muziek

Dit is een ijselijk stel hoor!… Hét Russische ijshockeylied kwam uit onverwachte hoek.

——————-

President Poetin ontvangt componist Pachmoetova en tekstdichter Dobronravov

President Poetin ontvangt componist Pachmoetova en tekstdichter Dobronravov


In Rusland – en ook daarbuiten, trouwens – ben ik nog nooit naar een ijshockeywedstrijd geweest. Met als gevolg een opvallende lacune in mijn toch vrij uitgebreide Russische-muziekkenis. Pas zeer onlangs kwam ik namelijk hét ijshockeylied van Rusland tegen, dat (naar verluidt) elke Rus kent: Een lafaard speelt geen ijshockey. Verrassend vond ik de namen van de auteurs: componist Aleksandra Pachmoetova en tekstschrijver Nikolaj Dobronravov, die in dit geval werd bijgestaan door Sergej Grebennikov.

Pachmoetova (1929) en Dobronravov (1929) kende ik natuurlijk wel: het eerbiedwaardige schrijversduo, dat alleen al een plaatsje in de muziekhemel verdient vanwege het lied Как молоды мы были. Laten we daar eerst even naar luisteren, in een uitvoering van Dmitri Chvorostovski:


Dan lijkt het toch wel een hele stap naar een lied over ijshockey… Maar dat valt eigenlijk wel mee. Pachmoetova en Dobronravov waren (beiden leven nog, of ze nog veel schrijven weet ik niet) zeer veelzijdig. Ze behoorden tot het Sovjet-establishment en leverden naast ‘neutrale’ liedjes een grote hoeveelheid werk af over alles wat van landsbelang werd geacht; kosmonauten, Lenin, de Komsomol en ja, ook ijshockey. Want dat wás van landsbelang. Een lafaard speelt geen ijshockey verscheen in 1968. Geen sport sprak in die tijd zo tot de verbeelding in Rusland als ijshockey. De Sovjetunie was de Verenigde Staten en Canada op het ijs regelmatig de baas en de propaganda-waarde daarvan was nauwelijks te overschatten. Geen wonder dus dat een lied over die sport uit de koker kwam van officieel goedgekeurde topauteurs. Een lafaard speelt geen ijshockey is vooral bekend in de uitvoering van Edouard Khil, die overigens meer van voetbal hield dan van ijshockey:


‘Dit is een ijselijk stel hoor’, boven aan dit stukje, is natuurlijk een verwijzing naar ongeveer de bekendste zin van voetbal- en atletiekcommentator Theo Reitsma – dat moeten de ijshockeyliefhebbers mij maar vergeven. In mijn vertaling gaat ook nog een linkje schuil naar Rinus Michels – ook daarvoor mijn excuses. Het is een beetje vergezocht en u moet dat zelf maar ontdekken. Veel duidelijker – en Dobronravov maakte daar geen geheim van – is de verwijzing in de tekst naar de Veldslag op het ijs van 1242, waarin de Russen onder leiding van Alexander Nevski de Lijflandse Orde versloegen. Wat ik al zei: ijshockey was een zaak van landsbelang.

———-

In de oren galmt de vermetele muziek van de aanval
Stuur je pass preciezer naar een stick, schiet harder
En alles is OK, als het geweldige vijftal en
de doelman maar op het ijs staan

Het ijselijk stel voert een harde strijd
Wij geloven in de moed van de onverschrokken kerels
IJshockey wordt gespeeld door echte mannen
Een lafaard speelt geen ijshockey

Laat achter het doel van de tegenstander steeds vaker
Het lampje pulseren als een overwinningsbliksem
Maar is het nodig, dan vormen het geweldige vijftal
En de doelman een schitterende verdediging

Het ijselijke vriendenstel…

Vele mooie wedstrijden zullen gespeeld worden
We zullen nooit, nooit vergeten hoe in vroeger dagen
Het geweldige vijftal en de doelman
in geweldige slagen goud en bekers delfden

Het ijselijke vriendenstel…

—————

Hier nog een documentaire over Pachmoetova en Dobronravov. Bij 39.00 vertelt de legendarische ijshockeydoelman Vladislav Tretjak hoe het lied Een lafaard speelt geen ijshockey de spelers van de nationale ploeg inspireerde. (En een minuutje verder het lied dat klonk bij de sluitingsceremonie van de Olympische Spelen van 1980, onder de klanken waarvan mascotte Misjka langzaam wegdreef uit het stadion.): 

Serebrennikovs Leto - een film, zwanger van een legendarische toekomst

——————

Het borrelde in die jaren en ik kreeg er weinig van mee, terwijl ik toch regelmatig in de Sovjetunie zat. Ik speelde in de provincie weleens met een bandje, vrienden wezen me er de weg op de zwarte markt, waar elpees van Deep Purple, John Lennon en Billy Joel goud waard waren. In de grote stad, Leningrad, trok ik een paar dagen op met de Magnetic Band, een stel aardige jongens uit Tallinn, die bij hun concerten bang waren voor té veel enthousiasme onder hun publiek – volgende optredens zouden weleens verboden kunnen worden. Het was januari 1982.

Een half jaar eerder, in de zomer van 1981, liep in Leningrad Viktor Tsoj rond, een jonge muzikant met een paar liedjes, op zoek naar aansluiting bij de rockscene. De opwindendste delen van die scene bevonden zich nog ondergronds – buiten mijn blikveld –  het bravere deel vond af en toe zijn weg naar de officiële podia. Opwindend en braaf, het kon zich ook verenigen in één persoon, in één band, met een officieel concert ’s avonds, gevolgd door optredens ergens aan huis of in zaaltjes achteraf, waar fans alleen via via van wisten en waar je na afloop niet meer weg kon, omdat de bruggen over de Neva al geopend waren voor de nacht.

Op dat snijvlak van onder- en bovengronds speelt zich de film Leto (Zomer) af van regisseur Kirill Serebrennikov. Het is een film zonder vergezichten, letterlijk en figuurlijk; weidse panorama’s – waar Leningrad zich zo voor leent – ontbreken. Het tijdsbestek is beperkt: slechts een paar zomerse maanden of zelfs maar weken. Plaats van handeling: zaaltjes, podia, kamers en keukens van kommoenalka’s en, tegen het einde van de film, een opnamestudio. Want Tsoj, die mede door een vroege dood zou uitgroeien tot dé rocklegende van de Sovjetunie en Rusland, vÍndt aansluiting bij de rockscene van de stad.            

Sint-Petersburg, 2019

Tsoj (gespeeld door Teo Yoo) wordt bij de hand genomen door Majk Naoemenko (Roman Bilyk), voorman van de band Zoopark. Die heeft dan al een status onder lokale rockliefhebbers waar Tsoj alleen nog maar van kan dromen. Naoemenko herkent het talent van Tsoj, voelt aan dat hij door hem overschaduwd zal worden, ziet ook dat hij zijn vrouw weleens aan hem zou kunnen verliezen – en gunt hem op beide fronten zijn succes. Naoemenko heeft een grote collectie elpees met Westerse pop en rock. Daar haalt hij een deel van zijn inspiratie uit en hij laat er ook Tsoj uit putten. Lou Reed, David Bowie, Iggy Pop … De wijze waarop regisseur Serebrennikov die Westerse muziek in een paar ‘kleine’ straatscènes door Leningrad laat golven, is verrassend en prachtig.     

De ontmoeting van de Westerse muziek met Russische muzikanten, die er een eigen weg mee inslaan, is het tweede snijvlak van Leto, al komt dat in de film niet concreet in beeld. Maar je weet als kijker met enige kennis van de muzikant Viktor Tsoj en zijn band Kino dat hij aan het begin staat van die eigen, opwindende weg. Je bent getuige van zijn eerste stappen en voortdurend denk je – ook dankzij het overtuigende acteren van Yoo: daar heb je Tsoj, die later zo beroemd gaat worden! Zo is Leto zwanger van een legendarische toekomst. Wat ik me wel afvraag: wat blijft er over van Leto bij een ‘neutrale’ kijker, die geen weet heeft van Leningrad in de jaren tachtig en die pas dankzij deze film kennismaakt met Tsoj? Ik ben benieuwd naar de reacties van kijkers die minder voeling hebben met het Rusland van toen dan ik.     

En wie zich afvraagt wat die soldaten doen die in een van straatscènes links in beeld voorbijkomen met een teiltje in hun hand; die zijn op weg naar een badhuis - of zijn daar net geweest.


Viktor Tsoj kwam in augustus 1990 om het leven bij een auto-ongeluk. Mike Naoemenko overleed in augustus 1991 aan de gevolgen van een hersenbloeding. Kirll Serebrennikov werd nog tijdens de opnames van Leto opgepakt op verdenking van verduistering van overheidssubsidie en onder huisarrest geplaatst. Vorige week werd het huisarrest omgezet in een uitreisverbod.

Vjatsjeslav Boetoesov - zijn liedjes alleen al zijn al voldoende reden om Russisch te leren

—————————

butusov.jpg

Het zal in de tweede helft van de jaren negentig geweest zijn dat ik Vjatsjeslav Boetoesov voor het eerst zag optreden. Ik kende hem niet. Het was in Sint-Petersburg, in een zaal bij metrostation Petrogradskaja. Er stonden meerdere artiesten op het affiche. Van Boetoesov was ik meteen weg, van de rest kan ik me niks meer herinneren. 

Zo maar wat van zijn werk, passend bij de donkere dagen van december.

Ik dacht aanvankelijk aan elk lied de tekst toe te voegen, maar dan wordt dit een heel lang stuk. Elke tekst is simpel te googelen. 

En dit zou zo maar mijn laatste stukje van 2018 kunnen zijn.

Прогулки по воде:

Синоптики:

Моя звезда:

Ванинский порт:

Крылья:

Песня идущего домой:

Mijn Russische muzikantjes zagen de sneeuw en wilden buiten spelen. En had ik nog een verzoeknummer?

----------------

20180228-029.jpg

Vergiste ik me nu? Werd het wat onrustig in de boekenkast, daar achter het glas? Waar mijn Russische blaasmuzikantjes doorgaans hun marsjes blazen, in volle harmonie? Ik schoof het glazen wandje weg. De muziek kwam nu luid de woonkamer in. En inderdaad, het klonk net even anders allemaal. Onrustig, af en toe net niet in de maat …

En tussen de noten door hoorde ik plots heel duidelijk: “Mogen we buiten spelen?” Ze hadden het zien sneeuwen, hadden zo’n heimwee gekregen naar Leningrad, en wilden weer marcheren, zoals ze vroeger deden, vanaf Plosjtsjad Vosstanija, over de Nevski, de Anitsjkov brug, langs de Passage (ach, de Passage, waar ze ooit, op 9 mei, van die prachtige, trotse, droevige oorlogsliedjes hadden gespeeld!), langs de Gostini Dvor, over de Mojka, en dan rechtsaf, de Bolsjaja Morskaja in en onder de stenen boog door het Paleisplein op!

Natuurlijk mochten ze buiten spelen. Ik verontschuldigde me, dat mijn tuin wat mager afstak bij de beelden van hun heimwee. Ze vonden het niet erg.


Daar gingen ze! En had ik nog een verzoeknummer? Ik aarzelde even. De mars der vliegeniers? Katjoesja? Afscheid van een Slavisch meisje? Overwinningsdag? Nee, toch maar De mars der vliegeniers.


En toen ze klaar waren, gingen ze ook nog even het ijs op. Om te oefenen, voor als het nog een paar dagen flink zou vriezen in Amsterdam. Spelen op de Amsterdamse grachten!      

-----------------

(Over mijn trouwe soldatenmuzikantjes schreef ik eerder hier en hier.

Hoe ABBA en de toeschouwers bij het Tsjajkovski-concours in Moskou de KGB de zenuwen bezorgden

---------------------


Dat pop- en rockmuziek voor de KGB in de jaren tachtig een hoofdpijndossier vormde, dat was me bekend. Dat ook klassieke muziek de geheime dienst de zenuwen kon bezorgen, dat wist ik niet.

In de winter van 1981 trok ik in een ijskoud Leningrad een paar dagen op met de Magnetic Band, een uiterste sympathieke rockband uit Estland, onder leiding van Gunnar Graps. Ze traden op in middelgrote zalen, waar het enthousiasme groot was. Af en toe zo groot dat er gedanst werd – dit tot lichte ongerustheid van Graps en de zijnen. Bij een teveel aan dit soort wilde taferelen zouden er weleens concerten geschrapt kunnen gaan worden.      

Ik moest meteen aan die optredens van de Magnetic Band denken, toen ik onderstaand document tegenkwam. Het is een schrijven van de KGB over de zevende editie van het vermaarde Tsjajkovski-concours in Moskou. Daar stond bepaald geen rockmuziek op het programma, maar toch kon het publiek ook daar erg enthousiast worden. Geen probleem op zich, ware het niet dat het enthousiasme de verkeerde muzikanten gold: die uit Engeland en de VS, en niet uit de eigen USSR. Daar fronste men bij de KGB de wenkbrauwen over. En hoe zat dat met die geruchten over optredens van het 'ensemble ABBA'?

(Voor opmerkingen over de houterige stijl van onderstaand document wende men zich niet tot de vertaler, maar tot de KGB.)

No. 522
V.V. FEDORTSJOEK – CC CPSU  OVER HET GEDRAG VAN SOVJET-BURGERS IN CONCERTZALEN EN BIOSCOPEN
19  juli 1982

Geheim
No. 149-F
Moskou

CC KPSU
Aan kameraad Andropov Joe.V.

OVER NEGATIEVE VERSCHIJNSELEN IN HET GEDRAG VAN AFZONDERLIJKE CATEGORIEËN VAN TOESCHOUWSERS GEDURENDE OPTREDENS VAN BUITENLANDSE ARTIESTEN EN VERTONINGEN VAN WERKEN VAN BUITENLANDSE FILMKUNST

Volgens gegevens die het Comité van staatsveiligheid van de USSR bereiken, vinden de laatste tijd niet zelden elementen van negatief gedrag plaats van afzonderlijke categorieën toeschouwers, onder Sovjet-burgers die aanwezig zijn bij verschillende internationale evenementen op het gebied van cultuur en kunst.

Op 9 juli van dit jaar vond in de Grote zaal van het Moskouse staatsconservatorium de plechtige sluiting plaats van het VII Internationale P.I. Tsjajkovski-concours, waarbij de uitslagen werden bekendgemaakt en tevens een afsluitend concert van de laureaten werd gehouden. Gedurende de uitreiking van de prijzen aan de winnaars, kwam bij een meerderheid van de toeschouwers een demonstratieve tendentie aan het licht tot een duidelijke overwaardering van enkele buitenlandse uitvoerders en vooral van vertegenwoordigers van de USA en Groot-Brittannië, die werden begroet met langdurig applaus dat af en toe van een provocerende moedwilligheid werd. Het duidelijkst kwam dat tot uiting bij de onderscheiding van de Engelsman Donohoe P. (tweede prijs), de Amerikanen Zajats D. (derde prijs) en Barbagallo J. (zevende prijs). Ondertussen verliep de prijsuitreiking bij Sovjet-vertolkers die hogere plaatsen bezetten, in een sfeer van niet meer dan gewone begroetingen. Dit contrast werd nog groter tijdens de optredens van de laureaten op het concert. Zo werd de pianist uit Groot-Brittannië Donohoe P. na zijn nummer meermalen teruggeroepen op het toneel en werd hij letterlijk bedolven onder bloemen. Naar de mening van een reeks aanwezigen was een dergelijke reactie op zijn optreden niet volledig in overeenstemming met de objectiviteit, maar werd ze kunstmatig gecreëerd. Dat wordt nog eens bevestigd door het feit dat na de ovaties voor de Engelsman, veel toeschouwers het concert verlieten en de optredens van de Sovjet-prijswinnaars Ovtsjinnikov V. en Zabiljasta L. plaatsvonden in een halflege zaal.

De ongezonde opwinding rond de evenementen in het kader van culturele uitwisseling deed zich ook in veel andere gevallen voor, in het bijzonder op het voorgaande P.I. Tsjajkovski-concours, op het concours van balletartiesten, tijdens de vertoning buiten het concours om van films van Westerse makelij op internationale filmfestivals, en eveneens gedurende de filmweken van de BRD, Frankrijk, Italië, Zweden, Canada en andere landen.

Abnormaal aangedikte belangstelling wekken ook de tournees in de USSR van enige buitenlandse ‘sterren’ ut de lichte muziek. Bij de ingang van de zalen vinden samenscholingen plaats, de situatie tijdens een concours is tot het uiterste verhit, er wordt geschreeuwd en er zijn pogingen tot massaal te dansen.

Onder liefhebbers van lichte muziek verspreiden zich voortdurend allerlei geruchten over aankomende tournees van buitenlandse artiesten, wat de openbare mening opzweept en in hoge mate van tevoren de genoemde negatieve momenten bepaalt. In 1981 werden dergelijke geruchten verspreid aangaande het Zweedse ensemble ‘ABBA’, momenteel wordt door een van de Moskouse kranten actief het sterke gerucht verspreid over een optreden van de Italiaanse zanger Celentano, hoewel Goskontsert USSR daar nog geen definitief besluit over heeft genomen.

Dit wordt medegedeeld als informatie.
Voorzitter van het comité (handtekening) V. Fedortsjoek     

-----------------

Nou wil het toeval dat er over het onderhavige Tsjakovski-concours een stevige documentaire is gemaakt. Over eventuele ‘ongezonde’ bijval voor de diverse muzikanten in de zaal valt op grond van de beelden niks te zeggen. Maar helemaal aan het eind van de film wordt het plots interessant. Daar zien we Peter Donohoe voor een open raam staan en toegejuicht worden door Moskouse bewonderaars beneden op straat. Uiterst ongezond uiteraard, binnen het vigerend denkraam van de KGB.

Overigens werd er bij de pianisten geen winnaar aangewezen. Peter Donohoe deelde de tweede prijs met Vladimir Ovtsjinnikov. Na lezing van bovenstaand document vraag je je af in hoeverre de jury haar beslissing heeft kunnen nemen zonder last of ruggespraak.

Tamada: Het lied dat Navalny tijdens zijn korte gevangenschap zestig keer moest aanhoren.

---------------------------

Wanneer een Russisch liedje sinds juni vorig jaar op YouTube meer dan 30 miljoen keer is afgespeeld en jij hebt er nog nooit van gehoord, dan heb je ergens het contact mee verloren. Die gedachte drong zich aan me op en bleek, nadat ik ook eindelijk het liedje had beluisterd, geheel juist.

Ik kwam Tamada (zo heet het lied) via een verre omweg op het spoor: via een tweet van Aleksej Navalny. De politicus zat onlangs weer eens een tijdje vast. Toen hij vrij was gelaten, meldde hij via Twitter dat hij gedurende de twintig dagen van zijn gevangenschap twintig boeken had gelezen, een paar woorden Kirgizisch had geleerd, tachtig liter thee had gedronken en niet minder dan zestig keer het lied ‘Дай мне слово, ведь я тамада’ op de radio had gehoord.

Zestig keer op de radio in twintig dagen plus een speciale vermelding door Navalny, dat moest wel iets zijn … Kijkt u mee? De boel is ondertiteld.


Er zijn tal van andere filmpjes bij dit nummer, met wild bewegende beelden, maar die – gelooft u mij – leiden erg af van de tekst. En om die tekst gaat het mij natuurlijk. Erg overtuigd van mijzelf besloot ik alle mij onbekende woorden en uitdrukkingen op te zoeken en te duiden, maar daar kwam ik al snel van terug. Laat ik beginnen met iets simpels, dacht ik nog: бортовой (op 0.39) … Ik heb de betekenis ervan in deze context niet kunnen achterhalen.   

Twee dingen die ik wel meen te hebben gevonden: … моя кавабанга (2.34) en … а я рокатон (2.43). Кавабанга (kavabanga) komt uit Amerika. Ik geef de Engelse uitleg die ik aantrof op wiktionary.org: Cowabunga has its origins in the nonsense word "kawabonga", invented by Edward Kean, writer of The Howdy Doody how, a children's TV show that ran in the USA from 1947 until 1956. Chief Thunderthud, a character on the show, started every sentence with the nonsense word "kawabonga" or with the syllable "kawa" followed by ordinary English words. In een woordenboek van Russische jeugdtaal vond ik vervolgens dat кавабанга, in het Russisch dus, een uitroep van enthousiasme is. In de onderhavige tekst is het geen uitroep, maar een zelfstandig naamwoord. Er zal een aantrekkelijke jongedame mee bedoeld worden, maar garanties geef ik niet. Kijkt u dus een beetje uit wanneer u dit woord in de strijd denkt te gaan gooien.

De makers: MiyaGi & Эндшпиль (Eindspel)

En dan: … рокатон (rokaton). Zoekmachines stuurden me steevast richting sites met Rotokan in de aanbieding. Mondwater, leerde ik, en ik kwam woorden tegen als stomatitis, gingivitis en flux. Tot ik op het Engelse rockathon stuitte: a prolonged session of playing or listening to rock music. Dat zal dan toch hetzelfde woord zijn als dat рокатон in onze tekst? De zanger omschrijft er zichzelf mee (“ik ben een rockathon’) en hij zal ermee bedoelen dat hij over bijzonder veel energie beschikt, op de dansvloer en op andere locaties. (Opnieuw: geen garanties!)

Mijn pogingen om het lied te doorgronden heb ik opgegeven. Wel gebruik ik het om mijn spreekvaardigheid te vergroten. Al ruim een week probeer ik het fragment vanaf А ну-ка наливай … tot en met … кому не лень (0.39-0.50) in hetzelfde tempo te reproduceren. Het is me nog niet gelukt – zelfs niet met de tekst voor me –  maar ik maak vorderingen.

Mocht het me uiteindelijk lukken, het contact met dit lied zal ook dan niet tot stand komen. En dan denk ik terug aan de liedjes die me indertijd hielpen bij mijn eerste stapjes op weg naar een redelijke beheersing van de Russische taal. Op de markt in Utrecht kocht ik (gaat u mee naar de winter van 1975-1976?) een langspeelplaat met liedjes uit alle republieken van de USSR. Het eerste nummer was С чего начинается родина? (Waarmee begint het moederland?), gezongen door Mark Bernes. Ik snapte toen niks van die tweede naamval чего, maar met dat lied kwam het contact uiteindelijk wel tot stand. De titel gebruikte ik nog weleens als grapje. Als er wodka werd ingeschonken of bier, dan zei ik: с чего начинается родина …

-----------------

Mark Bernes ... Hoe vaak dít lied op YouTube is afgespeeld? De teller staat nog niet eens op een half miljoen ...

Achmatova in Vanino en een karaoke-versie van een Goelag-lied

---------------------

Een van Vanino's doorvoerkampen

Het is eigenlijk een monument van niks, als je er van een afstandje naar kijkt. Toch was het de enige plek in het havenstadje Vanino (ooit werden hier duizenden en duizenden gevangen per schip afgevoerd richting Kolyma), waar het verleden me bij de keel greep.

Dat kwam door deze vier regels van Anna Achmatova, aangebracht op het monument, uit haar machtige dichtwerk Requiem:    

"Ik zou hen allen willen noemen. Maar ze hebben de lijst weggenomen. En hun namen zijn nergens te achterhalen!" 

Ik stond hier, op 6.361 kilometer van Moskou, met een paar Nederlandse medereizigers. Ik vertaalde de regels en vertelde iets over Achmatova en haar Requiem. Zeventien maanden stond ze in de rijen bij de gevangenis van Leningrad, achter de muren waarvan zij haar zoon vermoedde. In de korte inleiding bij Requiem beschrijft ze een gesprekje met een andere wachtende vrouw:

… ze vroeg me fluisterend in een oor (daar sprak iedereen fluisterend):
-
En dit kun u beschrijven?
- Ja, dat kan ik.
Toen gleed er iets van een glimlach over wat ooit haar gezicht was.     

Ik had daar bij het monument in Vanino de precieze woorden van Achmatova niet paraat, maar de omschrijving die ik ervan gaf, pakte me al genoeg. In gedachten boog ik machteloos het hoofd voor haar en al die slachtoffers van de Goelag.

Aan de andere kant van het monument staan nog vier regels, ook op rijm, maar uit een heel andere genre:

Я помню тот Ванинский порт,
И вид парохода угрюмый.
Как шли мы по трапу на борт
В холодные мрачные трюмы.

Het zijn de eerste vier regels van een gevangenenlied dat voor eeuwig aan Vanino zal kleven. Wie het heeft geschreven, is niet bekend. Er bestaan talloze uitvoeringen (van o.a. Joeri Sjevtsjoek en Dina Verni), maar echt pakken doen die me niet. Veel versies neigen naar folklore-achtig ‘hoempa-hoempa’ en je krijgt bijna de neiging om in te haken. Maar op zoek naar filmbeelden van Vanino, stuitte ik op een heel andere uitvoering, die met kop en schouders boven de rest uitsteekt. Hij is van Vjatsjeslav Boetoesov.      


Enigszins verbazen deed mij overigens de ontdekking van karaoke-versies. Daar kan ik me weinig bij voorstellen; dat je – ik noem maar wat – in het café of bij een personeelsuitje gezellig samen een liedje over de Goelag gaat staan zingen. Maar misschien is dat slechts een kwestie van de tijd die verstrijkt, die de gruwelen uit het verleden abstract maakt. Gelukkig zijn daar dan nog de echte dichters, zoals Achmatova, die de tijd bij zijn jasje grijpen.  

Ванинский порт

Я помню тот Ванинский порт,
И вид парохода угрюмый.
Как шли мы по трапу на борт
В холодные мрачные трюмы.

Ik herinner me de haven van Vanino
En de naargeestige aanblik van het schip
Hoe we over de valreep aan boord gingen
De koude, duistere ruimen in.

На море спускался туман
Ревела стихия морская.
Вставал на пути Магадан -
Столица Колымского края.

Miste daalde neer over de zee
Die tekeerging als een wilde
Daar doemde Magadan op
De hoofdstad van Kolyma

Не песня, а жалобный крик
Из каждой груди вырывался.
Прощай навсегда материк -
Хрипел пароход, надрывался.

Geen lied, maar een jammerklacht
Scheurde zich los uit ieders borst
Vaarwel, vasteland, voor altijd *)
Rochelde het zwoegende schip

От качки стонали зека,
Обнявшись, как родные братья.
И только порой с языка
Срывались глухие проклятья.

De deining deed de gevangenen kreunen,
ze omhelsden elkaar als broeders.
Af en toe alleen ontsnapten
doffe verwensingen aan hun keel.

Будь проклята ты, Колыма,
Что названа чудной планетой.
По трапу сойдёшь ты туда,
Оттуда возврата уж нету.

Wees vervloekt, jij Kolyma,
Dat ze je een mooie planeet noemen **)
Als je er vanaf de valreep een voet zet
Is er geen weg terug meer

Пятьсот километров тайга,
Живут там лишь дикие звери.
Машины не ходят сюда,
Бредут, спотыкаясь, олени.

Vijfhonderd kilometer tajga
Er leven alleen wilde dieren
Auto’s komen hier niet
Struikelend dolen er rendieren rond

Я знаю, меня ты не ждёшь
И писем моих не читаешь.
Встречать ты меня не придёшь,
А если придёшь - не узнаешь.

Ik weet dat je niet op me wacht
En dat je mijn brieven niet leest
En afhalen kom je me niet
En kom je wel – herken je me niet

*) Gebieden zo afgelegen en ontoegankelijk als Kolyma worden vaak gezien als eiland, ook al liggen ze, net als in dit geval vertrekpunt Vanino, op Ruslands vasteland 

**) Een verwijzing naar een wrang rijpmje:
Колыма, Колыма, чудная планета,
двенадцать месяцев зима, остальное – лето...
Kolyma, Kolyma, prachtige planeet
Twaalf maanden is het winter, de rest zomer