jaren twintig

Het fotoalbum van Koos en Nel Visch, Nederlanders in Kemerevo, Siberië (1922-1926).

(Eerste publicatie: 26-6-2013)

nel Visch Kemerovo communisten CPN

Dacht ik me daar toch een vondst van je welste te hebben gedaan.

Bladerend door een prachtige site met gedigitaliseerde fotoalbums uit Rusland, stuitte ik op bovenstaand tafereel. “24 september in Siberië. Men ziet hier hoe blij men is ons weer terug te hebben. We zitten op een berg van ijzererts.”

In hetzelfde album zat deze foto, volgens het onderschrift “Aan boord van de Rotterdam, de vierde groep Hollanders, 1922”:

Siberië fotoalbum 1922 CPN Sovjetunie

Meteen dacht ik aan Kemerovo, de Siberische stad aan de rivier de Tom, waar in de jaren twintig buitenlandse ingenieurs betrokken waren bij de bouw van een chemie- en cokesfabriek. In 1922 werd daartoe de Autonome Industriële Kolonie Koezbass opgericht, die onder leiding stond van de Nederlander Sebald Rutgers. Mijn niet zo wilde vermoeden werd bevestigd toen ik het omslag van het foto-album aanklikte:

Sebald Rutgers Koezbass ingenieurs communisten Kemerovo

Inderdaad, de AIK Koezbass. Van wie dit album is geweest, wordt op de site niet vermeld. Gelukkig is dat wel het geval bij een volgend album, twee klikken verder.

Koos Visch Nel Visch fotoalbum AIK Koezbass

Het is van Koos en Nel Visch, die in 1922 via een tussenstop in de Oeral ook in Kemerovo belandden. Vier jaar later maakten zij de opheffing van de AIK Koezbass mee. Buitenlandse ‘inmenging’ in de industrie was niet langer gewenst. In tegenstelling tot veel andere buitenlandse communisten, oostwaarts getrokken om de Sovjet-heilstaat op te bouwen, overleefden Koos en Nel de zuiveringen van de jaren dertig. Koos overleed in 1943 in Izjevsk, Nel werkte nog als lerares Nederlands in Moskou en keerde in 1947 terug naar Nederland.

De trein van oeral naar keremovo

De trein van oeral naar keremovo

Kemerovo, arbeidershuisjes. Architect Han van Loghem

Kemerovo, arbeidershuisjes. Architect Han van Loghem

"Hollandsch clubje" - Kemerovo, januari 1923

"Hollandsch clubje" - Kemerovo, januari 1923

Koos Visch in Kemerovo

Koos Visch in Kemerovo

Enige opwinding maakte zich bij al dit klikken van mij meester. Had ik hier zo maar even twee unieke albums opgedoken die een nieuw licht wierpen op de geschiedenis van de internationale arbeidersbeweging in het algemeen en de Nederlandse bijdrage aan de AIK Koezbass in het bijzonder? Dat viel helaas reuze mee. Ik vond een berichtje over een tentoonstelling in 2007 in het streekmuseum van Kemerovo. Daar was in elk geval het album van Nel en Koos Visch al te zien geweest. Dan zal het bestaan van dat andere album ongetwijfeld ook al wel algemeen bekend zijn.

Koos Nel Visch fotoalbum CPN Kemerovo

Op veel pagina’s in het album van Nel en Koos Visch zijn foto’s verdwenen. Bij de wel bewaarde foto’s staat helaas lang niet overal een onderschrift. Zo weet ik niet wie de man op klompen is.

Nel Visch overleed in 1990. In dit filmpje beschrijft ze de ontroering op de boot (de Rotterdam?) bij de aankomst in de Sovjetunie. Let ook even op de manier waarop ze ‘kameraad Lenin’ zegt. Volledig vanzelfsprekend, zonder enige ironie of wat voor bijbetekenis dan ook. Kom daar nog eens om, tegenwoordig.

De Kluizencommissie van de Bolsjewieken

(Eerste publicatie op 22-7-2009)

Van de Kluizencommissie (Sejfovaja Komissija), opgericht in 1920, had ik nog nooit gehoord. Ze staat ook niet in het onvolprezen Tolkovyj Slovar Yazyka Sovdepii (een woordenboek van Sovjet-woorden). Waar hield die Kluizencommissie zich mee bezig? Met het openbreken van bankkluizen

De Bolsjewieken waren in 1920 verwikkeld in een burgeroorlog en hadden spullen nodig voor het Rode Leger. Die moesten uit het Westen komen, maar de Russische economie, te gronde gericht door diezelfde Bolsjewieken, produceerde niets meer dat geëxporteerd kon worden. Waarmee moest de import van geweren, kogels, kanonnen, uniformen, laarzen, auto’s, onderdelen, locomotieven, vliegtuigen, verrekijkers, veldkeukens, typemachines, inkt, enz., enz. worden betaald? Met de goudvoorraad van tsaristisch Rusland en kostbaarheden van de burgers.

historyheist-cover.jpg

De Kluizencommissie richtte zich op de bankkluizen. Voor kostbare bezittingen die gewoon bij mensen thuis konden worden weggehaald, was weer een andere organisatie opgericht (met onder anderen schrijver Maksim Gorki in de leiding). De commissie had vijftig man in dienst om de kluizen open te breken en nog eens vijftig voor het vervoer van de buit. Ongeveer duizend kluizen per week werden “gedepersonaliseerd”, zoals de Bolsejwieken dat omschreven. In normale taal: leeggeroofd. Het was ongezond werk: er werd niet meer gestookt, de bankkelders waren vochtig en slecht verlicht, de leden van de commissie werkten met blote handen.

Ik kwam de Kluizencommissie tegen in History’s Greatest Heist van Sean McMeekin. Gedetailleerd beschrijft McMeekin hoe de Bolsjewieken goud en kostbaarheden sleten in het Westen (vooral in Zweden) en zo de strijd konden betalen tegen de Witten en tegen de in opstand gekomen boeren. De Bolsjewieken vergaten daarbij zichzelf niet, een deel van de inkomsten werd besteed aan luxe goederen, terwijl grote delen van het land geplaagd werden door honger.

McMeekin legt de geld- en handelstromen bloot, die liepen via Reval naar Stockholm, Londen en Berlijn. Westerse zakenlui genoeg die zaken wilden doen met het nieuwe regime. Politici zagen hoe bestellingen uit Moskou de eigen industrie ten goede kwamen, en vergaten voor het gemak dat de Bolsjewieken recent nog de schulden van het tsaristisch Rusland aan het Westen landen eenzijdig hadden doorgestreept. Over de gang van zaken aan Russische zijde schrijft McKeekin:

“It is hard to imagine a better program for destroying a country’s wealth than by robbing and murdering its most successful wealth-producers and shipping their riches out of the country. In this way the Russian people were robbed not only of their cultural past, but of their economic future as well.”

(De Zweedse connectie in dit verhaal verklaart misschien de aanwezigheid van veel mooie Zweedse boekenkasten – gemaakt naar Engels voorbeeld – bij hoge Bolsjewieken thuis. Daarover later nog eens meer).

Boekenkasten in de woning van de Leningradse partijbaas Kirov.

Boekenkasten in de woning van de Leningradse partijbaas Kirov.

De seksuele mores der Bolsjewieken - op papier

(Eerste publicatie: 6-12-2008)

Mijn vroegere lerares in Voronezj stuurde me onderstaand knipsel uit een oude krant. Ze kent mijn voorliefde voor Sovjet-buitenissigheden.

TWAALF GEBODEN VOOR HET GESLACHTSLEVEN VAN HET REVOLUTIONAIRE PROLETARIAAT

(Uit de brochure “Revolutie en Jeugd” , uitgegeven door de Communistische Sverdlov Universiteit, 1924)

1. Het geslachtsleven in het proletarisch milieu mag niet te vroeg tot ontwikkeling komen.

2. Geslachtelijke terughoudendheid is vereist tot aan het huwelijk, huwen pas in een situatie van volledige sociale en biologische rijpheid (20-25 jaar).

3. Geslachtsverkeer – slechts als uiteindelijke volbrenging van een diepe, alzijdige sympathie voor en gehechtheid aan het object van de geslachtelijke liefde.

4. De geslachtsdaad dient slechts de laatste schakel te zijn in een keten van diepe en complexe emoties, die de liefhebbenden op een gegeven moment verbindt.

5. De geslachtsdaad moet niet vaak herhaald worden.

6. Het geslachtelijke object moet niet vaak gewisseld worden. Minder geslachtelijke afwisseling.

7. De liefde moet monogaam zijn, monoandrisch (één vrouw, één man).

8. Bij iedere geslachtsdaad moet gedacht worden aan de mogelijkheid van de verwekking van een kind – men dient sowieso te denken aan nageslacht.

9. De geslachtelijke selectie dient te geschieden volgens de lijn van revolutionair-proletarische klasse-doelmatigheid. In liefdesrelaties dienen elementen van flirt, hofmakerij, koketterie en overige methoden van speciale geslachtelijke verovering afwezig te zijn.

10. Jaloezie dient afwezig te zijn.

11. Geslachtelijke perversiteiten dienen afwezig te zijn.

12. In het belang van de revolutionaire doelmatigheid heeft een klasse het recht om in te grijpen in het geslachtsleven van zijn medeleden; het geslachtelijke dient in alles ondergeschikt te zijn aan het klassebelang, mag het laatste niet in de weg zitten, dient het in alles ter dienste te zijn.