schilderkunst

Dranklustige schrijvers op een rij - een nieuw prachtwerk van ZOOM

———————-

Bevond ik mij in Moskou, dan zou ik mij nu onmiddellijk spoeden naar de Ljoesinovski straat, om daar, bij nummer 37, bovenstaand kunstwerk te aanschouwen. Het is van ZOOM, een kunstenaar die sinds 2015 regelmatig muren in Moskou van een vrolijk (of minder vrolijk) tintje voorziet. Een lang leven zijn de schilderingen doorgaans niet beschoren. Zie hier het lot van de beeltenis van Vasili Sjoeksjin, met (de derde tekening) nog een toevoeging van ZOOM – postuum, zou je kunnen zeggen:


Sjoeksjin verschijnt ook op de tekening boven aan dit stukje, waar hij de deur openhoudt van een drankwinkel. In de rij staan vakgenoten van de schrijver, allen met een stevig drankprobleem. De twee figuren links lijken slechts ‘bladvulling’, vervolgens herkennen we, van links naar rechts (voor twee van de tien had ik hulp nodig):

Vasili Aksjonov, Vasili Sjoeksjin, Aleksandr Tvardovski, Sergej Jesenin, Vladimir Vysotski, Sergej Dovlatov, Arkadi Gajdar, Venedikt Jerofejev, Michail Sjolochov en Olga Berggolts (de arme, verscheurde Berggolts – lees haar dagboek.)

En nog twee werken van ZOOM. Meer is hier te vinden.

Ippolit uit de film Ironija Soedby

Majakovski aan de muur. Mijn wandelingen met tekenares Alisa Joefa.

----------------


Al een aantal jaren volg ik een vrij heldere richtlijn: geen nieuwe spullen meer in huis! Nu ben ik in mijn kleine huishouden de enige die daarop toeziet, wat het eenvoudig maakt om die richtlijn af en toe te vergeten. Zo kocht ik dit jaar in Parijs een boekje dat licht geeft wanneer je het openslaat (echt design!) en op de rommelmarkt in Kazan viel ik voor een metalen kantelkalendertje (nog uit de Sovjetunie!), dat ‘klik’ zegt, wanneer je de volgende datum naar voren laat vallen. En nu – het zal wel, die richtlijn – moet ik bovenstaande tekening ik aan de muur hebben.     

Ze is gemaakt door Alisa Joefa (Алиса Юфа), een zeer productieve kunstenares, geboren in Novosibirsk en sinds een aantal jaren woonachtig in Sint-Petersburg – in een kommoenalka, naar het schijnt. Kenners van Sint-Petersburg hadden op de door mij zeer begeerde tekening natuurlijk meteen het interieur van metrostation Majakovski herkend.  


De tekening is niet representatief voor Joefa’s werk. Zou het om een tekenfilm gaan, dan hoorde je er ongetwijfeld aanzwellende, angstaanjagende muziek bij. Misschien zouden de deuren achter het meisje plots opengaan en zou ze achterover vallen op de rails van de metro, begeleid door de holle lach van Majakovski. Of hij zou misschien van de muur komen, zonder lichaam, maar met dat enorme hoofd, en dreigend afgaan op het meisje, dat met grote ogen van schrik zou verdwijnen in zijn schaduw, die opeens de vorm had aangenomen van een pistool – een verwijzing naar de zelfmoord van de dichter. Zoiets. Ook veel andere tekeningen van Joefa nodigen uit om er een verhaal bij te verzinnen, maar dat zijn vrolijke verhalen, absurdistisch soms, met een lichte sprookjessfeer, steeds met een glimlach, ver weg van die kop van Majakovski.     


Joefa (1987) illustreerde kinderboeken en verhalen van Sergej Dovlatov, maar de meeste van haar tekeningen lijken toch ‘gewoon’ uit haarzelf te komen. Alles verandert onder haar lichtvoetige blik in een onderwerp dat zich op papier laat zetten. Ik beperk me hieronder voornamelijk tot de straten van Sint-Petersburg. Al een tijdje ben ik daar niet meer geweest (ik richt me bij mijn Ruslandreizen wat meer op de provincie), maar misschien is het een idee dat ik weer eens terugga naar die stad. En dat ik dan samen met Alisa lange wandelingen ga maken, en dat zij dan mooie tekeningen maakt en ik mooie foto’s. En dat die dan naast elkaar komen te hangen. In die kommoenalka. (Wat ik al zei: ze nodigt uit tot het verzinnen van verhalen met een sprookjessfeer.)    

Alisa Joefa won eerder deze maand de ArchiGrafika in de categorie Moskou. Gevoel van een stad. Dit uitstapje naar Moskou vergeef ik haar.

Nou ja, eerst maar eens kijken of ik haar digitaal kan bereiken. Ik wil graag weten of die tekening met Majakovski nog te koop is.

-------------------


Joefa heeft geen eigen site, maar google op haar naam en je komt een overweldigende hoeveel tekeningen tegen. Deze bijvoorbeeld, een portret van Fazil Iskander. Ik vind 'm niet echt geweldig, maar het bracht me wel op een idee. Ze moet natuurlijk het verzamelde werk van Iskander illustreren!

Maar eerst die wandelingen met mij.

Het blinde meisje in het museum van Samara

-------------------

Op de tweede verdieping van het Kunstmuseum van Samara zag ik haar zitten, voor een ezel met daarop iets wat leek op een plaquette van metaal. Ze had een koptelefoon op en liet haar handen gaan over het oppervlakte. Het was, in reliëf, het schilderij Ossen van David Boerljoek, dat ernaast in het echt aan de muur hing. Ik ging zitten, keek toe en was even de weg kwijt. Medelijden, ik denk niet dat een blinde daarop zit te wachten. Maar ik kreeg tranen in mijn ogen en voelde, met al die mooie schilderijen om me heen, juist dat: een onstuitbaar medelijden. 

Er stonden vijf van dit soort reliëfschilderijen, in meerdere zalen, elk voor een ander genre, vertelde een medewerkster van het museum. Even later hoorde ik haar tegen het blinde meisje zeggen: “Wil je nog een schilderij beluisteren?” 

----------------------

Een verdieping hoger was de afdeling West-Europese kunst, drie bescheiden zaaltjes. Topstukken zag ik niet, maar wat is het leuk om ver van huis Vlaamse en Hollandse namen (Hendrik van Steenwijck de Jonge, Thomas Wijck) tegen te komen. In een hoek hing achter glas een porseleinen tafereel. Rotterdam, vermeldde het bordje - kenners van de stad brengen het kerkje ongetwijfeld meteen thuis, als het nog bestaat. Ik zei tegen de dame van de zaal (ik schreef het al eerder: verwart u deze lieve vrouwen in de Russische provincie niet met onze suppoosten): “Dat is vlak bij waar ik geboren ben.” En ze antwoordde: “Vot eto da!” (Nou ja zeg!)

Ik had meteen een persoonlijke gids voor de rest van de zalen op de derde verdieping. Daar was ook een tentoonstelling van toegepaste Japanse en Egyptische kunst, ooit bijeengebracht door de oprichter van de lokale bierbrouwerij. Ik had er geen kaartje voor. “Wilt u het echt niet zien? Het is is prachtig, hoor”, zei de lieve vrouw. “Nou, ik werp even een blik om de hoek”, zei ik. Dat deed ik, en toen ik daar zo stond, mijn blik werpend om de hoek, zei ze samenzweerderig: “Gaat u maar naar binnen, hoor, gaat u maar kijken.” Zo zag ik de toegepaste kunst van de bierbrouwer, zonder dat ik er een kaartje voor had. 

Ik kreeg het leven van de brouwer en zijn familie nog verteld en de vrouw verzuchtte, het thema onverwacht verbredend naar de wereldpolitiek, dat het zo jammer was “dat niemand van ons houdt”. “Dat valt wel mee hoor”, zei ik. “De meeste mensen bij ons zien echt wel het verschil tussen de regering van Rusland en de gewone mensen.” Dat vond ze fijn om te horen.

"Moscou tournait lentemenent sous l'avion" - Antoine de Saint-Exupéry vloog boven Moskou in de ANT-20, die een dag later neerstortte.

--------------------

Antoine de Saint-Exupéry (jaartal?)


Dat is nou wat je noemt: een leuke bijvangst. In mijn vorige stukje schreef ik over de schilder Vasili Koeptsov, de maker van De ANT-20 Maksim Gorki, een van de leukste schilderijen in het Russisch Museum in Sint-Petersburg. Met Koeptsov liep het slecht af; uit angst voor een arrestatie pleegde hij in 1934 zelfmoord. Met de ANT-20 Maksim Gorki, het grootste vliegtuig uit die tijd, afgebeeld door Koeptsov, ging het ook mis: het stortte op 18 mei 1935 neer door toedoen van een roekeloze vliegenier, die met zijn kleine toestel een stunt wilde uithalen en tegen de ANT-20 aan vloog.

Terwijl ik enig speurwerk verrichte naar de toedracht van dat ongeluk, stuitte ik op een bekende naam: Antoine de Saint-Exupéry. En wat blijkt, de auteur van Le Petit Prince, tevens  piloot, vloog op 17 mei 1935 in de ANT-20 boven Moskou, een dag dus voor de crash. Niet als piloot (dat had het verhaal nog mooier gemaakt), maar als passagier. Hij had heel wat moeite moeten doen om mee te mogen, maar uiteindelijk had hij dan toch toestemming gekregen. Hij was geen dag te laat. 

Antoine de Saint-Exupéry, die ook journalistiek werk publiceerde, verbleef enkele weken in de Sovjetunie en legde zijn indrukken vast in zes stukken voor het dagblad Paris-Soir – alle, in de originele opmaak, online beschikbaar. De Sain-Exupéry was een van de Westerse intellectuelen die het gigantische politieke, maatschappelijk experiment dat gaande was in de  USSR, weleens met eigen ogen wilden aanschouwen. Zijn artikelen in Paris-Soir zijn een apart verhaal waard. Hij gaf, voor zover mogelijk, zijn ogen goed de kost en onderscheidde zich van ‘nuttige idioten’ als Beatrice Webb en Georges Bernard Shaw, die zich een rad voor de ogen lieten draaien en terugkeerden met bijna misdadige lofzangen op de jonge Sovjet-staat.

Het artikel van De Saint-Exupéry over de ramp met de ANT-20, die aan 49 mensen het leven kostte, verscheen op 20 mei in de krant, twee dagen dus na het ongeluk. Uitgebreid beschrijft hij zijn vlucht in het indrukwekkende toestel (“l’appareil, gloire de l’aviation Soviétique”), met comfortabele stoelen, een bibliotheek, een drukkerij, een telefooncentrale (voor de communicatie tussen de bemanningsleden) en slaapplaatsen in de lange vleugels, die een spanwijdte hadden van 63 meter. Door de ruime ramen had hij een prachtig uitzicht: “Moscou tournait lentement sous l’avion.” En dan schrijft De Saint-Exupéry bijna laconiek: “Le lendemain, le Maxime Gorky n’existe plus.”

De ANT-20 leek veilig genoeg. Al twee keer had het bij feestelijkheden over het Rode Plein gevlogen (op 19 juni 1934 bij de verwelkoming van de Tsjeljoesjkins, met Stalin en Maksim Gorki onder het publiek, en op 1 mei 1935). Voor de noodlottige vlucht van 18 mei waren medewerkers met familieleden uitgenodigd van het Tsentralny Aerogidrodinamitsjeski Institoet, het door Anton Toepolev geleide constructiebureau dat de ANT-20 had ontworpen. 

Het toestel werd begeleid door twee vliegtuigjes, met in één daarvan een cameraploeg. Vermoedelijk onder druk gezet, voerde de piloot van het andere vliegtuigje voor een mooi shot een looping uit. En dat ging mis. Zijn toestel boorde zich in de ANT-20 Maksim Gorki en beide vliegtuigen stortten neer. De ANT-20 kwam deels terecht op een boerenhuis, waar twee mensen om het leven kwamen. Zij zaten, schrijft De Saint-Exupéry, net aan de thee.

De ANT-20 was bedoeld als concreet propaganda-instrument: de drukkerij kon brochures drukken die na de landing in verre oorden konden worden uitgedeeld. Ook was er een projector aan boord waarmee ter plekke films konden worden vertoond. Overwogen was om de wolken als projectiedoek te gebruiken, maar dat bleek technisch lastig. En uiteraard was het toestel op zich al een prachtig uithangbord, dat liet zien waartoe de Sovjetunie allemaal in staat was. De Saint-Exupéry: “…l’U.R.S.S. perd la meilleure preuve qu’elle possédât de la vitalité de sa jeune industrie.”    
De Fransman schrijft ook dat de ANT-20 Maksim Gorki op de fatale vlucht heen en weer naar Leningrad had moeten vliegen. Was dat gebeurd, en het toestel had over het centrum van de stad in het noorden gevlogen, dan was het tafereel dat Vasili Koeptsov op zijn schilderij van 1934 uitbeeldde, alsnog werkelijkheid geworden: de ANT-20 Maksim Gorki die over het Paleisplein vliegt.

Vasili Koeptsov - De ANT-20 Maksim Gorki (1934)

---------------

(Antoine de Saint-Exupery ontsnapte een half jaar na zijn Moskouse vlucht nogmaals aan de dood; hij overleefde een crash in de Libische woestijn. Maar zijn geluk was niet oneindig. Hij verongelukte op 31 juli 1944, nadat hij was opgestegen van Corsica voor een verkenningsvlucht.)

Het vliegtuig stortte neer, de schilder verhing zich. Het lot van Vasili Koeptsov en de ANT-20.

------------------------

Het is een van de leukste schilderijen in het Russisch Museum in Sint-Petersburg, met die titel die de trots op de technologische vooruitgang in de USSR zo mooi koppelt aan de naam van de meest gevierde schrijver uit die jaren: De ANT-20 Maksim Gorki. Het doek is van de schilder Vasili Koeptsov (1899-1935), die een grote voorliefde had voor alles wat vloog. Het toestel dat hij hier afbeeldde, de Maksim Gorki dus, heeft echt bestaan (al vloog het nooit, zoals op het schilderij, boven Leningrad), maar stortte door toedoen van een overmoedige piloot al na een paar  vluchten neer. En met Vasili Koeptsov liep het ook slecht af.

Eerst maar even die schilder. Koeptsov volgde in zijn geboorteplaats Pskov een opleiding aan de Nikolaj Fan-der-Flit School (Школа художественно-ремесленная им. Н.Ф. Фан-дер-Флита), een kunstzinnige vakopleiding, genoemd naar een vooraanstaande overheidsdienaar met een groot hart voor cultuur (en, uiteraard, met zo’n naam, een nakomeling van Hollandse immigranten, die in de 18de eeuw arriveerden in Archangelsk). Koeptsov volgde er de mozaïek-opleiding, wat goed te zien is in zijn latere schilderwerk. Zijn liefde voor de luchtvaart werd mogelijk aangewakkerd toen hij op het vliegveld van Pskov van dichtbij een Ilja Moeromets aanschouwde. Dat type vliegveld gold rond de Eerste Wereldoorlog als een wonder van techniek.

In 1918 zette Koeptsov zijn opleiding voort aan de Kunstacademie van Sint-Petersburg. Hij nam deel aan tentoonstellingen en raakte beïnvloed door Pavel Filonov en diens revolutionaire Analytische Methode. De band met de nogal anarchistisch ingestelde Filonov zou voor Koeptsov heel vervelend uitpakken.

1 Mei (1929)

Weefster (jaartal onbekend)

Vliegtuigen. Zaaien vanuit de lucht (1931)

Koeptsov is een van de weinige schilders die veel werk wijdde aan de luchtvaart. Helaas is het lastig oordelen over de precieze plaats van dat thema in zijn werk, want (afgaand op wat ik aantref op internet) zijn zo’n beetje al zijn schilderijen verdwenen. Na zijn dood belandden 150 werken in een museum in Pskov, dat tijdens de Duitse bezetting werd geplunderd. Waar Koeptsovs schilderijen zijn gebleven, is niet bekend. En dat is werkelijk doodzonde, want wat zijn de vijf doeken die ik tegenkwam, prachtig. Drie daarvan zijn inderdaad gewijd aan de luchtvaart. (Ik trof ook nog een zelfportret aan, helaas alleen in zwart-wit). *)

Zeppelin (1933)

Wat gebeurt er allemaal niet op het schilderij met de zeppelin, hier links! Kijk eens naar de kleuren op de wolken. Geen idee waar die door worden opgeroepen, maar wat geeft het. En die twee onderste vliegtuigen - daar heeft Koeptsov zich dusdanig op uitgeleefd, die zou je nu kunnen tegenkomen in een winkel met modern design-speelgoed. Ik tel twaalf vliegtuigjes die rond de statige zeppelin buitelen, maar misschien mis ik er nog eentje.  

De ANT-20 Maksim Gorki  - op het schilderij boven aan dit stuk - vliegt boven het Oeritski plein (zo heette het Paleisplein in het jaar dat Koeptsov het schilderij maakte), waar colonnes feestvierende burgers voorbijtrekken aan het Winterpaleis. Jammer dat het Lenin stadion (het huidige Petrovski stadion) net niet te zien is. Wat mij intrigeert zijn die platte, oranje rechthoekjes aan het eind van de linkervleugel en rechts tussen de voor- en achtervleugels. De mozaïek-achtige blokjes hangen zo te zien aan parachutes. Ze zullen enig gewicht hebben gehad. En dat gewoon boven de stad? Het zal dan niet zonder gevaar zijn geweest.

Bekend is dat Koeptsov in 1935 aan schetsen werkte voor een schilderij met de titel De Bolsjewieken bestormen de hemel. Het is er nooit gekomen. Op 10 oktober werd er  huiszoeking bij hem gedaan, vermoedelijk vanwege zijn banden met de allang van het ‘rechte pad’ van het socialistisch-realisme afgeweken Filonov. Diens Ideologie van de Analytische Methode, door Koeptsov met de hand overgeschreven, werd in beslag genomen, evenals boeken van Bakoenin en Kropotkin. De angst voor een arrestatie werd Koeptsov te veel en hij verhing zichzelf.

Met de door Koeptsov vastgelegde ANT-20 ging het ook al helemaal fout. Als je mystiek bent aangelegd – wat ik niet ben – zou je kunnen zeggen dat de kleine vliegtuigen die op het schilderij meevliegen met de luchtreus, daar al naar verwijzen.

Alles over het kille einde van de ANT-20 (plus een verrassende 'gast') leest u in deel 2.   

----------

*) Uit catalogi van tenstoonstellingen zijn nog wel meer titels bekend, maar de schilderijen zelf zijn (nog) niet gevonden.   

Hoe ik mijn foto uit Odessa plots tegenkwam op een Russisch schilderij.

--------------

Ik kon moeilijk iets anders denken, toen ik bovenstaand schilderij van Nikolaj Galachov zag: dat lijkt die foto wel, die ik vorig jaar maakte vlak bij Odessa:


Het was een mooie septemberdag die op haar einde liep. Ik was op weg van Vilkovo naar Odessa, toen ik – we waren bijna bij de buitenwijken van de stad - door de voorruit van onze auto die vrachtwagen zag met, denk ik, een groepje landarbeiders voor wie de werkdag erop zat. Ze zijn zomers gekleed en hun vrachtwagen rijdt op een mooie, drukke snelweg (de foto hierboven is een heel kleine uitsnede), maar verder is de overeenkomst met Galachovs vrachtwagen op een besneeuwde weg ergens in Rusland opmerkelijk.  

Ik kwam het schilderij tegen op de site van een zekere Ann, bij wie ik af en toe even - virtueel - langsga, omdat ze met grote regelmaat mooie overzichtjes plaatst van Sovjetschilderijen.

En ik dacht verder: zou ik in mijn onschuld meer foto’s hebben gemaakt die lijken op een Russisch schilderij? Dat was het begin van een zoektocht, met een bescheiden resultaat. Om niet helemaal te verzuipen in alles wat er deze en vorige eeuw in Rusland zoal geschilderd is, beperkte ik me tot wat ik aan schilderijen aantrof bij Ann. Ik heb op haar site tweeënhalf jaar teruggebladerd en kwam een aantal werken tegen die me ook deden denken aan een van mijn foto’s. Eén keer was de overeenkomst net zo treffend als bij de twee vrachtwagens hierboven, of eigenlijk nog treffender:           

Aleksandr Kozlov - Scholiere (1970)

Aleksandr Kozlov - Scholiere (1970)

Sint-Petersburg 2015.

Maar verder zijn de gelijkenissen minder. Twee druppels water heb ik niet gevonden, terwijl die er toch echt zullen zijn.  Ik hou mijn ogen open, en kom ik er een paar tegen, dan vertoon ik ze in dit theater.  

Achmed Kitajev - Wij gaan het nieuwe leven tegemoet

Tynda, 2017

-------------------

Vjatsjeslav Zjemerikin - wegarbeiders (1980)

Moskou, 2012

--------------------

Aleksandr Bacharejev - Voor het feest (1981)

Sint-Petersburg, 2017

-------------------

Valentin Tsjekmasov - Conductrice (1973)

Oest-Koet, 2017

Wat ik al zei: een bescheiden oogst. De rode vlaggen staan op dezelfde brug, alleen stond de schilder met zijn rug naar de Petrus-en-Paulusvesting, die links op mijn foto te zien is. De conductrice op het schilderij is natuurlijk de moeder van die op mijn foto. En de meisjes in Tynda had ik liever ook in halflange zomerjurkjes gezien, maar nou ja. 

De verborgen schatten van het Kunstmuseum in Komsomolsk aan de Amoer - 2

--------------------

Nilkolaj Ivanov - Leninprospekt

Het was eigenlijk een zaaltje van niks, op de bovenste verdieping van het Kunstmuseum in Komsomolsk aan de Amoer, maar toen ik even vluchtig om me heen had gekeken, begreep ik: mijn dag is goed.

Wat ik zag waren werken, vooral aquarellen, van Nikolaj Vasiljevitsj Ivanov, precies uit de periode waar ik qua schilderkunst (en fotografie) zo’n zwak voor heb: de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw. Het eerste tafereel waar ik voor stilstond, was dit (met excuus voor de weerspiegeling – die witte vlek links. Schilderijen fotograferen is een vak apart):

Nikolaj Ivanov - Regenachtige dag. (1964?)

Ik voelde me meteen op mijn plek in dat zaaltje, want bij mij thuis hangt dit:

Antonina Romodanovskaja - Mistige dag. (1961)

Je zou bijna denken: als je even inzoomt op het doek van Romodanovskaja, kom je het tafereel tegen dat Ivanov heeft afgebeeld. Maar Romodanovskaja schilderde Moskou en Ivanov Komsomolsk aan de Amoer. Het gebouw met de bogen op de achtergrond op Ivanovs schilderij is het Cultuurhuis der Scheepsbouwers, gelegen aan het Plein van de Jeugd. Van dichtbij zag dat er, in de tijd van Stalin (dus voordat Ivanov het schilderde), zo uit:

Er is in de loop der jaren nogal wat aan gesleuteld en er zijn meerdere vleugels aan toegevoegd. Zo oogt het tegenwoordig:

---------------------

Over deze aquarel las ik in een artikel over de tentoonstelling het volgende: “Op dit schilderij, waarop het Scheepsbouwerspark is afgebeeld, staan veel mensen. We zien [rechts] de werkende fontein, met waterstralen die uit het beeld van het jongetje met de vis klateren. Vandaag de dag staat dat beeld er belabberd bij, en de fontein werkt al jaren niet meer.” Dat kan ik bevestigen. Ik wandelde door het park en zag daar die fontein. Nu houd ik wel van een beetje vergane glorie, maar dit is echt te veel van het goede.

-------------------

Ivanov was een chroniqueur van een jonge stad waar gebouwen verrezen die veel symbolische betekenis hadden. Hier werd met steen en cement letterlijk gebouwd aan de lichtende toekomst. Ivanov maakte een reeks tekeningen en aquarellen onder de titel: “Komsomolsk in aanbouw”. Daarvan kan ik er helaas maar weinig terugvinden. Dit, hieronder links, is er eentje. Welk gebouw erop staat, weet ik niet. Misschien wel Elektriciteitscentrale nummer 2, waar ik een mooi mozaïek op tegenkwam:

--------------------

Ik ging het zaaltje een paar keer rond en liet een enthousiaste reactie achter in het gastenboek. Maar nu, twee maanden later, zit ik met een onaf gevoel. In Komsomolsk aan de Amoer heb ik maar een bescheiden deel van Ivanovs werk gezien (het meeste zit in het museumdepot), op  internet is weinig te vinden en gegevens als jaartallen en locaties zijn onvolledig, deels ook doordat ik zelf daar in het zaaltje te weinig heb genoteerd en gefotografeerd. Ivanov behoort zeker niet tot de top van de naoorlogse Sovjet-schilders (Romodanovskaja, om maar iemand te noemen, sla ik hoger aan), maar zijn werk weerspiegelt wel een tijdperk – hoe eenzijdig ook door hem belicht. Ik zou er graag veel meer van willen zien. Daar komt nog bij dat ik me beter op mijn korte verblijf in Komsomolsk had moeten voorbereiden. Dan had ik minder lukraak door de stad gezworven en veel gerichter op zoek kunnen gaan naar al die gebouwen die de geest van een imposant, maar ook duister en beklemmend tijdperk weerspiegelen. Alleen al die kleine, losstaande, stenen woninkjes in een straat achter het hoofdgebouw van het centrale kampbestuur. Daar woonden de topfunctionarissen, op nog geen steenworp afstand van hun werk. De huisjes oogden nu knullig, bijna schattig – maar wat een ongenaakbare luxe en macht moeten ze indertijd hebben uitgestraald. Ik had daar graag een tijdje op een bankje gezeten, maar de bus waarin we zaten was de straat uit voor ik er erg in had.

Architectuurstudenten of –schrijvers die geïnteresseerd zijn in de verhouding tussen staat en architect, tussen ideologie en bouwwerk: ga naar Komsomolsk aan de Amoer. Het materiaal ligt er voor het oprapen. En gebruik dan niet alleen foto’s ter illustratie, maar ook de aquarellen van Nikolaj Ivanov.

Nikolaj Ivanov - Leninplein

Nikolaj Ivanov - Zicht op het Leninplein

Nikolaj Ivanov - Vrieskou

-----------------------

Nikolaj Ivanov werd in 1917 geboren in het dorpje Anna in de buurt van Voronezj. Hij volgde een technische opleiding en werkte voor bouworganisaties in Moskou en Sotsji. Hoe belandde hij in Ruslands Verre Oosten? Een collega-kunstenaar schrijft in zijn dagboek dat hij Ivanov na de oorlog in Komsomolsk aan de Amoer ontmoette en dat de schilder een geslagen indruk maakte. “Ook een voormalige gevangene, werd me later verteld.” Zou Ivanov inderdaad in een van de talloze kampen in en rondom de stad hebben gezeten? In een artikel over de tenstoonstelling las ik: “Hij moest het leger in, diende in het Verre Oosten en besloot daar voor altijd te blijven.” En op de tentoonstelling zelf las ik: “Toen kwam de oorlog, en dienst in het leger. Vijf jaar mocht Nikolaj Ivanov de kazerne niet verlaten (Пять лет Николай Иванов живет на казарменном положении).” Wat ik daarvan moet maken, weet ik niet.

Hoe dan ook, vanaf 1946 is Ivanov in dienst als vormgever bij onder meer bovengenoemd Cultuurhuis der Scheepsbouwers. In 1960 wordt hij hoofd van de kunstafdeling van de Scheepsbouwfabriek. Ondertussen ontwikkelt hij zich als kunstenaar en hij wordt lid van de Schildersbond. In juni 1965, wanneer hij in de natuur verblijft om te schilderen, wordt hij dodelijk getroffen door de bliksem.

Hier deel 1.