jongeren

Tamada: Het lied dat Navalny tijdens zijn korte gevangenschap zestig keer moest aanhoren.

---------------------------

Wanneer een Russisch liedje sinds juni vorig jaar op YouTube meer dan 30 miljoen keer is afgespeeld en jij hebt er nog nooit van gehoord, dan heb je ergens het contact mee verloren. Die gedachte drong zich aan me op en bleek, nadat ik ook eindelijk het liedje had beluisterd, geheel juist.

Ik kwam Tamada (zo heet het lied) via een verre omweg op het spoor: via een tweet van Aleksej Navalny. De politicus zat onlangs weer eens een tijdje vast. Toen hij vrij was gelaten, meldde hij via Twitter dat hij gedurende de twintig dagen van zijn gevangenschap twintig boeken had gelezen, een paar woorden Kirgizisch had geleerd, tachtig liter thee had gedronken en niet minder dan zestig keer het lied ‘Дай мне слово, ведь я тамада’ op de radio had gehoord.

Zestig keer op de radio in twintig dagen plus een speciale vermelding door Navalny, dat moest wel iets zijn … Kijkt u mee? De boel is ondertiteld.


Er zijn tal van andere filmpjes bij dit nummer, met wild bewegende beelden, maar die – gelooft u mij – leiden erg af van de tekst. En om die tekst gaat het mij natuurlijk. Erg overtuigd van mijzelf besloot ik alle mij onbekende woorden en uitdrukkingen op te zoeken en te duiden, maar daar kwam ik al snel van terug. Laat ik beginnen met iets simpels, dacht ik nog: бортовой (op 0.39) … Ik heb de betekenis ervan in deze context niet kunnen achterhalen.   

Twee dingen die ik wel meen te hebben gevonden: … моя кавабанга (2.34) en … а я рокатон (2.43). Кавабанга (kavabanga) komt uit Amerika. Ik geef de Engelse uitleg die ik aantrof op wiktionary.org: Cowabunga has its origins in the nonsense word "kawabonga", invented by Edward Kean, writer of The Howdy Doody how, a children's TV show that ran in the USA from 1947 until 1956. Chief Thunderthud, a character on the show, started every sentence with the nonsense word "kawabonga" or with the syllable "kawa" followed by ordinary English words. In een woordenboek van Russische jeugdtaal vond ik vervolgens dat кавабанга, in het Russisch dus, een uitroep van enthousiasme is. In de onderhavige tekst is het geen uitroep, maar een zelfstandig naamwoord. Er zal een aantrekkelijke jongedame mee bedoeld worden, maar garanties geef ik niet. Kijkt u dus een beetje uit wanneer u dit woord in de strijd denkt te gaan gooien.

De makers: MiyaGi & Эндшпиль (Eindspel)

En dan: … рокатон (rokaton). Zoekmachines stuurden me steevast richting sites met Rotokan in de aanbieding. Mondwater, leerde ik, en ik kwam woorden tegen als stomatitis, gingivitis en flux. Tot ik op het Engelse rockathon stuitte: a prolonged session of playing or listening to rock music. Dat zal dan toch hetzelfde woord zijn als dat рокатон in onze tekst? De zanger omschrijft er zichzelf mee (“ik ben een rockathon’) en hij zal ermee bedoelen dat hij over bijzonder veel energie beschikt, op de dansvloer en op andere locaties. (Opnieuw: geen garanties!)

Mijn pogingen om het lied te doorgronden heb ik opgegeven. Wel gebruik ik het om mijn spreekvaardigheid te vergroten. Al ruim een week probeer ik het fragment vanaf А ну-ка наливай … tot en met … кому не лень (0.39-0.50) in hetzelfde tempo te reproduceren. Het is me nog niet gelukt – zelfs niet met de tekst voor me –  maar ik maak vorderingen.

Mocht het me uiteindelijk lukken, het contact met dit lied zal ook dan niet tot stand komen. En dan denk ik terug aan de liedjes die me indertijd hielpen bij mijn eerste stapjes op weg naar een redelijke beheersing van de Russische taal. Op de markt in Utrecht kocht ik (gaat u mee naar de winter van 1975-1976?) een langspeelplaat met liedjes uit alle republieken van de USSR. Het eerste nummer was С чего начинается родина? (Waarmee begint het moederland?), gezongen door Mark Bernes. Ik snapte toen niks van die tweede naamval чего, maar met dat lied kwam het contact uiteindelijk wel tot stand. De titel gebruikte ik nog weleens als grapje. Als er wodka werd ingeschonken of bier, dan zei ik: с чего начинается родина …

-----------------

Mark Bernes ... Hoe vaak dít lied op YouTube is afgespeeld? De teller staat nog niet eens op een half miljoen ...

Hoe jongeren in Leningrad al in de jaren tachtig hun eigen ‘chatrooms’ hadden – via de vaste telefoon en een geheim nummer.

---------------


Behoorde je in de jaren tachtig in Leningrad tot de ingewijden – tot de Эфирщики (Efirsjtsjiki) – dan kon je met tientallen tegelijk onbeperkt chatten via een gewone telefoon of vanuit een telefooncel. Het enige wat je hoefde te weten was het geheime nummer.

Hoe en wanneer het fenomeen van de Efirsjtjiki precies is ontstaan, is niet helemaal zeker, maar eind jaren zeventig wás het er. Er deden nummers de ronde - belde je er daar eentje van met de draaischijf van de telefoon, dan kon je praten met iedereen die op datzelfde moment ook dat nummer had gedraaid – als in een chatroom.

Leningrad was in de jaren tachtig het centrum van informele groeperingen die zich het liefst verre hielden van de officiële structuren en een eigen subcultuur vormden. De Efirsjtsjiki pasten naadloos in die kleurrijke ‘ondergrondse’. Ze maakten gebruik van een technisch onvolkomenheid in de telefooncentrales van die tijd. Die laat ik hier verder onbesproken, vooral omdat ik er weinig tot niets van begrijp.

De nummers (die een zwevend bestaan leidden; ze waren niet gekoppeld aan abonnees) gingen van mond tot mond. Daarbij was de kwaliteit verschillend. Toen men bij de telefooncentrales het gedonder in de gaten kreeg, werd geprobeerd om de betrokken nummers onbruikbaar te maken. Dan kregen de bellers een ingesprektoon te horen. Daar kon je doorheen praten, maar ongestoord kletsen was er dan niet meer bij. Een vervuilde ‘chatroom’ werd vuilnisbelt (помойкa) genoemd. Er waren Efirsjtsjiki die een versterkertje in hun telefoon wisten te bouwen, waardoor ze beter verstaanbaar waren, maar handiger was het toch om op zoek te gaan naar een betere nummer, dat toegang gaf tot wel bruikbare chatrooms. Die werden schone ether (чистый эфир) werden genoemd.

Hippie-achtige locaties, zoals café Saigon (Nevski 49), waren de plekken waar deze nummers de ronde deden. Onduidelijk blijft hoe die zwevende nummers gevonden werden. Gewoon geduldig nummers draaien tot je er eentje ontdekte, zoals wel wordt geschreven? Maar dat vereist onwaarschijnlijk veel geduld. Waarschijnlijker is het dat de nummers afkomstig waren van medewerkers van de telefooncentrales zelf, die een zwak hadden voor de Efirsjtsjiki, of er misschien wel zelf toe behoorden.

Jevgeni Oechnaljov - Hoop (1987)

Wie thuis geen telefoon had, kon zijn toevlucht nemen tot een telefooncel. De toestellen daar werkten op dvoesjka’s, muntjes van twee kopeken. Onbeperkt kon je daar niet mee bellen, waardoor een uitgebreide chat nog een kostbare zaak kon worden – nog los van het feit dat die dvoesjka’s ook niet onbeperkt voorradig waren.*)  Daar was een trucje voor, dat niet alleen gebruikt werd door de Efirsjtsjiki. Je maakte een klein gaatje in het muntje, maakte er een touwtje of een stukje vissnoer aan vast en daaraan trok je het weer uit de telefoonautomaat. Zo kon je eindeloos chatten, al moest je dan wel telkens opnieuw inbellen. Een muntje van twee kopeken op je jas was ook het symbooltje waaraan Efirsjtsjiki elkaar konden herkennen. In het midden van de jaren tachtig was Lenins locomotief op het Finlandstation op zaterdagmiddagen een ontmoetingsplaats van bellers die elkaar ook weleens in het echt wilden ontmoeten.

Het fenomeen van de Efirsjtsjiki stierf een logische dood: oude telefooncentrales werden vervangen door modernere (opnieuw treed ik liever niet in details), en in de tweede helft van de jaren negentig was het voorbij. Er is een internetforum van oud-Efirsjtsjiki, maar ook daar is niet veel leven meer te bespeuren.


*) In mijn herinnering kon je, binnen de stad, wél onbeperkt bellen met een dvoesjka, maar in één van de artikelen die ik voor dit stukje las, wordt een maximumtijd van twee minuten genoemd.

-------------

Hieronder een korte documentaire over de Efirsjtsjiki. Mocht u de tekst willen meelezen, die staat hier volledig afgedrukt. (In de documentaire worden beelden gebruikt uit een andere film, die heb ik niet kunnen vinden.)