemaal, maar niks hoor. Het zijn dakplaten die de boel bijeenhouden. Ik wilde er graag nog wat nostalgie bij voelen, maar zelfs dat lukte niet meer.

Het oude hoofdgebouw aan de korte zijde (tegenover de ingang aan de Lev Tolstojstraat) zag er - ook van een afstandje - goed uit, maar dat ging dan weer grotendeels schuil achter een schutting. Het lijkt gerenoveerd. Zou er van binnen ook wat aan gedaan zijn? En heeft die kop van Lenin daar altijd gezeten? Of was dat eerst Stalin? En waar is die klok dan gebleven?  

Het hoofdgebouw in vroeger tijden met de klok boven op het puntdak.

Het hoofdgebouw achter de schutting ...

... met Lenin waar ooit de klok zat.

De toegangspoort aan de Lev Tolstojstraat heeft nog allure ...


.... de achterkant van de vip-tribune niet meer.


Ik ging - ik moest er eerst het stadion weer voor uit - maar eens een kijkje nemen bij de Pokrovski kathedraal, aan dezelfde korte zijde van het veld, die - jazeker - gerenoveerd wordt. De mooie koepels, te zien op de foto boven aan dit stukje, gingen schuil achter hout. De kathedraal stond er al lang, toen in 1947, zo’n beetje in de voortuin, het stadion werd aangelegd. Ergens moest hier het familiegraf zijn van de Sjichobalovs, kooplieden die, ver voor de revolutie, de bouw van de kathedraal mogelijk hadden gemaakt. Ik vond het - ook weer zonder enige moeite - drie meter bij de ingang van het kerkwinkeltje vandaan.

In de kerk was een dienst gaande. Vrouwen met hoofddoeken stonden her en der als kleine eilandjes verspreid over de ruimte. Er klonk een koor en telkens op een bepaald moment in de tekst - voor mij volledig onvoorspelbaar - sloegen de vrouwen (en een enkele man) een kruis. Mijn blik viel op een jonge vrouw met de gestalte van een hoogspringster. Waar anderen bij het slaan van weer een kruis een beetje vooroverbogen, raakte zij hups, zo uit stand, met de drie vingers de punt van haar schoen aan. Ik kreeg het vermoeden dat zij zo uit de kleedkamer van het stadion ernaast naar de dienst was gekomen. Of misschien was dit wel haar voorbereiding op de training. Toen ik weer buiten stond, viel het me plots op dat de kerkgebouwen blauw-wit waren geschilderd, de kleuren van Dinamo - maar dat zal toeval zijn.  

Het winkeltje. Het koepeltje is op de foto bovenaan nog net rechts zichtbaar. 
Op het graf staat:
KERKBOUWERS EN WELDOENERS VAN DE STAD SAMARA
ANTONI, JEMELIAN, MICHEJ, MATVEJ SJICHOBALOV

Krylja Sovetov promoveert in het nieuwe WK-stadion van Samara en ik grijp naast zangeres Jolka.

-------------------

elka.jpg


En ook Jolka zou nog optreden, meteen na afloop van de wedstrijd! De zangeres die ooit zo’n aardige taalkundige bijdrage leverde aan dit weblog. De zangeres ook van het enige eigentijdse Russische popliedje waar ik een paar regeltjes van kan meezingen. 

Jolka was natuurlijk niet de hoofdmoot van de middag, dat was de wedstrijd Krylja Sovetov- Koeban Krasnodar. Ik probeer in de Russische provincie altijd een wedstrijdje mee te pikken, maar dit duel was bijzonder. Het was de eerste echte testwedstrijd van het nieuwe WK-stadion in Samara en bovendien kon Krylja promotie naar de hoogste afdeling bewerkstelligen. Tot mijn verbazing bleken na mijn aankomst in Samara alle 40.000 kaartjes al verkocht, en dat voor een wedstrijd op het tweede Russische niveau, zeg maar: de Russische Jupiler League. (Op dezelfde dag trok Olimpijets-Loetsj Energija in Nizjni Novgorod - ook in de Jupiler League en ook in zo’n fonkelnieuw WK-stadion - 42.100 toeschouwers. Je mag hopen dat al die mensen ook na het WK nog komen opdagen, dan staan die stadions er tenminste niet voor niks.)

Het was nog een hele expeditie naar de Samara Arena. De toegangswegen zouden worden afgesloten, had ik gelezen, vanuit de stad zouden speciale trams en bussen worden ingezet. Ik dacht: ik neem de taxi en ga het laatste stukje wel lopen. Ik kreeg het licht benauwd, toen na een half uur rijden het stadion nog niet in zicht was. Ik had op de kaart gezien dat het aardig ver weg lag, maar was dit niet een beetje overdreven? En wat zou dan dat ‘laatste stukje’ worden dat ik nog moest lopen? De eerste afslag richting stadion was inderdaad dicht. Ik probeer het wel aan de andere kant, zei de taxi-chauffeur, die niks met voetbal had. Dat bleek een afstand te zijn van ongeveer Bussum naar Hilversum, maar gelukkig, bij de volgende (afgesloten) afslag liepen al aardig wat mensen die wel de tram hadden genomen. Ik sloot me bij hen aan. Nu nog een kaartje.

Dat lukte pas na een half uurtje, toen ik na een flink aantal vergeefse pogingen (ik begon het weer licht benauwd te krijgen) twee jongens vroeg of zij dan misschien een ‘lisjnii bilet’ hadden. Dat hadden ze en ze vroegen er 600 roebel voor (minder dan een tientje) - 200 roebel meer dan het duurste kaartje. Ik vond het prima en rekende af. Even later zag ik op het kaartje staan: “Uitnodiging” en “Niet voor verkoop”, dus die twee jongens maakten een aardige winst. Ze waarschuwden me nog toen ik in mijn blijdschap bijna betaalde met een briefje van 100 roebel en 5.000 roebel. Aardige lui. Hier hebt u ze.

Er moet nog wel wat gebeuren, daar rond de Samara Arena, qua bouwrommel, uítstekende putdeksels en nog niet ingezaaide bloembedjes, maar dat komt allemaal wel goed. De controle was grondig, al werd mijn kaartje niet eenmaal ook elektronisch gecheckt. Er werd wel een hoekje van afgescheurd. Misschien was mijn kaartje-op-uitnodiging wel voor de vip-tribune, dacht ik, maar ik eindigde op de tweede ring. Prima plek, meer beenruimte dan in de Johan Cruijff Arena.

Krylja Sovetov won met 1-0, promoveerde naar de Premjer Liga, en toen kwam Jolka. De tribunes stroomden leeg, de supporters van Krylja Sovetov behoorden duidelijk niet tot de doelgroep. Ik ook niet echt, maar vanwege dat ene liedje (Provence, heet het) bleef ik toch nog maar even, net als zo’n vijf-, zesduizend anderen. Iedereen kon zich vrijelijk van vak naar vak begeven, door het hele stadion heen (in de JC-Arena gaat je dat niet lukken) en zo werd het op de tribune voor het podium - Jolka stond tussen de eerste en tweede ring lange zijde - nog best gezellig. Maar ja, wanneer kwam dat ene liedje nou? En hoe ging het ondertussen buiten bij die trams. Op een taxi rekenen leek me niet verstandig en ik voorzag nog lange wachttijden met veel gedrang. Misschien zou dat liedje wel helemaal niet komen? Ik besloot te vertrekken en kreeg meteen de rekening gepresenteerd.

Ik had nog geen stap gezet op het verse asfalt buiten, of daar klonk, nondeju, achter me uit het stadion het aanstekelijke intro van Provence. Als u bij onderstaand filmpje het geluid op tien zet en goed luistert, kunt er iets van meepikken. En dan gaat er ook nog iemand met een megafoon doorheen tetteren, maar het was allemaal mijn eigen schuld.

Hier Jolka in volle glorie:


En hier het stadion. De tramreis naar huis was wat tijdrovend, maar verliep voorspoedig, zonder gedrang, met genoeglijk Russisch gekeuvel om me heen. 

Nederlandse schaatsers gingen in Leningrad motoren met zijspan achterna. Yep Kramer won.

--------------

------------------

Waar moesten ze nu weer eens naartoe, die Nederlandse marathonschaatsers, eind december 1990. Geen echt ijs in eigen land en overdekt baantjes draaien, daar is de lol ook een keer vanaf. Het werd Leningrad.

Gangmaker achter deze eerste (en bij mijn weten ook meteen laatste) internationale schaatsmarathon in Rusland was Dmitri Botsjkarov. De Rus, ooit tweede op het WK allround, maakte deel uit van het peloton en beschikte over de contacten om de organisatie rond te krijgen. Waarom zo’n wedstrijd in de Sovjetunie? Om het marathonschaatsen ook daar op de kaart te zetten, aldus Botsjkarov. Een nobel streven, al zou het goed kunnen dat de schaatser, die ook al in zaken zat, een dergelijk evenement tevens zag als een prima gelegenheid om zijn commerciële (sponsor)contacten aan te halen.

“Internationaal” was de wedstrijd nauwelijks te noemen, het bescheiden pelotonnetje bestond voornamelijk uit Nederlanders – al zaten daar meteen wel de toppers uit die tijd bij: Evert van Benthem, Yep Kramer, Richard van Kempen, Henri Ruitenberg, om maar eens wat illustere namen te noemen.

Er bestaat een achttien minuten durend filmpje van de reis en de wedstrijd, ongemonteerd materiaal, zo te zien. Het is de tijd van de actie Help de Russen de winter door, en ook de schaatsers tonen zich van hun gulle kant. Bij een bezoek aan een gevangenis met jonge moeders worden potjes Olvarit uitgedeeld. Leningrad ligt er niet op haar best bij. Het vriest net wel, net niet, verse sneeuw ontbreekt. Een winkelbezoekje stemt ook al niet vrolijk, de lijzige stem van de verslaggever maakt het er ook niet beter op.

Maar gelukkig kan er geschaatst worden! Op een wielerbaan, wordt er gezegd, maar dat is onzin. Het parcours is een opgespoten, openbare weg rond het oude Kirov stadion, waar ongetwijfeld ook weleens wielerwedstrijden werden gehouden (in elk geval ook motorwedstrijden, waarover zo meteen meer.) Zo enorm lang geleden is het allemaal niet, maar het zijn inmiddels historische beelden.

Het prachtige stadion heeft plaatsgemaakt voor een modern ruimteschip, waar FC Zenit tegenwoordig zijn thuiswedstrijden afwerkt en waar deze zomer ook WK-wedstrijden plaats gaan vinden. De fraaie beelden uit de lucht laten nog maar eens zien dat de vooruitgang duur wordt betaald.

Het oude, betreurde Kirov stadion

Yep Kramer (voor mijn jonge lezers zeg ik er maar even bij: dat is de vader van Sven Kramer) wint de wedstrijd. In de bloedstollende finale gaan hij en medevluchter Edward Hagen in de allerlaatste bocht nog gebroederlijk onderuit, maar veel maakte dat niet uit. Kramer had als betere sprinter van de twee toch wel gewonnen.

En bij dat alles stuitte ik nog op hele mooie beelden van een motorwedstrijd, over (deels in elk geval) hetzelfde parcours. Zijspannen uit 1956. Veilig was dat beslist niet (die betonnen trappen en muurtjes!), maar men had pret voor tien. Aan het einde wordt de winnaar gejonast.

-------------

Met dank aan Ewoud van Hecke, die me wees op het scshaatsfilmpje.

Het 49 jaar onopgemerkt gebleven Nederlands in de kleedkamer van het legendarische Kirov Stadion. (Nog wel tijdens de finale van een Europese bekerwedstrijd.)

----------------------

Hoeveel Sovjetfilms zijn er waarin een acteur behoorlijk Nederlands spreekt? En hebt u ons FC Zenit ooit in het rood zien spelen, de kleur van het vermaledijde Spartak Moskou? Ik kwam een film tegen waarin beide gebeurt, getiteld: Schot! Nog een schot!
 
Er zijn tal van prachtige Sovjet-films, maar Schot! Nog een schot! – hij stamt uit 1968 – behoort daar niet toe. Hij is net zo knullig en sullig als de titel doet vermoeden. Waarom schrijf ik er dan toch, en nog enthousiast ook, een stukje over? Dan moet ik eerst even uitleggen hoe ik de film op het spoor kwam. Regelmatig speur ik het net af op zoek naar kleurenfoto’s uit de jaren vijftig en zestig. Omdat ik daar een zwak voor heb. Dit keer leverde zo’n speurtocht ook een paar minuten bewegende beelden op, waar ik meteen recht bij overeind ging zitten. Beelden van spelers en vooral ook van publiek tijdens een voetbalwedstrijd uit de jaren zestig in het immense, iconische, maar inmiddels door een glad bouwwerk vervangen Kirov Stadion. En ook nog eens van een hoge kwaliteit. 


De achtergrond van de beelden had ik snel achterhaald. Het betreft een vriendschappelijke wedstrijd tussen FC Zenit en Dinamo Moskou, gespeeld op 10 juni 1967. Het duel werd gespeeld om ‘echte’ beelden op te leveren voor een speelfilm: Schot! Nog een schot! En die moest ik natuurlijk ook zien! In de film staan twee teams tegenover elkaar in de finale van een verzonnen Europees bekertoernooi, met als inzet: de Beker van de Noordelijke Zeeën. De twee – ook al verzonnen – teams zijn Zarja uit de USSR en Riffen uit … Ja, uit welk land komt Riffen eigenlijk? Voor de Russische kijker blijft dat onduidelijk, maar ik heb het ontdekt!

Eerst even over dat in het rood spelende Zarja. De spelers die in de ruime shots te zien zijn (waarbij ook de volle tribunes in beeld komen – zie het filmpje hierboven) zijn allen in werkelijkheid gewoon spelers van Zenit. Die voor de gelegenheid dus dat vloekende rood hadden aangetrokken. Bij de close-ups van spelers en spelmomenten (zonder tribunes in beeld - zie de complete film hieronder) zien we acteurs. 

En dan de tegenstander, Riffen. Op filmsites waar Schot! Nog een schot! wordt beschreven, staat over Riffen niet meer vermeld dan dat de ploeg afkomstig is uit de stad Norgaffen (Норгаффен) gelegen in "een West-Europees land". Norgaffen - het zal u niet verbazen - bestaat niet. De paar namen van spelers die genoemd worden, geven ook geen uitsluitsel: Ramke, Schmidt, Diks … Ik dacht aanvankelijk aan Duitsland, want de trainer van Riffen, genaamd Berger, is een Duitser. (Berger lag als Duitse soldaat in de loopgraven voor Leningrad. Pikant, natuurlijk, maar het scenario wordt er niet door gered.) Tijdens de film wordt echter duidelijk dat een eventuele beslissingswedstrijd zal worden gespeeld op neutraal terrein, in Hamburg… Riffen komt dus niet uit Duitsland.

En dan, vlak voor aanvang van de finale, in de kleedkamer van Riffen, overhandigt de assistent-trainer een lijstje aan Berger. En in onmiskenbaar Nederlands klinkt het: “De spelers van Zarja.” (Op 56.06 in de complete film hieronder.)  Ook in de rest van de film wordt er bij Riffen gecommuniceerd in het Nederlands. Af en toe gaat dat wat houterig. In de rust, bijvoorbeeld, zegt Berger tegen zijn elftal: “Attentie! Alles blijft bij het oude!” En in de tweede helft: “Speel heftiger!” Iets natuurlijker klinkt dan: “Hou het tempo laag in vredesnaam!” Dat Berger Nederlands spreekt, hoeft niet te verbazen. Eerder hebben we vernomen dat hij al vier jaar bij Riffen in dienst is.

Wat me wel verbaast, is dat nergens wordt gezegd dat Riffen uit Nederland komt. Niet in de (weinige) artikelen die ik over Schot! Nog een schot! ben tegengekomen, en ook niet in de film zelf. Terwijl je zou denken: dat Nederlands is toch een vrij duidelijke aanwijzing. Als je dan het land van herkomst vaag wilt houden, laat de acteurs dan een verzonnen taaltje praten.

De niet-geregisseerde, vriendschappelijke wedstrijd FC Zenit-Dinamo Moskou in het volle Kirov Stadion eindigde in 0-1. In de filmwedstrijd Zarja-Riffen wordt acht keer gescoord. Beelden van het ene doelpunt uit de echte wedstrijd worden gebruikt in de film. Op verzoek van de filmmakers speelde FC Zenit ook nog enkele van zijn reguliere competitiewedstrijden in dat foute, rode shirt, waarbij dan de tegenstander telkens het wit droeg van Riffen. Ik meen dat ook beelden uit een of meer van die competitieduels zijn gebruikt. (Voor nog een van die acht doelpunten? En zien we daar opeens een andere doelman bij Riffen?), maar om dat nou allemaal uit te gaan zoeken …

Vermeld kan nog worden dat Schot! Nog een schot! geen kassucces werd. In Moskou kon men wel lachen om de film. ‘FC Zenit’ dat een Europese beker wint, terwijl ondertussen … In werkelijkheid verliep het seizoen voor de ploeg uit Leningrad rampzalig. Degradatie ging op het laatste moment niet door, alleen omdat de hoogste divisie met twee ploegen werd uitgebreid. Het verhaal gaat dat dit gebeurde op dringend verzoek van de hoge partijbazen uit de stad. Want het kon toch niet zo zijn, dat in het jaar waarin het vijftigjarig jublieum van de Revolutie werd gevierd, de voetbaltrots van Leningrad, de wieg van die revolutie, zou afdalen naar het tweede niveau.

Hier de complete film. De prachtige toeschouwersbeelden zijn al bijeengebracht in de paar YouTube-minuten hierboven. Daarin ontbreken nog wel de mooie auto’s die in file op weg zijn naar het stadion (vanaf 54.23).


U gaat de film echt niet helemaal uitkijken, vandaar dat ik hier wel kan verklappen hoe hij afloopt. Al blijft het einde ongewis... De finale eindigt in 4-4. De laatste beelden zijn van de rust in de beslissingswedstrijd in Hamburg. Zarja leidt met 2-1 ...

In het stukje muziek helemaal aan het einde is trouwens nog een enkele maat verwerkt uit de Voetbalmars van componist Matvej Blanter. Die mars klinkt nu nog bij wedstrijden in de Russische hoogste divisie, wanneer de spelers het veld opkomen. (Dit schrijf ik onder enig voorbehoud. Ik ben al een tijdje niet meer bij zo'n wedstrijd geweest, en misschien is die muziek inmiddels ook gesneuveld, net als het Kirov Stadion.) 

50 jaar politie, Gouden Bal, Voor onberispelijke dienst – alle onderscheidingen van Lev Jasjin, voetballer en ijshockeyer.

-------------------------

Hebt u alle onderscheidingen van Lev Jasjin weleens op een rijtje willen zien? Dat zou me verbazen. Zelf had ik dat verlangen in elk geval niet, totdat ik deze foto van de legendarische doelman tegenkwam. Ik ging op zoek en hieronder vindt u het resultaat.

Ik was vroeger Jasjin, en niet allen buiten op straat. In mijn kinderkamer gooide ik de bal tegen de muur en ving die op met een geweldige snoekduik, die eindigde op het bed dat tegen diezelfde muur stond. Jasjin! Later was ik Jan van Beveren. Gaandeweg drong de realiteit zich op en ik werd – volledig rechtsbenig - linksback. (Overigens heb ik met dat ene rechterbeen ooit op een stoffig Moskous veldje vrijwel eigenhandig een compleet elftal van de Komsomol naar huis gespeeld. Eh, ja, daar zijn foto’s van – zie beneden.)
 

Maar eerst, ere wie ere toekomt, Lev Jasjin. De cijfertjes op de bovenste foto corresponderen met een bijgevoegd lijstje. Daarop staan ook de onderscheidingen die niet op die mooie, rode sjerp zitten. Dat zijn er nog eens elf. Op een ander lijstje kwam ik er nog eentje tegen uit het begin van Jasjins sportieve loopbaan, toen hij nog – wat niet veel mensen weten – ijshockeykeeper was.

De maker van eerstgenoemd lijstje kon onderscheiding nummer 9 niet thuisbrengen. Of beide lijstjes compleet zijn, weet ik niet. Ik heb me voor de eerste zestien onderscheidingen gehouden aan het lijstje bij de sjerp. Boven aan dat lijstje staat zonder nummer Held van de Socialistische Arbeid. Die ontbreekt ook op de sjerp. Jasjin kreeg die onderscheiding in 1990, het jaar waarin hij overleed. De foto dateert van een aantal jaren eerder.  
     

0. Held van de Socialistische Arbeid (1990)
1.  Leninorde (1967, 1990)
2.  Orde van het Rode Arbeidsvaandel (1957, 1971)
3.  Medaille Voor de herdenking van de 100ste geboortedag van Lenin. Ingevoerd op 5 november 1969. Aantal dragers: 11.000.000.
4.  Medaille Twintig jaar overwinning in de Grote Vaderlandse Oorlog 1914-1945. Ingevoerd 7 mei 1965. Aantal dragers: 16.399.550.
5.  Medaille 40 jaar strijdkrachten van de USSR. Ingesteld 18 december 1957. Aantal dragers: 820.080.
 

6.  Medaille 50 jaar strijdkrachten van de USSR. Ingesteld 26 december 1967. Aantal dragers: 9.527.270.
7.  Medaille Voor onberispelijke dienst, tweede graad.
8.  Medaille voor Onberispelijke dienst, derde graad.
9.  (Deze onderscheiding op de sjerp kon niet worden thuisgebracht)
10. Sportieve manhaftigheid. Ereteken van de Komsomol, ingesteld in 1968.
11. Gouden medaille winnaar Europees Kampioenschap 1960
 

12. Zilveren medaille finalist Europees Kampioenschap 1964.
13. Gouden medaille Olympische Spelen 1956.
14. Herinneringsmedaille vierde plaats Wereldkampioenschap 1966.
15. Vijf gouden medailles kampioenschap USSR – 1954, 1955, 1957, 1959, 1963.
16. Vijf zilveren zilveren medailles Kampioenschap USSR
 

- Medaille Dertig jaar overwinning in de Grote Vaderlandse Oorlog 1914-1945. Ingevoerd 25 april 1975. Aantal dragers: 14.259.560.
- Medaille Veertig jaar overwinning in de Grote Vaderlandse Oorlog 1914-1945. Ingevoerd 12 april 1985. Aantal dragers: 11.268.980.
- Medaille Voor manhaftige arbeid tijdens de Grote Vaderlandse Oorlog 1941-1945. Ingesteld op 6 juni 1945. Aantal dragers: 16.096.750.
- Medaille Veteraan Strijdkrachten USSR. Ingesteld 20 mei 1976. Aantal dragers: 800.000
- Medaille Zestig jaar Strijdkrachten USSR. Ingesteld 28 januari 1978, aantal dragers: 10.723.340.
 

- Medaille Zeventig jaar Strijdkrachten USSR. Ingesteld 28 januari 1988. Aantal dragers: 9.842.160.
- Medaille 50 jaar Sovjet-politie. Ingesteld 20 november 1967. Aantal dragers: 409.150.
- Medaille 800-jarige bestaan Moskou. Ingedsteld 20 september 1947. Aantal dragers: 1.733.400.
- Medaille Voor onberispelijke dienst eerste graad.
 

- Zilveren olympische orde (1986)
- Gouden Orde van verdienste, FIFA (1988)
- Gouden bal voor beste voetballer van Europa (1963)
- Gouden medaille bekerwinnaar ijshockey USSR ijshockey (1953)

-------------------

 

20171128_101521.jpg

Moskou, juli 1978 - In een wedstrijd tegen een lokale afdeling van de Komsomol buigen Nederlandse toeristen een 1-5 achterstand om in een 6-5 overwinning. Man van de wedstrijd was Egbert Hartman, die drie (of misschien zelfs vier) treffers voor zijn rekening nam. Hier heeft hij zojuist de winnende langs de vergeefs duikende doelman tegen het net geschoven.  

Op één in mijn top drie van Samara: het Dinamo stadion in de voortuin van de kathedraal

-----------------


Gaat het me lukken? Zal ik op tijd zijn? Zal ik op die prachtige vip-tribune plaats kunnen nemen, al is het maar voor even? Of stuit ik op een hoog en onverbiddelijk gesloten hek?

Komend voorjaar hoop ik Samara, stad aan de Wolga, te bezoeken. Boven aan mijn lijstje met niet te missen bijzonderheden daar staat het Dinamo stadion (gevolgd door de bunker van Stalin en het Huis met de olifanten). Het werd gebouwd kort na de oorlog, toen Samara nog Koejbysjev heette, op een plek waar ooit een kerkhof was, ongeveer in de voortuin van de belangrijkste kerk van de stad. Veel eerbied voor godshuizen had men in die jaren niet. 

Lang zal ik naar het sportcomplex niet hoeven zoeken, het ligt pal in het centrum, vlak bij het station – kan niet missen. Nee, het gevaar schuilt in iets heel anders: een voor komend jaar aangekondigde renovatie. Is die al gaande tijdens mijn verblijf, is het stadion veranderd in een bouwput, dan kan ik mijn plannetje – tevens mijn belofte aan de lezer, gedaan in een eerder stukje – wel vergeten: plaatsnemen op die vip-tribune. Hier ziet u hem, in de jaren vijftig.


Die renovatie komt niets te vroeg. En zelfs indien mij er de weg door wordt versperd, moet ik eigenlijk alleen maar blij zijn. Blij dat zo’n relict uit het sportverleden van de USSR op waarde is geschat en behouden blijft voor de toekomst. Want hoe droevig is niet deze aanblik:


Je kan het je nauwelijks voorstellen, maar ooit boden de houten banken (alleen mijn vip-tribune was van steen) plaats aan 22.000 toeschouwers. In 1944 werd tot de bouw besloten. Die ving aan in 1945, er werden Duitse krijgsgevangenen bij ingezet en drie jaar later, op 3 september 1948, gingen de poorten open voor de eerste voetbalwedstrijd. De lokale trots Krylja Sovetov ontving Dinamo Kiev en won, dankzij een treffer van Nikolaj Zajtsev in de 72ste minuut, met 1-0. In Koejbysjev had de sportclub Dinamo, in tegenstelling tot haar bloedbroeders in bijvoorbeeld Moskou, Tbilisi en Kiev, geen sterke voetbalafdeling, en Krylja Sovetov werd de hoofdbespeler van het nieuwe stadion. Dat duurde tot 1970, toen de club verhuisde naar stadion Metalloerg.

En al die tijd stond daar braaf aan het korte eind van het veld, achter een van de doelen, die kerk, de Pokrovski kathedraal. De geschiedenis daarvan gaat terug naar het begin van de negentiende eeuw, toen zich hier het stadskerkhof bevond – met een houten kerkje. Het kerkhof werd in 1857 gesloten en rond diezelfde tijd werd met geld van de kooplui Anton en Jemeljanov Sjichobalov de houten kerk vervangen door een nieuwe van steen. Bij wijze van dank kregen de Sjichobalovs een familiegraf op het terrein van de kerk. Uiteraard kunnen zij komend voorjaar op een bezoek van mij rekenen. 

De Pokrovski kathedraal overleefde de Sovjet-periode. Enkele jaren was het de enige kerk in Koejbysjev waar nog diensten werden gehouden. Toch ging het nog bijna helemaal mis. Op 7 november 1977, toen stad en land het 60-jarig jubileum van de Oktoberrevolutie vierden, werd er brand gesticht. De muurschilderingen uit de vorige eeuw en bijna alle iconen gingen verloren.

Het stenen hoofdgebouw van het stadion (niet de vip-tribune dus), aan de korte kant waar ook de kerk staat.

Maar het is niet die kerk die mij trekt, het is de voetbalhistorie vermengd met de Sovjet-geschiedenis. De sportarchitectuur van de jaren veertig, vijftig. De statige hoofdingang, het Dinamo-symbool boven de poort, de kleine grandeur van die stenen vip-tribune. Wie zaten daar, zogenaamd te midden van het volk? Wanneer ging ook het bovenste balkon open en wie zaten daar dan? En wat speelde zich af in de rust en na afloop? Er zal toch vast een buffet klaar hebben gestaan voor de onaantastbaren van de stad – al waren die 'onaantastbaren' tot maart 1953 hun leven net zo min zeker als die 22.000 toeschouwers op de houten tribunes. Ik wil door de Dinamo-poort naar binnen, tussen de houten bankjes doorlopen, naar die blauw-witte tribune. En wie weet, dat balkon …

En nou maar hopen dat de renovatie van het Dinamo stadion pas begint na mijn bezoek aan de stad.

Of zou ik in de winter gaan? Kijk nou, wat een beelden. Er gaat er eentje onderuit. Gebeurt dat aan de andere kant, dan vlieg je zo de kerk binnen.