terreur

Een zwaar gordijn wordt opengeschoven: Denis Karagodin achterhaalt welke Stalinbeulen zijn overgrootvader hebben vermoord – 2

------------------------


Denis Karagodin, die in Tomsk onderzoek doet naar het lot van zijn overgrootvader tijdens de Stalinterreur (zie mijn vorige stukje), is niet de enige in Rusland die op lokaal niveau bezig is om de officiële geschiedschrijving – die steeds boller staat van heldendaden en triomfen - aan te vullen met een keerzijde; een keerzijde waarop zo veel mogelijk onschuldige slachtoffers uit de Stalintijd hun gezicht terugkrijgen.

Waar slachtoffers van terreur zijn, zijn ook daders. Een pijnlijk punt, dat in Rusland ooit onder het tapijt is geschoven, waar het tot op de dag van vandaag ligt. Tot onderzoek, berechting en eventueel bestraffing is het nooit gekomen. Wie dat moeilijk verteerbaar vindt, rest weinig anders dan eigen initiatief. Denis Karagodin streeft in Tomsk naar berechting, ook al zijn de daders niet meer in leven. Bij anderen gaat het in de eerste plaats om weten.

Deze herfst werd in het dorpje Toegatsj (regio Krasnojarsk) een kruis opgericht op de plek waar zestig jaar geleden gevangenen van het Kraslag werden begraven. (Kras staat voor Krasnojarsk, lag voor lager, oftewel kamp). Het Kraslag had meerdere ‘vestigingen’. Die in Toegatsj telde zo'n 1800 bewoners, van wie de meeste veroordeeld waren op grond van het beruchte artikel 58. Na de dood van Stalin (1953) werd het kamp opgeheven. Velen van de gevangenen konden geen kant op. Ze hadden geen geld voor een reis, woonvergunningen waren vaak niet meer geldig of familie had zich van hen afgekeerd. Bewakers hadden elders evenmin perspectief. Zo leefden de voormalige gevangenen en hun bewakers verder in het dorp, zij aan zij.

Ljoedmila Miller (links) en Tamara Petrova (midden) 

Het kruis op de begraafplaats vloeide voort uit een initiatief van Ljoedmila Miller en Tamara Petrova. Ljoedmila is de dochter van een kampfunctionaris, Tamara is dochter en kleindochter van gevangenen uit het Kraslag. Tamara: “De tajga is vergeven van de naamloze graven. Hoe kan je leven zonder daar iets van af te weten?”

Tijdens een wandeling, tien jaar geleden, stuitte Tamara op een kuil met botten. Ze maakte foto’s en plaatste ze op de site Odnoklassniki (Klasgenoten). Er kwamen veel reacties, met herinneringen en verhalen. Daarop besloot Tamara om de geschiedenis van het kamp en het dorp te beschrijven. Ljoedmila sloot zich bij haar aan. Een beroep doen op archieven had nauwelijks zin. Kinderen van vroegere gevangen kunnen informatie opvragen, maar zij weten vaak niet waar hun ouders of grootouders zijn overleden. Voor de reconstructie van de geschiedenis wordt daarom vooral gebruikgemaakt van persoonlijke getuigenissen.

Vladimir Tsjikanik - Meisje met poesjes 

Daarnaast zijn er oude foto’s verzameld en werd een schema uit de jaren 30-40 gevonden, met daarop de plekken in de tajga waar de gevangenen hout moesten kappen. Aandoenlijk is het schilderij van de oud-gevangene Vladimir Tsjikanik. Hij maakte ooit een portret van een meisje uit het dorp, waarna de bestellingen elkaar snel opvolgden. De compositie bleef steeds hetzelfde, alleen het gezicht van het meisje veranderde.

De dorpelingen gaven soms voedsel aan de gevangenen, die in ruil weleens een klusjes deden. De bewakers stonden dat niet in de weg. Volgens Aleksej Babij, voorzitter van de afdeling Krasnojarsk van Memorial, was dat niet ongewoon voor het Kraslag. “De bewakers begrepen dat het lang niet allemaal misdadigers waren in het kamp. En de gevangenen wisten dat ze niet door beesten werden bewaakt. Ze wisselden ook weleens van plaats – wie gisteren het kamp bewaakte, kon morgen achter het prikkeldraad belanden.” Er zijn zelfs foto’s waar gevangenen en bewakers samen voor poseerden.

De plek waar de kampgevangenen werden begraven, had geen aparte graven en geen kruisen. Ze moet nog officieel als begraafplaats worden geregistreerd, zodat er geen bomen worden gekapt of grond wordt weggegraven. “Dat is een zaak van lange adem”, aldus Tamara Petrova. “Het is voor ons nu belangrijker om materiaal te verzamelen over onze geschiedenis, zolang er nog mensen leven die iets kunnen vertellen. Ik wil dat alles menselijk gebeurt. Dat de begraafplaats in orde wordt gebracht en gewoon een hek krijgt. En we hebben een priester uitgenodigd om deze aarde te zegenen en een dienst te houden voor de mensen die hier begraven liggen.”  
 

Wordt vervolgd.

 Hier deel 1. In deel 3 meer over Denis Karagodin en zijn activiteiten in Tomsk, met onder meer de brief die hij kreeg van een nabestaande van een van de beulen van zijn overgrootvader.

Correctie: In een eerdere versie van dit artikel stond Denis Karagodin vermeld als student. Hij is al afgestudeerd.

Een zwaar gordijn wordt opengeschoven: Denis Karagodin achterhaalt welke Stalinbeulen zijn overgrootvader hebben vermoord – 1

------------------

Stepan Karagodin

In de vroege uren van 1 december 1937 wordt in Tomsk de 56-jarige Stepan Karagodin opgepakt door de NKVD, Stalins geheime politie. Hij wordt beschuldigd van banden met de Japanse militaire inlichtingendienst en op 21 januari 1938 geëxecuteerd – een van de miljoenen onschuldige slachtoffers van de op hol geslagen Stalinterreur.

In 2012 besluit zijn achterkleinzoon Denis Karagodin op zoek te gaan naar de schuldigen. De ‘grote namen’ aan de top van de commandolijn (Stalin en de handlangers in zijn omgeving) zijn bekend, maar wie waren de beulen ter plekke? Wie gaf in Tomsk de bevelen en wie haalde de trekker over?

Denis karagodin

Denis karagodin

Jekaterina Noskova, NKVD-beul te Tomsk

Jekaterina Noskova, NKVD-beul te Tomsk

Denis, die filosofie studeerde aan de universiteit van Tomsk, wordt voor wereldvreemde naïeveling versleten, maar hij krijgt het onmogelijke voor elkaar. Met hardnekkig speurwerk en enig geluk heeft hij vier jaar later het huiveringwekkende plaatje compleet. Stepans grootvader werd op 21 januari 1938 geëxecuteerd samen met 35 anderen. De vonnissen werden voltrokken door Nikolaj Ivanovitsj Zyrjanov (geboren 1912), Sergej Timofejevitsj Denisov (1892) en Jekaterina Michajlovna Noskova (1903). De namen van de lokale NKVD-medewerkers, van de ondervragers tot aan de chauffeurs van de gevangenenwagens en de typistes die de vonnissen uittypten – Denis heeft ze allemaal op papier. Daarmee is hij vermoedelijk de enige in de voormalige Sovjetunie die het lot van een door de terreur vermalen voorouder zo gedetailleerd in kaart heeft weten te brengen. En de geschiedenis is daarmee voor hem nog niet ten einde. Stepan bereidt een rechtszaak voor waarin hij alle schakels in de commandolijn alsnog veroordeeld wil krijgen. Ook dat lijkt naïef. Maar wie had vóór hem alle namen van de betrokkenen op papier?

Denis Karagodin behoort tot een groep Russische burgers die de bloedigste jaren van de Sovjetgeschiedenis, waarin de staat zich keerde tegen het eigen volk, niet langer willen wegmoffelen. Er zijn periodes geweest waarin die zwarte jaren aan bod leken te komen (na de dood van Stalin en onder Gorbatsjov), maar de geschiedschrijving werd al snel weer de geschiedschrijving van de staat. Op zijn blog vangt Karagodin het wrange daarvan samen in een paar zinnen: “De ene man doodt de ander, en zegt daarna: weet u, ik heb hem gedood, maar hier hebt u een formuliertje dat zegt dat ik hem heb gerehabiliteerd – nu is alles in orde. Nee, het is niet in orde.” Tot een maatschappelijk zelfonderzoek – laat staan tot berouw en verzoening – is het nooit gekomen.

De gevangenis in Tomsk waar Stepan Karagodin opgesloten zat

De succesvolle speurtocht van Denis naar de beulen van zijn overgrootvader zet op internet veel pennen in beweging. “Naast de officiële geschiedenis van het land bestaat er nog een andere. Verborgen, ongevernist, niet-gesanctioneerd”, schrijft de in Duitsland woonachtige journalist en commentator llya Milshtein (Илья Мильштейн). “Dat is de eeuwige burgeroorlog van de staat tegen het volk, waarin de beulen in de regel de winnaar zijn. Nog erger. De talloze aan de staat gelieerde beulen en de slachtoffers vormen één geheel, één schijnbaar ondeelbaar volk. Maar in jaren van zogenaamde dooi, wanneer de staat tijdelijk min of meer vegetarisch wordt, blijkt toch allengs dat het gewoon concrete burgers waren die moorden, martelden, bewaakten en verklikten. […] En dan komt de gedachte op aan twee Ruslanden die elkaar op de een of andere manier in de ogen moeten kijken: het land van de bewakers en het land van de kampgevangene. Dan krijg je hoop dat dat ooit zal gebeuren en dat het land zal veranderen. Maar ook rijst dan de vraag: als de geschiedenis van het land een aaneenrijging is van eindeloze misdaden en eindeloos lijden, is er dan wel verzoening mogelijk? Zijn het dan tenminste de kleinkinderen die zich met elkaar kunnen verzoenen?”

------------------

Het onderzoek van Denis, waarvan de beschrijving leest als een detective, toont aan dat dat kan. Nadat hij de namen van de beulen van zijn achtergrootvader heeft gepubliceerd, ontvangt hij een brief van de kleindochter van één van hen. 

Hier deel 2 en deel 3
Correctie: In een eerdere versie van dit artikel stond Denis Karagodin vermeld als student. Hij is al afgestudeerd.