Prachtige hulp bij het (her)lezen van Anna Karenina – 1.

————————

Keira Knightley (2012) en Sophie Marceau (1997) als Anna Karenina

——————-

In de vroege jaren van de twintigste eeuw zien voorbijgangers in Moskou af en toe een oude vrouw zitten bij het standbeeld van de dichter Aleksandr Poesjkin op de Tverskoj Boulevard. Het is Marija Aleksandrovna Gartoeng. De passanten zullen niet vermoed hebben dat daar de oudste dochter van Poesjkin zat, en al helemaal niet dat deze oude dame gediend had als prototype van de hoofdrolspeelster in Lev Tolstojs beroemde roman Anna Karenina.

Marija Gartoeng had geen gemakkelijk leven achter de rug, met een echtgenoot die zelfmoord had gepleegd na valselijk te zijn beschuldig van oplichting. Maar het was niet die ellendige levensloop waar Tolstoj inspiratie uit putte; Gartoeng vinden we in zijn roman slechts terug in het uiterlijk van Anna Karenina. De schrijver had Gartoeng ontmoet in 1868 op een soiree in Toela en was, zo herinnerde zijn zuster zich later, danig van haar onder de indruk. In een van de manuscripten van Anna Karenina wordt de hoofdpersoon zelfs een keer ‘Poesjkina’ genoemd en bij de beschrijvingen van haar haar uiterlijk moet Tolstoj haast wel de oudste dochter van Poesjkin voor zich hebben gezien.

I. Makarov: Marija Gartoeng (1860)

Voor doorgewinterde Tolstoj-vorsers is dit allemaal geen nieuws – voor mij was het dat wel. Ik las het in Подлинная история Анны Карениной (De ware geschiedenis van Anna Karenina) van Pavel Basinski. Basinski schreef eerder over leven en werk van Tolstoj en met zijn boeken maakte hij zich geliefd – ook bij mij. Vooral zijn Бегство из рая (Vlucht uit de hemel, in het Engels verschenen als Flight from paradise) maakte indruk. Ik schreef er indertijd een stukje over. Voor zijn De ware geschiedenis van Anna Karenina kreeg hij in 2022 de Grote Boek-prijs (премия Большая книга).  

Ook Подлинная история Анны Карениной is weer een heerlijk boek. Om Basinski zo veel mogelijk recht te kunnen doen, herlas ik eerst de roman van Tolstoj. Dankzij mijn verse lees-indrukken viel Basinski in vruchtbare aarde.

Je zou het op grond van de titel van zijn boek misschien verwachten, maar het is zeker niet zo dat Basinski allerlei geheimen onthuld rond Tolstojs roman. Deels geeft hij zíjn interpretatie van Anna’s zieleroerselen, deels belicht hij simpelweg concrete dingen uit het Rusland van toen.

Welke dans dansten Anna en Vronski op het befaamde bal? Ik hoor u zeggen, mogelijk op het verkeerde spoor gezet door de verschillende verfilmingen: een wals! Nee, Vronski danste die avond de wals met Kiti. Basinski beschrijft de ongeschreven wetten op zo’n avond van de hoogste kringen en legt uit waarom Vronski de wals niet met Anna kón dansen en juist wel met de van hoop vervulde Kiti. Die evengoed een flinke domper te verwerken krijgt, omdat Vronski de mazoerka dan weer niet met haar danst, maar juist met Anna. “De mazoerka was de belangrijkste dans, die sinds de 18de eeuw werd gezien als de ‘plek’ waar over het lot werd beslist en huwelijken werden gesmeed”, schrijft Basinski. De mazoerka was ook nog eens de dans waarmee het eerste deel van het bal werd afgesloten en bij de maaltijd die daarop volgde, zaten de partners van die laatste dans doorgaans bij elkaar. Dat alles zag Kiti aan haar neus voorbijgaan.

Nog zoiets waar je als lezer uit de 21ste eeuw even op gewezen moet worden: de gerechten die Stiva Oblonski bestelt wanneer hij Levin heeft uitgenodigd voor een lunch in een Moskous restaurant. Tot de vereiste ingrediënten (niet genoemd door Tolstoj, wel door Basinski) behoren onder meer tuinkruiden. En die moesten – het is februari - van ver worden aangevoerd. Voor de Russische lezer is dan meteen duidelijk dat deze “gastronomische liederlijkheid” (Basinski) zich afspeelt in een wel zeer exclusieve eetgelegenheid.

Veel dichter bij het drama van Anna komt Basinski met zijn details over de regels rond een scheiding in geval van overspel. Om zo’n scheiding rond te krijgen, dienden er van dat overspel verklarende getuigen te zijn. Die konden doorgaans wel ergens worden gevonden, tegen betaling uiteraard, zelfs al hadden die nog nooit van het gebrouilleerde echtpaar gehoord. Was de scheiding eenmaal uitgesproken, dan had de bedriegende partij niet meer het recht om met wie dan ook te hertrouwen. Voor Anna zou dat een veroordeling betekenen tot een ten diepste vernederend bestaan als verstotene. 

Anna’s echtgenoot, Aleksej Karenin, die bij de meeste lezers weinig sympathie zal oproepen, komt er bij Basinski redelijk goed vanaf. Hij zit ook maar gevangen in de strikte conventies van zijn stand. En hij toont zich bereid om bij de scheiding de rol van bedrieger op zich te nemen, waardoor Anna kan hertrouwen en ook haar zoon niet verliest. Die christelijke goedertierenheid, waarmee Karenin zichzelf op een voetstuk plaatst, ver verheven boven Anna, is voor haar niet te verdragen. Een kwaadaardige echtgenoot bedriegen, dat was te verdedigen. Daar kon men begrip voor opbrengen, dat kon, zolang het maar niet te openlijk gebeurde, door de beugel. Accepteert Anna de scheiding zoals aangeboden door haar echtgenoot, dan wordt ze in de rol gedwongen van een vrouw die misbruik maakt van de goedheid van haar man. Ze vlucht met Vronski naar Italië, zonder scheiding.

Pavel Basinski

In de ogen van Basinski is het dus niet echtgenoot Karenin die Anna tot zelfmoord drijft. Vronski dan? Ook niet. Die gedraagt zich “onberispelijk”. Hij offert zijn carrière voor haar op, gaat met haar naar het buitenland zodat ze tot zichzelf kan komen en biedt haar na terugkeer onderdak op zijn landgoed, uit de buurt van alle boze tongen in de hoofdstad. Basinski, verwijzend naar de harde val van Vronski tijdens de paardenrennen: “Vronski had geen schuld aan de zelfmoord van Anna, zoals hij ook geen schuld had aan de toevallige fout die hij tijdens de springwedstrijd maakte, waarbij hij de rug brak van Froe-Froe.”

Nee, het zijn volgens Basinski drie vrouwen die schuldig zijn aan Anna’s dood: Betsi Tverskaja, Lidija Ivanovna en vooral Vronski’s moeder, gravin Vronskaja. Zíj achtte een relatie van haar zoon met iemand uit de hogere kringen – niet per se met Anna Karenina – wenselijk, want zoiets gaf extra cachet, gaf extra aanzien, het maakte het imago van een veelbelovende jonge man af. Dat was geen uitzonderlijke opvatting. Een tante van Tolstoj, zo schrijft hij in het niet lang na Anna Karenina verschenen Mijn Biecht, wenste hem boven alles een liaison toe met een getrouwde vrouw, want “rien ne forme un jeune homme comme une liaison avec une femme comme il faut”. Voor gravin Vronski verschafte de affaire van haar zoon met Anna daarnaast nog een ander, meer venijnig soort voldoening. Ze zag erin bevestigd dat de ontrouwe Anna in feite hetzelfde was “als alle mooie vrouwen”. 

Maar het spel verloopt niet zoals voorzien, vooral door het karakter van Anna. Die daagt, in de woorden van Basinski, “het systeem” uit. (Wat culmineert in – voor mij – de aangrijpendste scène in het boek: Anna’s bezoek aan het theater, waar ze de minachting trotseert van de kring die haar heeft verstoten.) Gravin Vronskaja ziet dat de affaire de reputatie van haar zoon helemaal niet dat extra beetje glans geeft, maar hem juist schade berokkent en hem richting de ondergang voert. Daarop haalt ze een nieuwe kaart uit haar mouw: de jonge prinses Sorokina. Zou het, zo stelt ze haar zoon voor, niet wat zijn als hij met haar zou trouwen? Vronski vertelt Anna lachend over dat “domme” idee van haar moeder. Maar Anna begrijpt meteen dat de gravin helemaal niet dom is en dat de machinaties om haar definitief uit te schakelen in gang zijn gezet. Wanneer ze Vronski en Sorokina in door de gravin bekokstoofde omstandigheden samen ziet, valt ze over de rand en verliest ze gaandeweg haar verstand.

“Anna Karenina lezen is niet alleen een genoegen, het is ook hard werken voor de lezer”, schrijft Basinski. Wat dat harde werken betreft: Basinski’s boek is daarbij een prachtige steun in de rug dat het genoegen aanzienlijk vergroot, zelfs al is dat achteraf. Eérst Basinski lezen en dan pas Anna Karenina? Dat lijkt me niet, dan krijg je wel heel veel spoilers op je bord. En bovendien geeft het, verrassend genoeg, veel voldoening, wanneer je door Basinski allerlei details krijgt voorgeschoteld waar je glad overheen had gelezen. Zo zou ik hier nog, dankzij De ware geschiedenis van Anna Karenina, iets kunnen vertellen over die naam van Vronski’s paard, Frou-Frou. Of over Vronski’s tanden. Maar het genoegen om dat te ontdekken is alleen maar groter wanneer u zelf Basinski leest.

———————

Deel 2.