De Moskouse 'vijver van Boelgakov' als broedplaats voor schaatstalent

 De Patriarchvijver in Moskou

De Patriarchvijver in Moskou

De Moskouse Patriarchvijver is onder buitenlanders die enigszins thuis zijn in de Russische literatuur vooral bekend uit de roman De meester en Margarita van Michail Boelgakov. Zij zullen – net als veel Russen overigens - niet vermoeden dat diezelfde vijver een niet onbelangrijke rol heeft gespeeld in de schaatssport.

Eind 19de eeuw beschikte de Moskouse Rivierzeilclub over een mooie schaatsbaan aan de Petrovka 26. Dat was de Russische Gymnastiek Vereniging De Valk een doorn in het oog. Zij wilden ook zo’n schaatsbaan! En die kwam er. Na een zoektocht van enkele jaren werd een baan gehuurd op een wel zeer aantrekkelijke locatie: de Patriarchvijver, hartje Moskou.

De Valk hoopte met die baan twee vliegen in één klap te slaan: de schaatssport stimuleren en de eigen inkomsten verhogen. Er kwam een nieuw paviljoen en een podium voor muzikanten, die zich – uniek voor Moskou – achter in een aparte ruimte konden opwarmen. Voor het paviljoen kwam een terras met een brede trap naar het ijs en voor het terras kwamen drie rijen bankjes. Op deze foto is dat paviljoen goed te zien:

Moskou kunstschaatsen schaatsbaan

Ook is goed te zien dat op de buitenste ring van het ijs een baan voor hardrijders was aangelegd met een mooie sneeuwrand in het midden.

Die baan is ook duidelijk aangegeven op deze plattegrond. Begovaja dorozhka staat erin geschreven, wat ik zou vertalen als Hardrijbaantje. Ook staat netjes vermeld hoe lang de baan was: 280 meter. 

Patrarchvijver schaatsbaan Moskou

Op 6 december 1903 werd de baan geopend. Een kaartje kostte 20 kopeken zonder muziek en 40 kopen met muziek. Voor een seizoenkaart betaalde een volwassene 8, studenten 6 en kinderen 4 roebel. De aanleg van de bijgebouwen was nogal kostbaar geweest en of De Valk uit de kosten is gekomen, weet ik niet. Wel is duidelijk dat de baan op de Patriarchvijver de schaatssport een aardige impuls gaf.

Elk jaar werd een kampioenschap van Moskou georganiseerd, voor kunst- en hardrijden. Dat kunstrijden werd niet zo’n succes. “Alleen een jongedame aan de zijkant trok veel aandacht met vrolijke cirkels en achtjes, maar die deed niet mee aan de wedstrijd”, aldus een krantenverslag uit 1904. Kort daarvoor was de eerste hardrijwedstrijd gehouden en dat was beter gegaan: “Er deden veertien man mee, die in zeven koppels reden. De heer Sedov was de snelste op de 1.500 meter in 2.43 en kreeg de eerste prijs. Op de tweede plaats eindigden de heren Grigorjev en Tyminski, die de afstand in 2.55 aflegden.” 

Tot de schaatsende leden van de Russische Gymnastiek Vereniging De Valk behoorden de gebroeders Vasili en Platon Ippolitov, die  ongetwijfeld heel wat baantjes getrokken hebben op de Patriarchvijver. Platon werd meervoudig kampioen allround van Rusland, Vasili werd in 1913 in Sint-Petersburg Europees kampioen, vóór de Noor Oscar Mathisen, die hem een jaar laten bij het WK in Kristianina (nu Oslo)  naar de tweede plaats verwees.

 Platon Ippolitov

Platon Ippolitov

 Vasili Ippolitov

Vasili Ippolitov

Hoe het De Valk door de jaren heen vergaan is, heb ik niet uitgezocht. Wel kwam ik nog een redelijk recent (2012) filmpje tegen waarop de ijsbaan op de Patriarchvijver in volle glorie te zien is. Een vierhonderdmeterbaan zet je daar nog steeds niet uit, maar voor kunstschaatswedstrijden lijkt me dit een toplocatie.

Waarna we nog even terugkeren naar de Russische literatuur. Als ijsbaan heeft de Patriarchvijver niet het werk van Boelgakov gehaald, maar wel dat van Aleksandr Koeprin. Die schrijft in De Jonkers dat het ijs op de baan van De Valk “glad als een spiegel” was. “Er hing een gedrukt aanplakbiljet: De bezoekers van de baan wordt verzocht niet zonder noodzaak krassen te maken op het ijs met figuren en geen voren te trekken op het parket met plotselinge stops.”