frankijk/rusland

Hoe met de Franse Opéra en een kilometer aan aquarellen de Transsiberische Spoorlijn werd gepromoot - 1

------------------

De brug over de Jenisej

Moskou keek niet op een paar centen, toen in 1900 in Parijs de Transsiberische Spoorlijn gepromoot moest worden. Ondernemingsgezinde politici, aangevoerd door minister van financiën Witte, zagen Siberië als toekomstige transitzone voor internationale handel. De economische ontwikkeling van het gebied ten oosten van de Oeral stond hoog op de agenda en Westerse investeerders moest worden duidelijk gemaakt dat er in Siberië, met zijn vele grondstoffen, grote kansen lagen. De Wereldtentoonstelling van 1900 in Parijs bood daartoe een uitgelezen mogelijkheid, met de Transsiberische Spoorlijn (nog niet voltooid in 1900) als aanlokkelijk visitekaartje.

Bezoekers van de Wereldtentoonstelling kregen in het Pavillon de l'Asie russe et de la Sibérie twee indrukwekkende panorama’s voorgeschoteld – betere reclame voor Rusland als ontluikende technologische en industriële grootmacht was nauwelijks denkbaar. Het grootste van de twee panorama’s kwam tot stand in samenwerking met het Belgische Wagons-Lits, het kleinere, een lange reeks aquarellen, was het werk van de schilder Pavel Pjasetski. ‘Kleinere’ is overigens relatief; Pjasetski’s aquarellen besloegen een kleine 1 kilometer aan doek.

Het panorama van Pjasetski (waarover meer in deel 2) is bewaard gebleven, dat van Wagons- Lits helaas niet. Het Belgische bedrijf trakteerde de bezoekers op een ware – in modern Nederlands – experience. Er waren vier zeer luxueuze wagons neergezet, waarmee Wagons-Lits ooit (het zou er nooit van komen) passagiers over de verre spoorlijn zou vervoeren. Twee daarvan waren uitgerust als restaurants-op-wielen, en daar kon het publiek genieten van een virtuele reis over de Transsiberische Spoorlijn. Nadat de stationsbel drie keer had geluid, kwamen voor de ramen een aantal panelen in beweging, die het effect gaven van een voorbijschuivend landschap. De panelen waren het werk van Marcel Jambon en Alexandre Bailly, twee decorschilders van de Parijse Opéra. Tussen een langzaam bewegend achtergronddoek en een sneller doek op de voorgrond met stenen en zand, bewogen twee panelen met landschappen. Na de ‘reis’, die drie kwartier duurde, stapten de bezoekers uit op een ‘perron’ in Peking. Dat zo’n treinreis naar de Chinese hoofdstad nog helemaal niet mogelijk was, mocht de pret niet drukken.

Het panorama van Wagons-Lits

Ook met de fraaie wagons van Wagons-Lits kregen de bezoekers een iets te positief beeld voorgeschoteld. Het bedrijf verzorgde in die tijd al reizen met luxe wagons naar onder meer Sint-Petersburg, Moskou, Riga, Charkov en Kiev, maar die rijtuigen waren niet zo luxe als de wagons op de tentoonstelling in Parijs. De werden uitsluitend verhuurd aan welgestelde privé-personen, zoals de Amerikaanse familie Vanderbilt.  

Model van de spoorbrug over de Jenisej

De presentatie werd een groot succes. Het Comité van de Siberische Spoorlijn, samen met het ministerie van Transport verantwoordelijk voor de opzet, kon na afloop van de zeven maanden durende tentoonstelling een selectie overleggen van duizend artikelen uit 395 buitenlandse kranten, gewijd aan de spoorlijn achter de Oeral. De lijn werd daarin niet alleen belicht als (toekomstige) reismogelijkheid, ook de technische aspecten van de aanleg, door vaak moeilijk terrein, kwamen ruimschoots aan bod. Een extra reden voor trots was de gouden medaille die werd toegekend aan het ontwerp van de spoorbrug over de Jenisej, bij Krasnojarsk, van ingenieur  Lavr Proskoerjakov.

--------------------

Hier deel 2.

Bronnen:

- Фритьоф Беньямин Шенк - Поезд в современность (Moskou, 2016), een vertaling van: Frithjof Benjamin Schenk -  Russlands Fahrt in die Moderne (2014).
- Arjan den Boer – Panorama Transsibérien (2014).

(Wie, enthousiast geworden door bovenstaand artikel, meer wil weten over de twee genoemde panorama's: kijk uit voor de informatie op Wikipedia. Beide worden daar op wonderbaarlijke wijze samengevoegd tot één geheel. De schilder Pjasetski wordt aangezien voor de maker van het door Wagons-Lits geleverde panorama en de 'passagiers' zien volgens Wikipedia vanuit de trein zíjn aquarellen voorbijkomen. Dat klopt niet.)  

Symbool van een verloren land: de elf verkiezingen van Miss Rusland in Parijs

Miss Rusland, miss Oostenrijk en miss Holland, samen in 1930 op één foto … Dat verbaasde me.

De namen van de drie dames waren snel gevonden: Irina Wentzel, Ingeborg von Grinberger en Rie van der Rest, maar: miss Rusland? In 1930? Hieronder staat ze nogmaals afgebeeld, samen met de overige deelnemers aan de Miss Europa verkiezing van dat jaar, met haar foto geprojecteerd op Rusland. Ze staat een beetje apart van de rest, wat – ongetwijfeld onbedoeld – symbolisch is. Irina Wentzel vertegenwoordigde als enige een emigrantengemeenschap en niet een officieel land. Irene had eerder dat jaar in Parijs de miss-verkiezing voor Russische emigranten gewonnen. Dat zij de titel Miss Rusland droeg, is wrang. Irene Wentzel was een symbool van een verloren land.
 


In de jaren 1926-1928 waren er in Parijs ook al Russische miss-verkiezingen geweest, maar die waren uitsluitend bestemd voor vrouwen uit de lokale Russische gemeenschap. De winnares werd gekroond tot Koningin van de Russische kolonie. In 1929 besloot het Parijse emigrantentijdschrift Illjoestrirovannaja Rossija de zaken grootser aan te pakken. Voortaan zou de verkiezing openstaan voor alle Russische emigranten in Europa. Deelneemsters moesten draagster zijn van een Nansenpaspoort voor vluchtelingen. De winnares kreeg de titel Miss Rusland. Hier de winnaressen uit de jaren 1929-1939:


Valentina Osterman dacht in 1929 de eerste gelukkige te zijn, maar zij werd een dag later gediskwalificeerd omdat ze geen Nansenpaspoort, maar een gewoon Duits paspoort bleek te hebben. Daarop ging de titel naar de 16-jarige Irina Levitskaja, die als 8-jarige in Frankrijk was beland. In 1930 werd Irina Wentzel gekroond tot Ruslands mooiste. Zij mocht vervolgens in datzelfde jaar ook meedoen aan de Miss Europa-verkiezing, die eveneens in Parijs plaatsvonden. Hier arriveert ze.


Irina, geboren in Essentoeki, dochter van de gouverneur van Koetaissk, viel niet in de prijzen; Miss Europa dat jaar werd de Griekse Aliki Diplarakou. Drie jaar later was er wel Russisch succes: Tatjana Maslova, afkomstig uit Viljnoes, werd dat jaar gekozen tot Miss Europa. De miss-verkiezingen voor Russische emigranten gingen door tot 1939, waarna de Tweede Wereldoorlog er een einde aan maakte. De deelneemsters in dat laatste jaar waren allen buiten Rusland geboren.

Ik heb gezocht naar verdere sporen van Irina Wentzel, die me op het spoor zette van de Russische miss-verkiezingen. Ik heb niets kunnen vinden. Heeft ze de oorlog overleefd? Gezien haar joodse achternaam ben ik daar niet gerust op.  

Irina Wentzel (haar voornaam wordt ook geschreven als Irene, haar achternaam ook als Wentzell en Veisel)

Irina Wentzel (haar voornaam wordt ook geschreven als Irene, haar achternaam ook als Wentzell en Veisel)

Tolstoj, Schiedamse jenever en de Tour de France – samen onder één noemer: Prokoedin-Gorski.

-----------------

De vader maakte een van de bekendste foto’s van Lev Tolstoj, op het fotowerk van zijn twee zoons zien we Schiedamse jenever, Nestlé-baby’s en wielrenners uit de Tour de France. De familienaam van vader en zoons: Prokoedin-Gorski.

Vader Sergej Prokoedin-Gorski is met afstand de bekendste uit het gezin. Zijn faam dankt hij aan de 2.607 kleurenfoto’s, in het bezit van de Library of Congress in Washington, die een fascinerend beeld geven van het verdwenen Rusland van voor 1917. Digitalisering hebben de foto’s voor iedereen toegankelijk gemaakt – en de naam van de maker voorgoed gevestigd. Zijn zoons zijn minder bekend, al betaal je voor hun werk tegenwoordig een aardig kapitaal.

Vader Prokoedin-Gorski verliet Rusland in 1918 en vestigde zich, na een verblijf in Noorwegen, in 1921 samen met zijn zoons Dmitri en Michail en dochter Jekaterina in Parijs. Daar begonnen de zonen een fotobedrijf onder de naam Gorsky Frères (later: Gorsky-Magny). Hun bekendste werk zijn de foto’s in het officiële album van de Wereldtentoonstelling van 1937 in Parijs, dat eind jaren tachtig opnieuw werd uitgegeven.

Dmitri en Michail leerden de kneepjes van het vak van hun vader, die zij vergezelden op veel van zijn fototochten door het Russische rijk. Hun werk in Frankrijk had grotendeels een heel ander karakter. Ze portretteerden de Franse luchtvaartheld Dieudonné Costes en president Gaston Doumergue. Ze deden een poging om een etnografische inventarisatie van Frankrijk te maken, vergelijkbaar met het werk van hun vader over Rusland. Dat leverde wel een aantal foto’s op, maar tot een groot project kwam het wegens een gebrek aan financiële middelen niet.

De hoofdmoot van het werk van de Gorsky Frères bestond uit reclameopdrachten, variërend van wervende beelden voor babyvoeding, kleding en drank, tot afbeeldingen op koek- en snoeptrommels.


Éen opdracht van Dmitri en Michail voor een boek had ik graag wat uitgebreider bekeken, maar ik vond er slechts een enkele, povere afbeelding van.

Het betreffende boek werd in 1952 uitgegeven door het chocolademerk Eriam’s (‘Le chocolat de sportifs’), dat een wielerploeg sponsorde. Op onderstaande fotootjes staan wielrenners uit 1903 en 1904, die dus niet gemaakt kunnen zijn door de broers Pokoedin-Gorski. Latere afbeeldingen uit het boek zijn misschien wel van hen, of ze hebben alleen de technische afhandeling voor hun rekening genomen – wat ook met reclamewerk wel gebeurde.

Voor originele afdrukken van het reclamewerk van Gorsky Frères moet je tegenwoordig diep in de buidel tasten. Onderstaand werk (C'est un Bébé Nestlé) was vorig jaar voor 11.000 dollar te koop. 

Het werk van hun vader zal nog veel meer waard zijn, maar dat bevindt zich dus in de Library of Congress – voor zover bekend. Bij zijn vertrek uit Rusland werd een deel van zijn werk in beslag genomen. Hoeveel afdrukken of negatieven zijn achtergebleven is onduidelijk, maar vermoedelijk enkele duizenden. Volgens Prokoedin-Gorski ging dat om foto’s die voor het grote publiek niet interessant waren. De collectie die uiteindelijk in Parijs belandde, werd in 1948 door zijn twee zonen verkocht aan de bibliotheek in Washington. De in Rusland achtergebleven foto's zijn nooit teruggevonden. Hier enkele voorbeelden van de foto's die Prokoedin-Gorski beroemd hebben gemaakt: 

Eerder schreef ik een stukje over de vervoermiddelen waarmee Prokoedin-Gorski zijn tochten door het Russisch rijk maakte. Zie hier.

Raymonde Dien – van activiste in Frankrijk tot onbekend standbeeld in Sint-Petersburg

-----------

De kans dat u weet wie Raymonde Dien is, acht ik vrij klein. Ook niet wanneer u regelmatig rondloopt in het Overwinningspark in Sint-Petersburg en in dat park bovenstaand beeld van haar hebt zien staan.

Want bij de aanblik van dat meisje, met die koene blik en krachtige armzwaai, half gedrapeerd over een treinrail, hebt u vermoedelijk gedacht: dat is een uit de kluiten gewassen Sovjet-pionier die langs de spoorlijn groot gevaar heeft bespeurd en zwaaiend met haar rode halsdoek een aanstormende trein tot stoppen heeft gebracht. Dan zat u er helemaal naast, maar dat is geen schande; nagenoeg alle Russen denken bij dat standbeeld hetzelfde als u.

En ik dacht het ook, toen ik een foto van het beeld zag in het boek Het geheime leven van Petersburgse standbeelden – deel 2, van Sergej Nosov. Sterker nog, ik moest meteen denken aan een Russisch mopje. Over het verschil tussen de dappere pioniertjes uit de USSR en de padvinders uit het verdorven Westen. Want wat doen een pioniertje en een padvinder bij onraad op het spoor? Beiden zwaaien natuurlijk oprecht met hun halsdoek, maar die van de domme padvinder is groen … En dus rijdt de machinist hem vrolijk groetend voorbij, het onheil tegemoet.

Je moet er een beetje moeite voor doen om de kleine lettertjes van het verklarende opschrift op het standbeeld te ontcijferen, schrijft Nosov in zijn boek. En dan blijkt dat we hier te maken hebben met – u vermoedde het inmiddels al – Raymonde Dien. Uit Frankrijk. En op dat standbeeld slaat zij helemaal geen alarm nadat ze gevaar heeft geconstateerd, nee, zij zorgt juist zelf voor gevaar! 

Dat zit zo. Op 23 april 1950 vertrok van het station van Tours een trein met tanks voor het Franse leger in Indochina. Raymonde, militant communiste, brak door de beveiliging heen, ging op de rails liggen en dwong de goederentrein tot stilstand. Haar kameraden maakten van de gelegenheid gebruik om de trein onklaar te maken. Het leverde een vertraging op van negen uur. Raymonde werd gearresteerd, kreeg een jaar celstraf en werd na vijf maanden vrijgelaten.

Uiteraard was haar naam daarmee in de Sovjetunie en aanverwante landen gevestigd. Ze werd een symbool van de strijd tegen de koloniale oorlog in Indochina. Ze figureert in het oratorium Op vredeswacht van Prokofjev en in Ho Chiminhstad is een straat naar haar genoemd. En in Sint-Petersburg staat dus dat standbeeld, onthuld in 1953. Sterker nog, er staan er zelfs twee, want vier jaar later werd er in Zelenogorsk, een voorstadje van Sint-Petersburg, voor de zekerheid nog een kopie neergezet.


Raymonde Dien, geboren in 1929, leeft nog. Hier is ze te zien op een filmpje uit 2007:

---------------

Ik kwam het verhaal over Raymonde, zoals gezegd, tegen in het prachtige boekje Тайная жизнь петербургских памятников – 2 (Het geheime leven van Petersburgse standbeelden – deel 2) van Sergej Nosov. (Deel 1 was ook al zo’n genot om te lezen, raar dat ik daar nooit een stukje over heb geschreven.) Vorig jaar kreeg Nosov de literatuurprijs ‘Nationale Bestseller’ voor zijn roman Фигурные скобки, die ik hoognodig moet gaan lezen. Wanneer ik dat heb gedaan, schrijf ik er een stukje over.