Lenin en zoete Hollandse meisjes - de geschiedenis van de USSR aan de hand van snoeppapiertjes - 2

-------------------

Hadden de beeltenissen en taferelen op de snoepwikkeltjes uit de vroege USSR in deel 1 steeds betrekking op binnenlandse personen en gebeurtenissen, hier komt ook het buitenland aan bod. Hierboven zien we de Amerikaanse filmacteur Douglas Fairbank sr. Het betreffende snoepje stamt vermoedelijk uit het midden van de jaren twintig. Amerikaanse films vormden in die tijd bijna de helft van het aanbod in de Sovjetcinema’s en Fairbank was één van de bekendste acteurs. Was er een serie snoepjes met filmsterren, al dan niet uit de VS? Of werd dit ene snoepje geproduceerd ter ere van het bezoek dat Fairbank in 1926 (samen met Mary Pickford) aan Moskou bracht? Ik weet het niet.
 

Het linkersnoepje heet – het zal er niet minder om gesmaakt hebben – ultimatum. Ook dit plaats ik in de jaren twintig. Het keiharde statement zal vermoedelijk te maken hebben gehad met de nota van mei 1923 van de Britse minister Curzon (ook wel ‘Curzon’s ultimatum’ genoemd) aan de USSR, dat in de ogen van de Engelsen een toontje lager diende te zingen in Perzië en Afghanistan.  

Het wikkel rechts mag er ook zijn. Proletariërs aller landen verenigt u, staat er in het Russisch, en verder laat het niks aan duidelijkheid te wensen over. Het snoepje heet, bijna ten overvloede, internationale. 

Link zoetigheid voor de export. Maar waar ging het snoepje stratosphere dan naartoe? Misschien was het speciaal bestemd voor de Wereldtentoonstelling in Parijs van 1937. De trotse tekeningetjes van de parachutes die met een soort capsules afdalen uit de ‘stratosphere’ passen goed bij zo’n evenement. En het levensmiddelenconglomeraat Mosselprom (zie het papiertje) werd in 1937 opgeheven, dus dat zou nog net kunnen. De rechtervariant was duidelijk voor binnenlands gebruik. 

--------------

Bij de snoepjesproductie in de jonge Sovjetunie sprak Holland duidelijk een woordje mee. Deze vier wikkeltjes laten een Hollands meisje zien, getuige de naam van het snoepje: Gollandotsjka (2 x), Goljandska en Golandotsjka. Het rode rechts komt uit Kiev, het snoepje ernaast is van Zoetwaren Fabriek Rosa Luxemburg in Odessa. Bij het tweede snoepje van links staat geen plaatsnaam vermeld, wel het woordje LOR/ЛОР. Dat woordje staat in het Russisch voor een keel- neus en oorarts ... Hebben we hier te maken hebben met een al dan niet zoet keeltabletje? Het lijkt me onwaarschijnlijk. ЛОР staat ook voor лагерь особого режима/strafkamp met bijzonder regime, maar dat zal hier toch ook niet bedoeld zijn. (Wie weet waar ЛОР in dit geval naar verwijst, laat het me weten.)

Het snoepje links komt gewoon uit Moskou. Verder valt op dat het om twee keer twee dezelfde afbeeldingen gaat en dat het meisje in geen van de vier gevallen klompen draagt.   
     

------------------

Opvallend vind ik deze twee snoepjes. Niks geen stichtelijke afbeelding of enigerlei propaganda, maar gewoon een aardig design. Ik vermoed dat de ontwerper er met plezier aan heeft gewerkt. Het snoepje met de paarden heet derby en is een product van de Moskouse snoepfabrek Rode Oktober. Het rechtersnoepje heet Gabi en is van de fabriek Rode Invalide in Omsk.

---------------

Er is een serie snoepjes genaamd Jonge Pionier, waar jongelui zich overgeven aan allerlei gezonde fysieke inspanningen. Ze werden ook gemaakt door Rode Oktober. Die fabriek maakte deel uit van het hierboven al genoemde Mosselprom. Dat bedrijf deed voor vormgeving en reclame regelmatig een beroep op kunstenaars en dichters. Zo zijn er snoepjes met rijmpjes van Vladimir Majakovski op de wikkels. De regels op deze sportieve snoepjes lijken me niet van hem, daar zijn ze te simpel voor:’Sport in de open lucht is de basis voor gezondheid’ en ‘Overleg en handigheid winnen’.

--------------------

Tot slot nog een snoepje van de fabriek Rode Oktober uit de serie federatieve, waar diverse volken van de jonge USSR bij werden afgebeeld. Hier zien we een Tstjetsjeen, maar daar gaat het nu even niet om. Veel boeiender zijn de twee namen die op het wikkel staan: ‘Rode Oktober, voorheen Einem’ en (in het kleine regeltje onderaan) ‘Mehnert’. Over beide namen meer in een van mijn volgende stukjes, waarbij ik het verband zal blootleggen tussen de snoepjesfabriek Rode Oktober in Moskou en het haringexportbedrijf van mijn vader in Vlaardingen.

Deel 1.

Lenin en zoete Hollandse meisjes - de geschiedenis van de USSR aan de hand van snoeppapiertjes - 1

Lenin en zoete Hollandse meisjes - de geschiedenis van de USSR aan de hand van snoeppapiertjes - 1

Het moet mogelijk zijn: een geschiedschrijving van de vooroorlogse Sovjetunie aan de hand van snoeppapiertjes. De collectivisatie van het platteland, de mechanisatie van de landbouw, de industrialisatie, de pioniertjes, de Komsomol, de politieke leiders, de buitenlandse betrekkingen – het komt allemaal voorbij op de wikkeltjes die menig kinderhand haastig zal hebben verwijderd.

Ik stuitte op een groot aantal snoeppapiertjes en maakte een selectie. Ik heb ze gegroepeerd rond een paar thema’s. Lastig was, dat jaartallen ontbraken, waardoor de chronologie niet altijd zal kloppen. In elk geval lijken me de eerste snoepjes hieronder de oudste. De papiertjes zijn kleine propaganda-postertjes, met een politieke en educatieve boodschap.   

Read More

Het duizelingwekkende verhaal van het Huis aan de Kade: Yuri Slezkine beschreef de geschiedenis van het hoofdgebouw der Bolsjewieken - en nog veel meer

--------------------

Beeld: Arthur Shuraev (onder CC-licentie)

Je doet een impulsaankoop – het boek The House of Government van historicus Yuri Slezkine - en komt er thuis pas achter wat je eigenlijk in huis hebt gehaald. Ik dacht: een boek over het befaamde, immense, door drama omgeven appartementencomplex tegenover het Kremlin, op de andere oever van de Moskva. Het gebouw is vooral bekend onder de naam Huis aan de Kade, naar het boek van Joeri Trifonov (1925-1981). Die woonde er zelf en zijn ouders werden er in 1937, tijdens de Grote Terreur, gearresteerd. Het enorme gebouw met zijn honderden appartementen, een theater, kantines, een wasserij, een schietbaan en nog zo het een en ander, vanaf 1931 gaandeweg opgeleverd en bestemd voor het hoogste partij- en regeringskader, kómt aan bod in het boek van Slezkine, maar dat gebeurt pas op pagina 317…
 


Yuri Slezkine schreef een duizelingwekkend, meer dan duizend pagina’s tellend werk over de Bolsjewieken, hun weg naar de Revolutie, hun droom van een duizendjarig rijk en de nachtmerrie waarin die voor velen van hen uitmondde. Hij gooit zijn netten daarbij wijd uit, zo wijd, dat er van de lezer af en toe enig doorzettingsvermogen is vereist. Economie, sociologie, literatuurgeschiedenis, toneeltheorieën, utopische architectuur, marxisme en theologie – het komt allemaal aan bod, en niet zo maar af en toe in een paar alinea’s. Een apart hoofdstuk, vroeg in het boek, wordt gewijd aan de vraag of het ‘lichtende geloof’ (luminous faith) van de Bolsjewieken een religie was. Abraham en Isaak komen voorbij, Mozes, Buddha, de Jacobijnen, de Inca’s en profetiën over de dag des oordeels in Nieuw-Guinea. Binnen deze setting is het Huis van de Regering (de officiële naam luidde: het Huis van het Centraal Uitvoerend Comité en de Raad van Volkscommissarissen) bij Slezkine het hoofdgebouw van de sekte der Bolsjewieken.     

Daartegenover staan, telkens zeer gedetailleerd beschreven, meer aardse zaken als de levensstijl van de elite, haar vakanties, het personeel, de beveiliging, de bouwgeschiedenis van het huis (ontworpen door Boris Iofan, die op de elfde verdieping kwam te wonen), de inrichting van de appartementen, de kwaliteit van het eten in de kantine en de spelletjes die de kinderen speelden op de binnenplaatsen (onder andere sjtander/штандер, een mij onbekend balspel). Dat is al fascinerende leesstof, en dan komt daar op twee derde van het boek ook nog de terreur overheen, die als een ontspoorde bloedhond huishoudt onder de bewoners van het zo ongenaakbaar lijkende gebouw. Na eerst nog een apart hoofdstuk over de rol van de zondebok en de biecht binnen sektes, komen de arrestaties voorbij, de wanhopige brieven aan Stalin met pleidooien van onschuld dan wel bekentenissen, en de lotgevallen van de achtergebleven echtgenotes, die vaak zelf ook nog werden opgepakt, en de kinderen die werden weggestopt in weeshuizen.

De nadruk ligt daarbij op de bekendste namen (Rykov, Boecharin), maar (iets) mindere goden komen ook uitgebreid aan bod. Wie vandaag nog als hoge NKVD-functionaris beschikte over het lot van zo’n beetje de complete bevolking van West-Siberië, kon een dag later naar Moskou worden geroepen om in de Loebjanka tot de meest absurde bekentenissen te worden gedwongen. De angst voor de willekeur was gekmakend, in de appartementen van het Huis aan de Kade stonden de koffertjes klaar in geval er ’s nachts (arrestaties vonden nooit overdag plaats) op de deur zou worden geklopt. En tussendoor wijdt Slezkine uit over uiteenlopende zaken, die wel weer steeds, direct of indirect, verband houden met het huis en zijn bewoners. Zo tekende een aantal van hen voor literaire werken, die in hun zanderig socialistisch-realisme niet meer om door te komen zijn. Daar trekt Slezkine zich weinig van aan – vele pagina’s besteedt hij aan besprekingen van die werken, met steeds het Bolsjewistisch sektarisme als kader. Of hij daar elke lezer een plezier mee doet, betwijfel ik. Zelf kreeg ik geenszins de neiging om de door hem belichte boeken eens ter hand te nemen. 

Het Huis aan de Kade heeft zich van de terreur (en ook van de oorlog) nooit meer helemaal hersteld. De grandeur en het geloof van de eerste bewoners – net als het geloof van hun kinderen, de jonge aanwas van de sekte – was bezoedeld en al dan niet volledig geknakt. In dat opzicht staat het gebouw voor de hele Russische samenleving, die nog altijd niet is bijgekomen van de jaren onder Stalin. Wie daaraan twijfelt, raad ik twee recente, Nederlandse documentaires aan: Liefde is aardappelen van Aliona van der Horst en De rode ziel van Jessica Gorter. 

The House of Government is ook verschenen in het Nederlands, in twee delen, onder de titel Het huis van de regering. Twee Engelse recensies vindt u hier en hier, een Nederlandse hier.
 

Rusland heeft een nieuw logo. Wij wachten op een reactie uit Japan.

--------------------

Rusland is het nieuwe jaar ingegaan met een nieuw logo – sterker nog: met een nieuwe brand, gericht op de buitenlander die naar Moskou en verre omstreken gelokt moet worden. Het nieuwe logo ziet u hierboven.

adv-vacature-manager-online-marketing-bi.jpg

146 landen hadden al een brand. Nederland ook. Verantwoordelijk voor onze eigen brand is NBTC Holland Marketing, waarbij NBTC staat voor: Nederlands Bureau voor Toerisme & Congressen. Onderdeel van onze brand is het oranje Holland-logo met een tulp - u hebt dat vast weleens gezien. (Ik kom die tulp ook tegen met een oranje stengel, de kleurstelling zal, neem ik maar aan, naar keuze zijn. En verder dient u brand uit te spreken met een licht Gooise tongval.)

En nu heeft Rusland dus ook een brand - waarbij men niet over één nacht ijs is gegaan. De eerste stap werd gezet in 2015. Het initiatief kwam van het Federaal Bureau voor Toerisme (zeg maar: het Russische NBTC), dat daartoe samenwerking zocht met de ABKR, de associatie van Russische brandingbedrijven. Verder deed ook het ministerie van Cultuur mee. De brandingbedrijven gingen aan de slag en een jaar later lagen er zeshonderd slogans en 480 logo’s voor. Vervolgens werkten “erkende professionals” zo’n dertig concepten uit, waarvan er tenslotte tien werden voorgelegd aan het publiek, dat mocht stemmen. Daar moest dat publiek niet te licht over denken. Op site van de verkiezing lezen we: “Welke associaties krijgt een buitenlander wanneer hij over Rusland hoort? Wat is het beeld van jouw land in de ogen van een toerist? Of dat beeld waarheidsgetrouw en aantrekkelijk is, helder is en indruk maakt, of het precies is en pakkend, hangt vandaag af van elk van u.” Dit zijn de tien waaruit kon worden gekozen:

Voor een uitgebreide omschrijving van elke brand, inclusief de achterliggende gedachte, de Engelse vertaling van de slogan en enkele voorbeelden van de toepassingen ervan, klikt u hier.  

Het publiek bracht zijn stem uit en dat leverde drie favorieten op. Naast de uiteindelijke winnaar (die staat boven aan dit stuk), waren dat deze twee:


Toen was het woord aan de jury, met daarin enkele klinkende namen. Ik noem slechts woordvoerster van Buitenlandse Zaken Marija Zacharova, presidentieel perssecretaris Dmitri Peskov en Vitali Moetko, onder meer oud-minister van Sport, oud-voorzitter van de Russische voetbalbond en oud-voorzitter van het WK-voetbal-organisatiecomité. Zij hadden de laatste stem en kozen dat wat hoekige logo, met de slogan: Россия — это целый мир, wat ik zou vertalen als: Rusland – een wereld op zich. (De officiële Engelse vertaling luidt: The whole world within Russia.)

Zelf had ik gekozen voor de linker, met de zwaan en het beslagen glas waardoor de reiziger naar Rusland kijkt. Россия. Увидеть больше is hier de slogan, in mijn vertaling: Rusland. Je ziet zoveel meer. Maar ja, ik ben geen oud-minister van sport of zo en slechts zeer zijdelings betrokken bij het komende WK voetbal, dus mijn stem telt niet.

Nog even iets over het winnende concept. Hier ziet u het logo met enige toelichting – en daarbij duikt een addertje op vanonder het gras.

De vlakken en lijnen zijn natuurlijk een verwijzing naar de Russische avantgarde-kunstenaars van begin vorige eeuw (populair in het buitenland), maar dat doet er even niet toe. Elk vlak en elke lijn vertegenwoordigt een deel van de landkaart, met de gele lijn als enig door de mens gemaakt onderdeel: dat is de Transsiberische Spoorlijn. De grote ronde cirkel is Siberië, de oranje lijn is de Oeral, het lichtblauwe bolletje is het Bajkalmeer, het gele bolletje Kaliningrad. Dat is allemaal niks bijzonders en doet op het terrein van de wereldpolitiek geen wenkbrauwen fronsen.Maar, let op, dat kleine, bruine vierkantje linksonder … dat is de Krim. En dan kijk ik nog even naar de samenstelling van de jury en dan denk ik: zou het toeval zijn dat er gekozen is voor het enige logo waarbij de Krim zo duidelijk staat aangegeven als deel van Rusland?

Nou ja. Mocht dit territoriaal enigszins agressief aandoende beeld leiden tot bozige reacties en misschien zelfs tot minder bezoek aan Rusland ( zo niet uit onze contreien, dan wel uit Oekraïne), dan wordt dat ongetwijfeld geheel gecompenseerd door toenemend toerisme uit het oosten. Want als we dit logo consequent interpreteren, zijn de Koerilen teruggegeven aan Japan. 

--------------------------

Overigens vond ik onderstaand concept ook wel mooi, maar dat kwam niet eens bij de beste drie. Het is gebaseerd op de Russische hoofddoek en heeft als motto: Россия. Она прекрасна - Rusland. Ze is prachtig.   

Het 49 jaar onopgemerkt gebleven Nederlands in de kleedkamer van het legendarische Kirov Stadion. (Nog wel tijdens de finale van een Europese bekerwedstrijd.)

----------------------

Hoeveel Sovjetfilms zijn er waarin een acteur behoorlijk Nederlands spreekt? En hebt u ons FC Zenit ooit in het rood zien spelen, de kleur van het vermaledijde Spartak Moskou? Ik kwam een film tegen waarin beide gebeurt, getiteld: Schot! Nog een schot!
 
Er zijn tal van prachtige Sovjet-films, maar Schot! Nog een schot! – hij stamt uit 1968 – behoort daar niet toe. Hij is net zo knullig en sullig als de titel doet vermoeden. Waarom schrijf ik er dan toch, en nog enthousiast ook, een stukje over? Dan moet ik eerst even uitleggen hoe ik de film op het spoor kwam. Regelmatig speur ik het net af op zoek naar kleurenfoto’s uit de jaren vijftig en zestig. Omdat ik daar een zwak voor heb. Dit keer leverde zo’n speurtocht ook een paar minuten bewegende beelden op, waar ik meteen recht bij overeind ging zitten. Beelden van spelers en vooral ook van publiek tijdens een voetbalwedstrijd uit de jaren zestig in het immense, iconische, maar inmiddels door een glad bouwwerk vervangen Kirov Stadion. En ook nog eens van een hoge kwaliteit. 


De achtergrond van de beelden had ik snel achterhaald. Het betreft een vriendschappelijke wedstrijd tussen FC Zenit en Dinamo Moskou, gespeeld op 10 juni 1967. Het duel werd gespeeld om ‘echte’ beelden op te leveren voor een speelfilm: Schot! Nog een schot! En die moest ik natuurlijk ook zien! In de film staan twee teams tegenover elkaar in de finale van een verzonnen Europees bekertoernooi, met als inzet: de Beker van de Noordelijke Zeeën. De twee – ook al verzonnen – teams zijn Zarja uit de USSR en Riffen uit … Ja, uit welk land komt Riffen eigenlijk? Voor de Russische kijker blijft dat onduidelijk, maar ik heb het ontdekt!

Eerst even over dat in het rood spelende Zarja. De spelers die in de ruime shots te zien zijn (waarbij ook de volle tribunes in beeld komen – zie het filmpje hierboven) zijn allen in werkelijkheid gewoon spelers van Zenit. Die voor de gelegenheid dus dat vloekende rood hadden aangetrokken. Bij de close-ups van spelers en spelmomenten (zonder tribunes in beeld - zie de complete film hieronder) zien we acteurs. 

En dan de tegenstander, Riffen. Op filmsites waar Schot! Nog een schot! wordt beschreven, staat over Riffen niet meer vermeld dan dat de ploeg afkomstig is uit de stad Norgaffen (Норгаффен) gelegen in "een West-Europees land". Norgaffen - het zal u niet verbazen - bestaat niet. De paar namen van spelers die genoemd worden, geven ook geen uitsluitsel: Ramke, Schmidt, Diks … Ik dacht aanvankelijk aan Duitsland, want de trainer van Riffen, genaamd Berger, is een Duitser. (Berger lag als Duitse soldaat in de loopgraven voor Leningrad. Pikant, natuurlijk, maar het scenario wordt er niet door gered.) Tijdens de film wordt echter duidelijk dat een eventuele beslissingswedstrijd zal worden gespeeld op neutraal terrein, in Hamburg… Riffen komt dus niet uit Duitsland.

En dan, vlak voor aanvang van de finale, in de kleedkamer van Riffen, overhandigt de assistent-trainer een lijstje aan Berger. En in onmiskenbaar Nederlands klinkt het: “De spelers van Zarja.” (Op 56.06 in de complete film hieronder.)  Ook in de rest van de film wordt er bij Riffen gecommuniceerd in het Nederlands. Af en toe gaat dat wat houterig. In de rust, bijvoorbeeld, zegt Berger tegen zijn elftal: “Attentie! Alles blijft bij het oude!” En in de tweede helft: “Speel heftiger!” Iets natuurlijker klinkt dan: “Hou het tempo laag in vredesnaam!” Dat Berger Nederlands spreekt, hoeft niet te verbazen. Eerder hebben we vernomen dat hij al vier jaar bij Riffen in dienst is.

Wat me wel verbaast, is dat nergens wordt gezegd dat Riffen uit Nederland komt. Niet in de (weinige) artikelen die ik over Schot! Nog een schot! ben tegengekomen, en ook niet in de film zelf. Terwijl je zou denken: dat Nederlands is toch een vrij duidelijke aanwijzing. Als je dan het land van herkomst vaag wilt houden, laat de acteurs dan een verzonnen taaltje praten.

De niet-geregisseerde, vriendschappelijke wedstrijd FC Zenit-Dinamo Moskou in het volle Kirov Stadion eindigde in 0-1. In de filmwedstrijd Zarja-Riffen wordt acht keer gescoord. Beelden van het ene doelpunt uit de echte wedstrijd worden gebruikt in de film. Op verzoek van de filmmakers speelde FC Zenit ook nog enkele van zijn reguliere competitiewedstrijden in dat foute, rode shirt, waarbij dan de tegenstander telkens het wit droeg van Riffen. Ik meen dat ook beelden uit een of meer van die competitieduels zijn gebruikt. (Voor nog een van die acht doelpunten? En zien we daar opeens een andere doelman bij Riffen?), maar om dat nou allemaal uit te gaan zoeken …

Vermeld kan nog worden dat Schot! Nog een schot! geen kassucces werd. In Moskou kon men wel lachen om de film. ‘FC Zenit’ dat een Europese beker wint, terwijl ondertussen … In werkelijkheid verliep het seizoen voor de ploeg uit Leningrad rampzalig. Degradatie ging op het laatste moment niet door, alleen omdat de hoogste divisie met twee ploegen werd uitgebreid. Het verhaal gaat dat dit gebeurde op dringend verzoek van de hoge partijbazen uit de stad. Want het kon toch niet zo zijn, dat in het jaar waarin het vijftigjarig jublieum van de Revolutie werd gevierd, de voetbaltrots van Leningrad, de wieg van die revolutie, zou afdalen naar het tweede niveau.

Hier de complete film. De prachtige toeschouwersbeelden zijn al bijeengebracht in de paar YouTube-minuten hierboven. Daarin ontbreken nog wel de mooie auto’s die in file op weg zijn naar het stadion (vanaf 54.23).


U gaat de film echt niet helemaal uitkijken, vandaar dat ik hier wel kan verklappen hoe hij afloopt. Al blijft het einde ongewis... De finale eindigt in 4-4. De laatste beelden zijn van de rust in de beslissingswedstrijd in Hamburg. Zarja leidt met 2-1 ...

In het stukje muziek helemaal aan het einde is trouwens nog een enkele maat verwerkt uit de Voetbalmars van componist Matvej Blanter. Die mars klinkt nu nog bij wedstrijden in de Russische hoogste divisie, wanneer de spelers het veld opkomen. (Dit schrijf ik onder enig voorbehoud. Ik ben al een tijdje niet meer bij zo'n wedstrijd geweest, en misschien is die muziek inmiddels ook gesneuveld, net als het Kirov Stadion.) 

Romantiek en arrestaties - het wederzijdse vlootbezoek van de Russische en Nederlandse marine in 1956 - 2

-------------------

In uniform aan dek staan van een Nederlandse kruiser en aankomen te Kronstadt, op de rede aldaar begroet worden door Russische marineschepen. De eigen Marinierskapel die het Russische volkslied speelt, een Russisch matrozenorkest dat antwoordt met het Wilhelmus. En dan tijdens een witte nacht via de Neva Leningrad binnenvaren en aanleggen ter hoogte van de Bronzen Ruiter. Dat lijkt me wel wat, maar het zal er wel niet meer van komen.  

Deze ontvangst viel de kruiser Hr.Ms. De Zeven Provinciën ten deel, samen met de onderzeebootjagers Hr.Ms. Friesland en Hr.Ms. Zeeland, in juli 1956. Het smaldeel bracht een vriendschapsbezoek aan Leningrad – het eerste bezoek van de Nederlandse marine aan Rusland sinds 1914. Op datzelfde moment bracht een Sovjet-smaldeel, ook bestaande uit een kruiser en twee torbedobootjagers, een bezoek aan Rotterdam.

0_f37b4_bdae7433_XXL.jpg

Werd er over dat Sovjet-bezoek in de Nederlandse pers vanuit verschillende invalshoeken en op verschillende toonhoogten geschreven (zie deel 1), de berichtgeving ter Sovjetzijde over het Nederlandse bezoek aan Leningrad was wat ingetogener. In het tijdschrift Ogonjok komt commandant schout-bij-nacht Goslings aan het woord, die vertelt dat hij niet wist wat hij moest verwachten, maar dat hij getroffen was door de Russische gastvrijheid en dat zulke bezoeken de volken helpen in hun streven naar een vreedzaam samenleven.

Dit filmpje maakt melding van “vriendschappelijke gesprekken die werden aangeknoopt, waar de Hollandse officieren en matrozen ook verschenen.” Over die gesprekken zo meteen meer.


Aan de kade stonden bussen klaar voor excursies. Op het programma stonden onder meer een stadsrondrit, museumbezoek, een dienst in de kerk van de baptistengemeenschap en een bezoek aan het immense Kirov stadion, waar speedwaywedstrijden gaande waren. De Marinierskapel gaf openluchtconcerten, ’s avonds kon er een operette worden bijgewoond.

Uitnodiging van kapitein-luitenant Van Heuven voor de Officiersclub


Een Nederlands filmverslag laat zien hoe groot de belangstelling van de Russen was voor de Nederlanders. “Dikwijls slaagden zij er met grote moeite slechts in zich tussen de honderden door een weg te banen naar de bussen die gereedstonden voor een rondrit door de stad. Er ontstond al snel een geanimeerde ruilhandel in munten en prentbriefkaarten. Studenten traden op als tolken en aldus konden de matrozen contact onderhouden met de bevolking, wier belangstelling voor de Jantjes vaak overrompelend was.”

Dat laatste valt ook te lezen in een verslag in het blad Alle Hens (hier geciteerd) van een van de opvarenden van De Zeven Provinciën: “En zo gebeurde het dan die middag dat inwoners van Leningrad, na eerst wat schuchter naar ons gekeken te hebben, ons gingen benaderen. Aanvankelijk met wat handgeklap, toen met prentbriefkaarten, hartelijk geschreven groeten en sigaretten. Na een paar uur was er op de kade van de Newa geen doorkomen meer aan. Met duizenden en duizenden omringde men ons. Het leek wel voor deze mensen alsof wij van een andere planeet kwamen. Ook voor ons was deze kennismaking zeer bijzonder. Deze Russen met gegroefde gezichten, sjofel gekleed, wel proper en zeker niet ondervoed. "

Er was ook tenminste één Nederlandse tolk aanwezig en aan hem of haar danken we het leukste verslag: “Het mooiste werk als tolk was het zogenaamde koppelen. Op de bezoekdagen der schepen gebeurde het vaak dat er iets uitgelegd werd. Een groepje bezoekers stond dan aandachtig te luisteren, met daartussen een Hollandse Jan, wien het exposé niet erg ter harte ging trouwens. Eén keer tenminste flitste het plotsklaps: 'Ik wil uit vanavond!' zei de Jan, kennelijk een vrijgezel, 'vraagt U het effe?'
'Met wie?'
Met zijn wijsvinger wees hij onderuit en siste me toe 'Déze'.
Voor me stond een argeloos Russinnetje met grote ogen en heel lange wimpers, zoet te luisteren. 'Deze matroos vraagt of u hem vanavond misschien iets van de stad wil laten zien' deed ik dan.
Ze keek opzij, zag haar toekomstige cavalier en zei dan met haar grote wimpers en een heel licht blosje tegen mij 'Já!' - alsof ik de dominee al was. 'Zeven uur!' beet de matroos alweer.
'Zou het zeven uur schikken?' was het mijn beurt. 'Hier tegenover!' haastte de instigator van het plan zich, alsof hij een actie leidde, die onder geen voorwaarde mocht mislukken. 
En 's avonds in een park zat daar de vrucht van het werk: een innig stel; waarvan de mannelijke helft ineens op je af kon lopen: 'Helpt u 'ns effe; ik kan ze maar niet uitleggen dat ik om 11 uur naar boord moet!"
Of waarvan de vrouwelijke helft je een kaart in de hand drukte: een complete liefdesbrief, ter vertaling. Als je dat dan voorlas stond het paar met vochtige ogen te kijken en de matroos zei dan: 'Zegt u maar dat ik het precies zó voel.' “

-------------

Drie maanden later vielen troepen van het Warschaupact Hongarije binnen. Vriendschappelijke marine-bezoeken zaten er voorlopig niet meer in.

Deel 1.

Romantiek en arrestaties - het wederzijdse vlootbezoek van de Russische en Nederlandse marine in 1956 - 1

----------------

06-4474549-bezoek-russische-vlootsmaldeel.-kruiser-sverdlov-passeert-de-hoek-van-holland-20-juli-1956.jpg


“Saluutschoten daverden over Hoek van Holland.” Het is de onmiskenbare stem van Philip Bloemendal bij beelden uit het Polygoonjournaal van 23 juli 1956. Het saluut had drie dagen eerder weerklonken, toen drie schepen van de Sovjetmarine de Nieuwe Waterweg opvoeren richting Rotterdam. Rond diezelfde tijd voeren drie schepen van de Nederlandse marine in Rusland de Neva op om aan te leggen aan de kade in hartje Leningrad.

Het waren de kruiser Sverdlov en de torpedobootjagers Soerovy en Serdity die om acht uur ’s ochtends de Waterweg opstoomden. Het was het begin van een vierdaags bezoek, waarbij voor de bemanning onder meer Kinderdijk, Scheveningen en het Tsaar Peterhuisje op het programma stonden. Op de kade van Rotterdam werden de schepen verwelkomd door de commandant maritieme middelen de kapitein-ter-zee Derksema. Kinderen van de Russische kolonie in Nederland stonden klaar met bloemen.

De Russische commandant schout-bij-nacht Kotov liet op een persconferentie weten dat schepen als de Sverdlov eigenlijk alleen geschikt waren om bezoeken af te leggen. Het was een geruststelling die in elk geval de lezers van het Leidsch Dagblad goed konden gebruiken. Die kregen bij een kort berichtje over de aankomst van de marine-bodems op de voorpagina een foto te zien van een vervaarlijk ogend vliegdekschip, met opstijgend jachtvliegtuig en al; de Sverdlov, volgens de krant.

Het was nogal wat, zo’n vlootbezoek. Het eerste van de Sovjetmarine aan Nederland, en dan ook nog eens tijdens de Koude Oorlog. De schepen, eenmaal aangemeerd, konden bezocht worden, en daar werd druk gebruik van gemaakt. De bemanningsleden mochten – net als hun Nederlandse collega’s in Leningrad – overal rekenen op veel belangstelling. Om het contact met de plaatselijke bevolking te vergemakkelijken, waren de matrozen en officieren voorzien van een dun boekje, in linnen gebonden, met Nederlandse woorden en uitdrukkingen. In Scheveningen toonden de Russen zich volgens het Leidsch Dagblad (enkele dagen na de ongelukkige foto op de voorpagina) op de drukke boulevard in elk geval steeds bereid tot een praatje. “Een Nederlandse sigaret accepteerden zij graag, zij op hun beurt presenteerden Russische sigaretten met de bekende holle kartonnen mondstukken.”
 

Op het Binnenhof

Helemaal zonder incidenten verliep het vriendschapsbezoek niet. In een Rotterdams hotel werden vier Russen opgepakt. Het kwartet werd de grens overgezet met het consigne om gedurende het vlootbezoek niet meer terug te keren. Het waren leden van de NTS, een in West-Duitsland gevestigde anti-communistische emigrantenorganisatie. Ook zij hadden boekjes bij zich bestemd voor de bemanning. Dat was niks geen politiek, stelde de heer Krikorian van de NTS tijdens een persconferentie in Den Haag, enkele dagen na het vertrek van de drie schepen. De boekjes bevatten slechts wat adviezen, toeristische tips en een woordenlijstje, bedoeld om de Russen te helpen bij het leggen van contacten met de Nederlanders. Volgens de NTS waren de arrestaties verricht op verzoek van de Sovjet-ambassade in Den Haag. Een slechte zaak, aldus Krikorian, want op die manier kregen de Russische matrozen het idee dat ook Nederland een politiestaat was, waar je als emigrant niet veilig was.

De NTS had zich door de arrestaties overigens niet laten ontmoedigen. Er waren prompt andere leden naar Nederland gekomen en die hadden wel contact weten te leggen met bemanningsleden. Enigszins triomfantelijk weet Krikorian in de Provinciale Zeeuwse Krant te melden dat de bemanning van de Sverdlov op 23 juli daarom door eigen superieuren aan een inspectie was onderworpen. Drie opvarenden waren vervolgens vastgezet, zo had Kirkorian van twee andere schepelingen vernomen. Dezelfde Provinciale Zeeuwse Krant haalde “een Russische jonge vrouw” aan, een NTS-lid dat toch met Russen hadden weten te praten. Volgens de krant hadden bemanningsleden haar verteld dat “de lonen [in de USSR] te laag waren en dat deze zeker verdubbeld moesten worden, voorts, dat men in Rusland niet zo bang meer is als onder het bewind van Stalin, dat men meer vrijheid wil en vrije verkiezingen.”

Naast de NTS was er ook een Nederlandse organisatie geweest die enige agitatie onder de matrozen had overwogen: het Nationaal Comité tot bestrijding van Concentratiekampen. Het bestuur had de actie afgeblazen, toen duidelijk werd, aldus het Rotterdamsch Parool/De Schiedammer, “dat de Nederlandse regering niet graag zou zien, dat anti-communistische propaganda gemaakt zou worden tijdens het Russische, officiële bezoek aan Nederland”.

In de Rivièrahal van de Rotterdamse Diergaarde Blijdorp zal men van dit alles geen weet hebben gehad. Daar werd op een van de avonden tijdens het vlootbezoek een talrijk publiek vermaakt door een zang- en dansensemble van de Sovjet-marine, dat was meegekomen met de kruiser en de torpedobootjagers. Hoogtepunt was een mooie uitvoering van het oer-Hollandse volksliedje Daar was er eens een vrouw, die koeken bakken wou. De beelden (krachtige stem van de solist, prima uitspraak) haalden hetzelfde Polygoonjournaal als de saluutschoten bij Hoek van Holland. 

En hoe verging het ondertussen onze Hollandse matrozen in Leningrad? Ook daar bleken de contacten met de plaatselijke bevolking af en toe hartverwarmend. Waarover meer in deel 2.    

Nederlandse mariniers in Leningrad. (Zie het commentaar onder dit stukje.)