Tijdens Prinsjesdag marcheren wij op Russische muziek. Zingen we volgend jaar ook mee?

--------------

Copyright: Egbert Hartman/Hollandse Hoogte

Wacht even – hoorde ik dat nou goed? De setting klopte zo helemáál niet met de muziek die voorbijkwam, dat ik aarzelde. Maar nee, het was ‘m echt: daar klonk mijn favoriete mars. Uit Rusland. Tijdens Prinsjesdag in Den Haag.

Ik zag het gebeuren in het vlog van Kees Boonman, politiek verslaggever bij EenVandaag. Hier, vanaf 1.40. Kees schrikt er zelf van.  

 

Wie daar aan het marcheren zijn, weet ik niet, maar de frontlinie zullen ze waarschijnlijk nooit bereiken. Dat is ook de gedachte van Kees: “Ik weet niet of ze allemaal direct inzetbaar zijn …” Dan volgen enkele heren in jacquet (ook niet direct inzetbaar), plus nog wat lui in uniform, waarbij Kees met een moeilijk te omschrijven intonatie zegt: “Vindicat.”

Bij onderstaande versie, in de originele setting, kan je denken wat je wilt, maar inzetbaar zijn deze mannen beslist.

 

Graag had ik gezien dat de marcherende jongelui daar in Den Haag hadden meegezongen. De Russische titel van de mars luidt: Afscheid van een Slavisch meisje. De eerste versie stamt uit 1912, maar het nummer is sinds jaar en dag onlosmakelijk verbonden met de Tweede Wereldoorlog. De tekst is door de jaren heen meerdere keren gewijzigd, er zijn dus tal van varianten waaruit gekozen had kunnen worden. Wat was het mooi geweest, als over het Lange Voorhout (of beter natuurlijk nog: aan de Kneuterdijk, waar ooit Anna Pavlovna woonde) deze regels hadden geklonken:  

Onze Siberische geboortegrond
Heeft ons gedrenkt en gevoed.
Grenzenloos houden wij van je
Land van sneeuw en ijs.

Of, nog beter:

Rusland vraagt ons om een heldendaad
De marcherende regimenten doen de wind waaien.

Zou dat geen wonderen hebben gedaan voor onze betrekkingen met Moskou?

----------------

Ach, wie had ooit kunnen denken dat ik hier nog eens een link zou kunnen leggen tussen Prinsjesdag in Den Haag en het station van Voronezj in de Russische provincie, de stad waar ik ooit studeerde. Mocht u daar toevallig zijn, ga dan tegen achten ’s avonds even naar het station. Ga op het perron staan waar de nachttrein naar Moskou vertrekt en dan hoort u dit:

De directrice en haar schilderij: 'De haven van Vanino in 1952' - 2

----------------------

Van wiens hand was toch dat schilderij, De haven van Vanino in 1952? Het Streekmuseum van Vanino, in het Verre Oosten van Rusland, kreeg het min of meer in de schoot geworpen, toen het een paar zaaltjes kreeg toegewezen in het lokale Cultuurhuis. Voorheen was daar het Havenmuseum gehuisvest, maar dat was vertrokken, met medeneming van have en goed. Alleen dat ene schilderij was achtergelaten. Het hing wat verloren aan de muur, in zeer slechte staat, met een papiertje op de lijst dat als naam van de schilder gaf: Tsyplakov.

Anna Viktorovna Gabdrachmanova, directrice van het Streekmuseum, was geïntrigreerd door het doek. Ze onderkende de historische waarde ervan; afbeeldingen van Vanino uit de tijd dat het stadje – in 1952 nog een dorp – dienst deed als doorvoercentrum van kampgevangenen, zijn schaars. Al snel kwam ze erachter dat de naam Tsyplakov niet klopte. In het boek Vaninskaya Peresylka van A.V. Sjasjkino stuitte ze op een verhaal van een oude inwoner van Vanino die de schilder meerdere keren had ontmoet. Zijn naam bleek niet Tsyplakov, maar Tsympakov. Anna Viktorovna zocht de oude inwoner op en die bevestigde het verhaal. Hij had Vsevolod Tsympakov een aantal keren uit het kamp opgehaald en begeleid naar het houten Havengebouw van toen. Tsympakov schilderde – kennelijk in opdracht van de lokale autoriteiten - het uitzicht uit dat gebouw: de haven van Vanino in 1952.    

Het oude Havengebouw van Vanino

Uit gegevens van het regionaal gevangenisarchief bleek dat Tsympakov in mei 1948 in Odessa tot tien jaar was veroordeeld wegens “contra-revolutionaire activiteiten”. Op 14 augustus 1953 kwam hij vrij, waarna hij terugkeerde naar Odessa. Anna Viktorovna zocht verder op internet en kwam uit bij het museum van Lebedyn, een stadje in Oekraïne. Daar hing meer werk van Tsympakov. Het museum kon melden dat Tsympakov in Odessa een kunstopleiding had genoten en aan regionale en landelijke exposities had deelgenomen. Het museum stuurde Anna Viktorovna ook een kopie van een brief van Tsympakovs weduwe.  Daar stond nog meer in over het leven van de schilder, maar over zijn jaren als kampgevangene in Vanino geen woord.

Vsevolod Tsympakov: Zelfportret (Museum Loegansk)

Het zou kunnen zijn dat de weduwe geen aandacht wilde vestigen op de oorlogsjaren in Odessa. De joodse Tsympakov overleefde de bezetting en de slachtpartijen onder joden mogelijk dankzij diensten aan de vijand. De oude bewoner van Vanino die directrice Anna Viktorovna aan de juiste naam van de schilder had geholpen, vertelde ook dat Tsympakov in de oorlog portretten van Hitler en Goebbels had gemaakt, en ook posters, en daar na de oorlog vijftien jaar voor had gekregen. Odessa werd bezet door Roemeense troepen, dat Tsympakov portretten van Hitler en Goebbels maakte, is dus misschien overdreven (net als die vijftien jaar), maar dat hij uit lijfsbehoud werkte voor de bezetter, is zeer goed mogelijk.          

Het houten Havengebouw van waaruit Tsympakov zijn schilderij maakte, is er helaas niet meer. Het stond ongeveer op de plek waar nu de eerste van twee vuurtorens staat, op het lagere deel van de Primorski Boelvar. Goed te zien, rechts op het schilderij, is de monumentale trap van het Havengebouw. Ook die is verdwenen. Het nieuwe Havengebouw dat in 1958 driekwart kilometer verderop werd gebouwd, en dat nu onder meer het Streekmuseum herbergt, moest duidelijk dezelfde grandeur krijgen als het oude gebouw. Het heeft ook een statige trap die afdaalt naar de haven, of beter gezegd: had, want het grootste deel ervan is verdwenen en het restant gaat schuil onder onkruid.

Het onderkomen van het Streekmuseum, met op de voorgrond de overwoekerde trap.

De haven van Vanino in 1952 werd in 2012 in het Grodekov Museum van Chabarovsk gerestaureerd. Vsevolod Tsympakov werd, in tegenstelling tot verreweg de meeste gevangenen in Vanino, niet verder verscheept naar de beruchte kampen van Kolyma. Hij zou naast het havengezicht ook portretten van hoge lokale functionarissen hebben gemaakt. Van die portretten is er niet één teruggevonden, maar een parallel met de oorlogsjaren in Odessa dringt zich op. Het lijkt erop dat zijn schilderkunst een reddingsboei was waar hij zich twee keer aan heeft vastgegrepen. Tsympakov overleed in 1968 en ligt begraven in Odessa.

-----------------

Bovenstaand stukje is, net als deel 1, mede gebaseerd op twee artikelen die directrice Anna Viktorovna Gabrachmanova mij toestuurde. Gedetailleerde ooggetuigenverslagen van het kampleven in en rond Vanino  zijn – in het Russisch – te vinden in het boven al genoemde Ванинская пересылка (Doorgangskamp Vanino) van A.V. Sjasjkina.

De directrice en haar schilderij: 'De haven van Vanino in 1952' - 1

--------------------


En dan sta je daar, in Vanino, in het Verre Oosten van Rusland, en je kan je er niets bij voorstellen. Hoe hier op het station, waar je zelf net bent gearriveerd (het is tegenwoordig vriendelijk lichtgroen gekleurd), ooit honderdduizenden gevangenen werden aangevoerd. Aanvankelijk, nog in de oorlogsjaren, om de haven te bouwen, en later om via diezelfde haven in het ruim van vrachtschepen te worden afgevoerd naar de meest beruchte kampen van de Goelag, in Kolyma.

De spoorlijn waarover ik vanuit Komsomolsk aan de Amoer in Vanino was beland: ook al het werk van vooral gevangenen. De lijn werd in de oorlog aangelegd om – naast Vladivostok – nog een verbinding naar de oceaan te hebben.  

Het station van Vanino

De gevangenen die in Vanino werden aangevoerd, hadden een weken- of soms maandenlange reis achter de rug. Je mocht hopen dat je laat in het jaar in Vanino arriveerde. Dan was de haven dichtgevroren en had je een aantal maanden om bij te komen, voordat de ergste jaren van je kampstraf begonnen. Dat ‘bijkomen’ was wel relatief. In dit soort Sovjet-kampen heersten de wetten van de jungle; het waren de ‘gewone’ criminelen die er de dienst uitmaakten. Politieke gevangenen (geschat wordt dat zij in Vanino een derde van de kampbevolking uitmaakten) waren aan hun grillen overgeleverd. Maar vergeleken met Kolyma was alles beter.

Iets van Vanino’s verleden komt tot leven bij een bezoek aan het streekmuseum, in het voormalige Cultuurhuis van de havenautoriteit, gelegen aan een plein op een heuvel met uitzicht op de baai. Het is het aardigste stukje van het kleine stadje, met enige ‘jarenvijftig-grandeur’. Hier woonde de lokale elite, verheven boven de houten barakken van de doorvoerkampen in de buurt. Het statige Cultuurhuis stamt uit 1958, toen Vanino al geen doorvoerstation meer was.  

Het Cultuurhuis

We worden welkom geheten door Anna Viktorovna Gabdrachmanova, de directrice van het museum. Ze personificeert een ijzeren regel die ik bij mijn (helaas te zeldzame) reizen door de Russische provincie hanteer: breng altijd een bezoek aan het lokale streek- dan wel kunstmuseum! In negen van de tien gevallen wacht je daar een ontdekking. En vaak is er dan ook nog iemand die terstond opbloeit, blij met jouw interesse in het museumbezit. En Anna Viktorovna blóeide op, staande bij een schilderij wat een beetje als háár schilderij gezien kan worden: De haven van Vanino in 1952 van Vsevolod Tsympakov.

Het Cultuurhuis deed tot een aantal jaren geleden onder meer dienst als havenmuseum. Toen de havenautoriteit uit het gebouw vertrok, namen ze de spullen uit dat museum mee. Het in slechte staat verkerende schilderij van Tsympakov lieten ze hangen. “Daar hebben ze spijt van als haren op hun hoofd!”, aldus Anna Viktorovna. Zij onderkende de waarde van het doek – vooralin historisch opzicht, beeldmateriaal van Vanino uit de Stalintijd is zeldzaam - en wilde meer weten over de schilder. Op een papiertje dat op de lijst zat, stond een naam: Tsyplakov …


Hier deel 2.

De BAM - een reis over een megalomane spoorlijn. Verslag in foto's - 6

-----------------------

Met een pracht van een tramrit en een vuige controle in de trein. En waarom ik later bij de Russische spoorwegpolitie ga. 
Het zesde en echt laatste deel van het fotoverslag van mijn reis over de BAM, de Bajkal-Amoer Magistral. De spoorlijn ligt enkele honderden kilometers ten noorden van de Transsiberische Spoorlijn. 
Hier deel 5. (Reproductie van de foto's uitsluitend via hollandse-hoogte.nl)

Wanneer u in Komsomolsk aan de Amoer vanaf het Rivierstation naar het centrum wilt, kan ik u tram 2 aanbevelen. Daarin nam ik bovenstaande foto. Omdat daarmee het beeld van tram 2 in Komsomolsk aan de Amoer verre van compleet is, maakte ik ook onderstaand filmpje. Helaas ben ik vergeten om het type-nummer van de wagon te noteren, maar het moet haast wel een LM-99 zijn. Trams van dat type hebben in Sint-Petersburg de bijnaam Emmer met Moeren. Zet het geluid bij het filmpje aan, en u begrijpt mijn vermoeden dat we ook hier met een exemplaar van het type LM-99 van doen hebben.  

----------------

Dat is nog eens een muur van een stationshal! Maar een beetje wrang is het beeld wel. We zijn hier in Novy Oergal en de bouw van station en dorp werd toegewezen aan de toenmalige Sovjetrepubliek Oekraïne. Op het mozaïek gaat de linkerdame gekleed in Russische klederdracht, de rechter in Oekraïense. Op het boekwerk op de arm van de laatste staat: VOOR EEUWIG SAMEN.   

---------------

Ik zat in het buffet van de trein tussen Krasnojarsk en Oest-Koet mijn voorspelbaar middagbiertje te drinken, besteld bij de aardige dame links, toen die twee types binnenkwamen om eens even grondig de boeken te controleren.
Ik had meteen een hekel aan ze.
'De revizor kwam op bezoek', zei ik even later tegen haar, in een volledig misplaatste poging om mijn kennis van de Russische literatuur te etaleren. Tot mijn verbazing bevestigde ze het meteen. De twee heren waren van de - ik verzin niks - Государственная Ревизионная Служба (de Staats Revisie Dienst). 'En komen die vaak langs?', vroeg ik. 'Ja', antwoordde ze, 'maar ze zijn telkens van een andere afdeling.'       

----------------

U denkt misschien: dat werk van een conducteur/conductrice op een Russische trein stelt niks voor; paspoort en kaartjes controleren, schoon beddengoed en thee rondbrengen en klaar - maar niks is minder waar. (Wat de conducteur in het midden doet, ga ik niet uitleggen. U gaat zelf maar een keer met de trein door Siberië.)

------------------

In mijn volgende leven ga ik bij de Russische spoorwegpolitie.

 

Sovetskaja Gavan. In de naam van dat stadje zit het Nederlandse woord 'haven', en op een muur trof ik een Philips-stofzuiger aan. Dat van die 'Gavan' is logisch - Sovetskaja Gavan is een havenstad - maar waarom iemand daar Philips (en Sony en Bosch) op een muur kalkt, is me volstrekt onduidelijk.   
 

Chabarovsk. Er was brand in bar Gatsby en deze brandweerman rustte even uit. Het viel uiteindelijk erg mee. Dat kon ook niet anders, want op de gevel van het etablissement stond in mooie witte letters, bij wijze van uitnodiging: 'A little party never killed nobody.' 
 

Ook weer Chabarovsk, om de hoek bij die brand. Zomerser werd het niet.
 

Op het station van Vanino, ooit een berucht distributiecentrum van kampgevangenen, 6.361 km ten oosten van Moskou. Met de machinist van locomotief 16193534 ontspon zich de volgende conversatie.

- En waar komen jullie vandaan?
- Uit Holland.
- Из Голландии? О-бал-деть!

--------------

Dit was het laatste deel van mijn verslag van  mijn reis over de BAM. Leer Russisch en ga naar Rusland. 

De BAM - een reis over een megalomane spoorlijn. Verslag in foto's - 5.

Met onder meer een verhandeling over die goede, oude portwejn. En wie schrijft het boek over de Sovjet-mozaïeken van Komsomolsk aan de Amoer?
Het vijfde en voorlaatste deel van mijn fotoverslag van mijn reis over de BAM, de Bajkal-Amoer Magistral. De spoorlijn ligt enkele honderden kilometers ten noorden van de Transsiberische Spoorlijn. 
Hier deel 4. (Reproductie van de foto's uitsluitend via hollandse-hoogte.nl)

Nabij het dorpje Bajkalskoje. Ik kon het niet laten. (En hij is nog scherp ook.)
Voor de wandelliefhebbers: je kan in deze contreien over de Great Baikal Trail lopen. Dan ga je de hoogte in, wat mooie vergezichten oplevert. Ik ben daar niet zo van - dit uitzicht bereikte ik met een busje. 
 

Oest-Orotsji (tussen Vanino en Chabarovsk, dus al niet meer aan de BAM), waar de trein twee minuten stilstond. 'Zo'n huisje, dat zou ik best willen', zuchtte een Russin naast me. Ja, dacht ik, en wie haalt dan die aardappelen uit de grond? 
 

Tynda, 5.132 kilometer ten oosten van Moskou. Het had ook op een vakantiepark in Overijssel kunnen zijn.
 

IMG_2640.jpg

Eerder die dag trof ik haar aan in een simpele eetgelegenheid, waar ze voortdurend boos mompelend achter een bord soep zat. Toen aan het tafeltje naast me de jongens en meisjes vertrokken, legden ze het brood wat ze overhadden neer bij haar bord. 
 

Komsomolsk aan de Amoer. Thuis maakte ik een uitvergroting en zoemde in op het etiket. Ik las: Старый Боцман / Oude Bootsman - wat weinig goeds beloofde. En inderdaad, enig onderzoek leverde op wat ik al vermoedde: портвейн / portwejn. Volgens het etiket op de andere zijde, dat ik bij mijn speurtocht ook aantrof: gearomatiseerde wijndrank. 14,5 procent. (Enkele wat oudere USSR-gangers - en al mijn lezers met wortels in dat verloren land - schudden nu meewarig het hoofd: zoek je zoiets op? Dat weet je gewoon.)    
 

Novy Oergal. Geen portvejn, maar bij je vrouw op balkon een glas thee na je werk. Zo kan het ook. 
 

De mozaïeken van Komsomolsk aan de Amoer - daar zou iemand eens een boek over moeten schrijven. Iemand uit de hoek van de kunstgeschiedenis. Ga ik wel mee als tolk of zo. Het zijn er aardig wat. Deze, op Elektriciteitscentrale nummer 2, stamt vermoedelijk uit 1968. Dat jaartal staat tenminste op de hoge schoorsteen die hier net buiten beeld valt, en qua kleding zou dat kunnen kloppen. Waarom staat er trouwens niks op dat rode vaandel? Geen leuze, geen hamer-en-sikkel? Alleen met die vraag kan je zo een hoofdstuk vullen. 
 

Af en toe zag ik deze afkorting staan - hier in Nizjneangarsk, aan de oever van het Bajkalmeer. Ze staat voor: Арестантский уклад един. Het is een soort anarchistische geuzenkreet, vooral gebruikt onder jongeren, en dan vooral weer ten oosten van de Oeral. Het betekent zoiets als: Trouw aan de dievenmores. Wat op z'n minst inhoudt dat je één front vormt tegen de politie en andere gezagsdragers.  
 

Ook weer Nizjneangarsk, helemaal aan de noordpunt van het Bajkalmeer. Dit was de ochtend van weer een warme zomerdag. In maart komend jaar zou ik mee kunnen op een winterreis, met sledes over het meer en zo, maar dat ga ik niet doen. 
 

Tot ergernis van enkele reisgenoten, met een elleboog ongeduldig leunend op de balie, ging het inchecken bij dit hotel in Novaja Tsjara (na drie treinreizen van in totaal bijna 40 uur zonder 1 minuut vertraging) niet zo vlot.
Mijn naam staat in de rechterkolom (links wanneer u het schrift omdraait) fout geschreven (Hartmen). Verder geen geheime notities aangetroffen.

Hier deel 6.

De BAM - een reis over een megalomane spoorlijn. Verslag in foto's - 4.

Salto's in de Amoer en Navalny in Chabarovsk - het vierde en laatste deel van mijn fotoverslag van mijn reis over de BAM, de Bajkal-Amoer Magistral. De spoorlijn ligt enkele honderden kilometers ten noorden van de Transsiberische Spoorlijn. 
Hier deel 3.  (Reproductie van de foto's uitsluitend via hollandse-hoogte.nl)

Herstel: er volgen nog zeker twee afleveringen.

Tynda. Hier ben ik, in de hitte, gaan zitten wachten tot er iemand met de juiste gestalte en de juiste motoriek door het beeld kwam lopen. Ik weet niet waar ze naartoe ging, maar op de terugweg kwam ze nog een keer langs!

-----------

In het dorpje Kitsjera, aan de noordkant van het Bajkalmeer, bespraken we met beide heren de toestand in de wereld en we waren het roerend met elkaar eens. Na afloop van het gesprek, dat ze graag onder het genot van een stevige slok hadden voortgezet, vroegen ze of we misschien honderd roebel voor ze hadden. We schudden onze portemonnees leeg en dat leverde aan muntjes vijftien roebel op. "Het begin is er!", was de verheugde constatering.  

Verder denk ik dat ze zich met alle plezier hadden aangesloten bij dit kwartet. Deze vier bevonden zich in Severobajkalsk, vanaf Kitsjera een uurtje of twee met de auto over een onverharde weg - wat naar Siberische maatstaven helemaal niks is, natuurlijk. 

---------------

Bij wijze van contrast. Deze jongeling in Komsomolsk aan de Amoer - aanzienlijk verder dan twee uur met de auto - had een helder hoofd. Wat geen overbodige luxe was, want als je na zo'n salto in het water belandt, moet je snel naar de kant. De Amoer stroomt nogal snel. Ze waren trouwens nog geen vijf minuten bezig, of daar kwam, in een motorbootje, de politie. Dat ze daar onmiddellijk mee op moesten houden. Dat deden ze, maar aan de andere kant van die twee boten, honderd meter verderop, gingen ze even later vrolijk verder.

Ook bij het water: 

Een stadsfeest met zang en dans. En nog geen vijftig meter naar links vermaakte de jeugd van Komsomolsk aan de Amoer zich in haar eigen wereld:

Ik wilde nog tegen hem zeggen: laat verder maar, kansloos, maar ik heb me er niet mee bemoeid. 

---------------

Het dorpje Doesjkatsjan aan het Bajkalmeer. Er lag vis op de barbecue, maar daar houd ik niet van. Dus ben ik maar wat gaan lopen met m'n fototoestel.

-----------------

Nog even terug naar Komsomolsk aan de Amoer - met afstand de boeiendste plaats aan de BAM. Je mag toch hopen dat dit mozaïek, al kan je er nog zo veel vraagtekens bij zetten (het is een eerbetoon aan de vrijwilligers van de Komsomol, terwijl de stad voor een groot deel gebouwd werd door gevangenen), tot in lengte van jaren behouden blijft. 

En deze hamer-en-sikkel, in Vanino, mag ook blijven. 

------------------

Chabarovsk. Flyeren voor Navalny. “Er was hier pas nog een Nederlandse mevrouw”, vertelde de jongen in het witte t-shirt, “en die zei dat het in Nederland allemaal veel slechter was. Dat je in Nederland met een klein pensioen maar moest zien rond te komen, met allemaal hoge prijzen en huren.” De mevrouw had een bedrag genoemd (hoe hoog of laag precies, ben ik vergeten) en daar was hij een beetje van in verwarring geraakt. “Zulke hoge pensioenen hebben we in Rusland helemaal niet!” (De mevrouw in kwestie maakte geen deel uit van mijn reisgezelschap, anders had ik haar diezelfde dag nog een paar dingen uitgelegd.)
 

Waarmee we zijn aangekomen bij het einde van mijn foto-verslag. Deze brug hoort er eigenlijk niet bij, want die ligt in Krasnojarsk, over de Jenisej. Het was de eerste halte op weg vanuit Moskou naar het beginpunt van de BAM. Hopelijk wordt deze foto symbolisch, want als mijn plannen werkelijkheid worden, vormt hij de schakel met mijn volgende reis: vanuit Krasnojarsk per boot over de Jenisej naar het noorden. 

De BAM - een reis over een megalomane spoorlijn. Verslag in foto's - 3

Moestuinen en Stalinbarakken. Deel 3 van het foto-verslag van mijn treinreis langs de BAM, de Bajkal-Amoer Magistral, de spoorlijn die gebouwd werd in de jaren 1974-1984 en die enkele honderden kilometers ten noorden van de Transsiberische Spoorijn ligt. Hier deel 2. (Reproductie van de foto's uitsluitend via hollandse-hoogte.nl)

Tynda, de 'hoofdstad' van de BAM. Je zou het niet zeggen als je deze foto ziet, maar Tynda kampt met een dalend inwonertal. Het waren er 70.000 in 1989, toen de bouw van de spoorlijn in volle gang was, nu zijn het er ongeveer de helft. De meisjes - die met de meeste ballonnen was jarig - lopen over de Krasnaja Presnja. Die straat heb je ook in Moskou en dat is geen toeval. De hele USSR bouwde mee aan de spoorlijn en Moskou kreeg Tynda toegewezen als bouwproject.
      

Het dorpje Doesjkatsjan aan het immense Bajkalmeer. We vroegen de vrouwen wanneer ze voor het eerst hoorden van de spoorlijn die er ging komen. Er waren al geruchten voordat het officieel bekend werd, vertelden ze. En verder heb ik niet goed geluisterd, want over het dorpsweggetje liepen twee meisjes met een hondje heen en weer. 

----------------

Tussen Oest-Koet (het beginpunt van de BAM) en Severobajkalsk. Maar het had overal kunnen zijn, want het maakt niet zo veel uit waar je rijdt in Rusland met een trein. De afstanden zijn altijd lang, het uitzicht blijft bijna overal gelijk en ook het ritme van de rails is steeds hetzelfde. En 's nachts, wanneer je ergens stilstaat, hoor je een vrouwenstem (altijd een vrouwenstem) aankondigen dat de trein op spoor 2 gaat vertrekken. Is dat jouw trein? Het maakt niet uit. Je slaapt verder en je komt altijd aan.  

Station Fevralsk, met op de trein dat mooie, rode logo. Het bestaat uit drie letters: РЖД, wat staat voor Russische Spoorwegen (Российские железные дороги).
 

Kitsjera, aan de noordkant van het Bajkalmeer. De bouw van het dorp werd toegewezen aan de toenmalige Sovjet-republiek Estland en we zijn hier in de Tallinstraat. De bewoners  waren trots op hun mooie bloementuintjes en goed verzorgde trapportalen, vol muurschilderingen met als thema: poezen. Ook de moestuinen moesten we beslist zien.

----------------

Met de bouw van Komsomolsk aan de Amoer werd begonnen in 1932. Aan de Amoer staat een standbeeld voor de vrijwilligers - leden van de Komsomol - die daarbij hun beste beentje voorzetten. Niemand maakt er in de stad tegenwoordig nog een geheim van dat toch vooral gevangenen als arbeidskrachten werden gebruikt, bij de bouw en in de fabrieken die er kwamen. Hier, aan de rafelranden van de stad, restanten van barakken. In dit geval werkten de gevangenen in de nabijgelegen staalfabriek, rechts op de rechterfoto.  
 

En van de afdeling water heb ik dit keer de Tatarensont, die ligt ingeklemd tussen de Zee van Ochotsk, de Zee van Japan, Ruslands oostkust en Sachalin, en het voor mijn lezers inmiddels vertrouwde Bajkalmeer. In de Tatarensont, bij het dorpje Datta, wordt gevist op keta. In het Bajkalmeer, bij Severobajkalsk, kort na zonsopgang, op omoel. De stemmen van de vissers in de bootjes reikten ver, maar niet zo ver dat ik ze kon verstaan. Ik had daar anders, denk ik, nog een apart stukje aan kunnen wijden.